Splijtzwam indonesie

NA 32 JAAR despotisch nepotisme staat het regime van generaal Soeharto op bezwijken. De 76-jarige dictator, door zijn meest fanatieke aanhang ‘Pak Harto’ (onze vader) genaamd, is naar eigen zeggen al klaar voor een teruggetrokken leven. ‘Als ik niet langer het vertrouwen geniet, word ik een pandito (wijze) en kom ik dichter bij God’, zo sprak de islamitisch georiënteerde ex-Knil-officier nadat hij in Egypte hoorde van het massale oproer in het rijk waar hij zo lang met alle beschikbare middelen zijn Nieuwe Orde had gevestigd.

Maar het ligt eerder voor de hand dat hij, zoals zijn Filipijnse collega en lotgenoot Ferdinand Marcos voor hem, straks het hazepad zal moeten kiezen om het vege lijf te redden. Verleden week vrijdag maakten Australische media al melding van de vlucht van bijna de gehele familie Soeharto, die met enige vliegtuigen een veilig heenkomen naar een onbekende bestemming zou hebben gezocht, met medeneming van goud, juwelen en nog veel meer schoenen dan Imelda Marcos in haar wildste dromen in haar kast had staan.
Soeharto’s beloftes om tot hervormingen van ‘het meest corrupte land op aarde’ (aldus oppositieleider Amien Rais van de Islamitische Muhammadiyah-beweging) over te gaan, komen te laat. Zelfs Soeharto’s eigen mensen weten dat. De Associatie van Indonesische Moslim-Intellectuelen, nota bene voorgegaan door Soeharto’s vice-president, de in maart aangetreden hightech-goeroe B.J. Habibie, kenmerkte Soeharto’s plotselinge hervormingslust als 'vaag, te gering en te laat’.
Studenten in Jakarta demonstreren dagelijks en dragen portretten met zich mee waarop Soeharto als Hitler staat afgebeeld. Zij hopen op een cleane omwenteling, afgedwongen door de vrije markt en moderne communicatiemiddelen. 'Deze evolutie zal worden gerealiseerd door de markt en door de pers’, profeteerde Wimar Witoelar, nestor van het studentenverzet op Java. 'Ze zal verkondigd worden via internet.’
WAT BETREFT de steun van de 'vrije’ markt zit het wel snor. Althans, de nu zo snel verlopende omwenteling valt voor een belangrijk deel op het conto van het Internationale Monetaire Fonds en de Verenigde Staten te schrijven. Het IMF verleende de resoluut op een bankroet afkoersende Indonesische economie een krediet van 43 miljard dollar, maar verbond daar zulke zware eisen aan dat het in feite een regelrechte politieke aanslag op Soeharto was. De dictator moest bijvoorbeeld overgaan tot een dramatische stijging (met zeventig procent) van de brandstofprijzen, die de hongerige inwoners van Jakarta en daarbuiten weer deed ontbranden in collectieve razernij, het gevreesde 'rampokken’, met brandende winkelcentra en pogroms op de Chinese middenstand als resultaat.
Ook de Verenigde Staten, door de decennia heen de trouwste vriend van Soeharto, laten het nu afweten. Het Amerikaanse Congres ontving de afgelopen maanden de ene na de andere Indonesische oppositieleider. Zoals kort geleden nog studentenactivist Pius Lustralanang van de Universiteit van Jakarta. In februari werd de 30-jarige actievoerder op Java gekidnapped door leden van de militaire inlichtingendienst en gemarteld met stroomschokken. In Washington sprak hij het congres vermanend toe over het gevaar dat de Amerikanen over zichzelf afroepen als men zou volharden in steun aan Soeharto. Sindsdien regent het in de Amerikaanse pers onthullingen over geheime steunoperaties van de VS aan Soeharto. Zo bleek dat de VS de afgelopen vijf jaar 3,5 miljoen dollar hadden uitgetrokken voor trainingen van de Koppassus, de afdeling geheime operaties van het Indonesische leger. Het Congres reageerde getergd en weigerde het IMF extra miljarden te leveren voor de redding van de Indonesische economie.
HET VERZET blijft intussen niet beperkt tot Java. In bijna alle gebieden van de Indonesische archipel heerst opstand. In de Atjehse hoofdstad Medan op Noord-Sumatra, komen de studenten ook de straat op. De politie opende het vuur op de menigte, met zes doden als gevolg. In Sulawesi wordt ook gedemonstreerd. Zelfs op de Zuid-Molukken, waar Soeharto’s bikkelharde repressie-apparaat zo'n angst heeft gezaaid dat de mensen daar nauwelijks meer de straat op durven, zijn de studenten in het geweer gekomen. Zij boden de gouverneur van de eilanden een petitie aan waarin werd aangedrongen op zelfbeschikking. Ook hardere strijdvormen worden gemeld. Zo ging er al een ferry in brand. In Irian-Jaya, de gewezen Nederlandse kolonie West-Papoea, heeft de plaatselijke verzetsbeweging Organisatie Papoea Merdeka (OPM) nieuwe inspiratie gevonden in de onlusten in Jakarta.
Er dreigt kortom een totale desintegratie van het rijk dat Soeharto en Soekarno voor hem na de overwinning op de Nederlandse kolonisator onder de Javaanse knoet wisten te brengen.
Bevrijdingsbewegingen als het OPM van de Papoea’s en de RMS van de Molukkers ruiken een historische kans. Zij staan voor levensgrote dilemma’s. Moeten zij het ijzer smeden nu het heet is en met volle kracht een onafhankelijkheidsoorlog inzetten? Of spelen zij daarmee alleen maar het Soeharto-kamp in de kaart? In hoeverre zijn de komende nieuwe machthebbers in Jakarta genegen om de separatisten in de diverse gebiedsdelen te ondersteunen?
WAAR ALLES van afhangt, zijn de ontwikkelingen in Oost-Timor, de gewezen Portugese kolonie waar naar schatting al 200.000 mensen zijn omgekomen in de onafhankelijkheidsstrijd.
Timor werd door Jakarta ingepikt toen Portugal na de Anjerrevolutie van 1975 zijn koloniale praktijken beëindigde. Van alle separatistische bewegingen in de Indonesische archipel staat het vanuit Lissabon opererende Timorese Bevrijdingsfront van de Nobelprijswinnaars Ramos Horta en bisschop Belo er het beste voor. De Verenigde Naties namen een resolutie aan waarin de bezetting van Timor als onrechtmatig werd betiteld.
Dat was alleen maar extra reden voor Soeharto’s schoonzoon Praburo Subiatho, momenteel getipt als nieuwe commandeur van de Indonesische troepen, om met Speciale Troepen dood en verderf te zaaien onder de Timorezen, daarbij fors geholpen door de Britse Aerospace-Hawkgevechtsvliegtuigen die de Britse regering - inclusief een RAF-opleiding voor de piloten - aan Soeharto sleet.
In het geval van Timor lijkt er in Jakarta goodwill voor de onafhankelijkheidsstrijders te leven. Amien Rais, de al eerder genoemde islamitische leider, sprak openlijk over de noodzaak om in Timor onder auspiciën van de VN een referendum uit te roepen over de vraag of de bewoners aldaar al dan niet aansluiting bij het nieuwe Indonesië begeren. In een vraaggesprek met de Portugese krant Diario de Noticias verklaarde Rais dat 'Oost-Timor beter af is onder Indonesisch beheer, maar als men daar toch wil uittreden, dan moet men dat doen.’ Rais verklaarde in ieder geval bereid te zijn tot onderhandelingen met bisschop Belo en sprak zich ook uit voor de vrijlating van Xanana GuzmaŸu, de leider van de Timorese guerrilla, die in Indonesische gevangenschap verblijft. 'Hij moet vrij, want hij geniet het vertrouwen van zijn eigen volk’, aldus Rais over GuzmaŸu.
Als leider van een 28 miljoen leden tellende moslimbeweging in het land met de grootste moslimpopulatie ter wereld, legt Rais genoeg gewicht in de schaal. Zijn uitspraken zijn dan ook niet minder dan een doorbraak. Megawati Soekarnoputri, dat andere belangrijke lid van de Indonesische oppositie, durfde tot nu toe nooit zo ver te gaan, uit angst dat de dreiging van het uiteenvallen van het Groot-Indonesische rijk Soeharto een gelegenheid zou bieden om in het zadel te blijven. Ook de Portugese regering - anders dan Nederland nog wel zeer betrokken bij de rechten van de voormalige kolonie in de Indonesische archipel - getroost zich zeer veel moeite om het Timorese verzet te steunen. De Portugese president Jorge Sampaio verklaarde deze week tijdens een bezoek aan koning Hassan II van Marokko dat het thema van de Timorese onafhankelijkheid niet ondergesneeuwd mag raken in de zorgen over de toekomst van Indonesië.
'NEDERLAND ZOU een voorbeeld kunnen nemen aan Portugal’, zo meent Han Polet, de nieuw aangetreden voorzitter van de organisatie Door de Eeuwen Trouw, een Hollandse pressiegroep voor autonomie voor de Molukken, West-Papoea en andere eilanden in de Indonesische archipel. 'Soms schaam ik me kapot een Nederlander te zijn, zo schijnheilig als onze regering omspringt met de mensenrechten in Indonesië.’
Door De eeuwen Trouw werd in 1950 opgericht door een gezelschap Hollanders, in de regel te vinden bij het gereformeerde volksdeel dat zich solidair verklaarde met het onafhankelijksstreven van de Republik Maluku Selatan (RMS), de Republiek van de Vrije Zuid-Molukken. Nadat president Soumokil van de RMS in de jaren zestig door de Indonesiërs was opgepakt en in Jakarta geëxecuteerd, maakte Door de Eeuwen Trouw zich sterk voor de RMS-regering in ballingschap in Nederland. Hier kreeg ir. Manusama, de onlangs overleden RMS-president, te maken met een spreekverbod. Door acties van Door Eeuwen Trouw werd daar een eind aan gemaakt.
Sindsdien fungeert Door de Eeuwen Trouw als een solidariteitscomité met de strijd der Molukkers, evenals die van de Papoea’s, de Atjehers, de Sulawesi etcetera. In de jaren zeventig had de actiegroep de warme belangstelling van de Binnenlandse Veiligheidsdienst, vanwege vermeende sympathieën met de Molukse treinkapers. Polet, in het dagelijks leven schade-expert bij een verzekeringsmaatschappij, is van mening dat de Nederlandse regering nu alles op alles moet zetten om de Molukkers en Papoea’s in hun streven naar zelfbeschikking een hart onder de riem te steken, net zoals de Portugezen dat in Timor doen. 'De Nederlandse regering is veel te afwachtend’, aldus het gewezen lid van het korps mariniers. 'Men denkt nog altijd dat Soeharto misschien aanblijft. Als men daar te lang in volhardt, is dat fataal voor de Nederlandse belangen in de hele Indonesische archipel. In feite is het al één voor twaalf.’
POLET VINDT HET op zijn minst hypocriet dat Van Mierlo het regime van Soeharto verleden week 'corrupt’ noemde, terwijl de minister van Buitenlandse Zaken samen met collega Wijers van Economische Zaken even tevoren nog in het gevolg van de vorstin op handelsreis ging naar Jakarta. Ook het een maand durende bezoek in 1996 van prins Bernhard aan zijn buddy Soeharto was niet bepaald bevorderlijk voor eventuele pro-Nederlandse sympathieën bij de Indonesische oppositie, zo meent Polet. 'De Nederlandse koopmansgeest maakt dat onze regering te bang is om uitspraken te doen over de toestand in Indonesië. Maar die voorzichtigheid kan zich ook tegen Den Haag keren.’
Polet en zijn organisatie durven wel. Door de Eeuwen Trouw houdt contact met alle bevrijdingsbewegingen in de archipel. Polet: 'Men doet weleens schamper over de Papoea’s in Nieuw-Guinea, maar die zitten wel gewoon met een notebook en een satellietverbinding in de jungle op het Internet om de nieuwste gegevens over hun strijd naar de buitenwereld te zenden.’ Polet ging zelf in 1995 naar Irian Jaya, West-Papoea. Hij signaleerde er massale destructietechnieken tegen het OPM: 'Er wordt gewerkt met napalm en ontbladeringsmiddelen. De Indonesische bezetter permitteert zich de gruwelijkste strijdtechnieken, want er komt toch nooit een journalist bij. Het land is hermetisch afgeschermd. Soeharto liet zijn luchtmacht in grote delen van het eiland een zee van glasscherven lossen, om het verzet tegen te werken.’
Volgens schattingen van het OPM zelf is een derde van de bevolking al om het leven gekomen omdat voedseltransporten door het Indonesische leger systematisch werden tegengehouden. Polet: 'Het Indonesische leger is helemaal hard tegen de OPM-strijders te keer gegaan nadat de Papoea’s in 1996 waren overgegaan tot gijzeling van twaalf natuurwetenschappers van het Wereld Natuur Fonds. Die twaalf zijn overigens allemaal veilig teruggekeerd. Prins Bernhard ging als WNF-godfather onder meer naar Soeharto om over de zaak te onderhandelen.
Wat in Nederland nooit bekend is geworden, is dat die WNF'ers in Irian Jaya werden misbruikt voor propagandistische doeleinden. Zij waren gekomen om namens hun duistere club een rooskleurige rapportage te maken over de gigantische vervuiling rondom het gebied van de kopermijn Freeport op de Ertsberg. Als gevolg van die vervuiling zijn er volgens OPM-leider Kelly Kwalik al tienduizenden mensen gestorven. Vandaar die kidnap-actie. Overigens staat de regio straks nog meer onheil te wachten. Door El Niño dreigen de rijstoogsten van augustus te mislukken, en dat brengt miljoenen mensenlevens in gevaar.’
VOLGENS POLET is het de hoogste tijd dat de verzetsgroepen in de Indonesische archipel de krachten bundelen. Door de Eeuwen Trouw wil als intermediair optreden. Voor dat doel werd er afgelopen maandag in Utrecht een samenkomst belegd waarbij onder meer vertegenwoordigers van de RMS en het OPM, opererend vanuit Nederland, en de vanuit andere Europese landen werkende bevrijdingsorganisaties van Atjeh, Sulawesi en Timor acte de présence gaven.
Polet: 'Ik kan niet te veel kwijt over onze militaire strategie. Maar ik verzeker dat we over heel wat contacten beschikken. Er zou coördinatie moeten komen in de guerrilla-oorlogen op de diverse eilanden. Een speldeprik hier, een speldeprik daar, dat zou de strategie moeten zijn. Door het op elkaar af te stemmen zou men tot betere resultaten kunnen komen dan als men op zijn eigen houtje werkt. Het doel moet zijn het tot op de grond toe afbreken van de macht van het Soeharto-regime. Of men dan uiteindelijk geheel zou moeten uittreden uit de Indonesische machtssfeer waag ik te betwijfelen. Zelfbeschikking zou gegarandeerd moeten worden, maar ik persoonlijk denk dat de diverse eilanden beter af zouden zijn in een nieuw te creëren federatief verband, zoiets als de Verenigde Staten van Indonesië.’
IN HET HOOFDKWARTIER van de RMS in Capelle aan den IJssel is men vooral terughoudend. Frieda Souhuwat, minister van Buitenlandse Zaken van de regering in ballingschap, is bang dat een al te hevige dosis retoriek over een op handen zijnde bevrijding van de Molukken zich uiteindelijk tegen de zaak zal keren. 'Aan radicaal geschreeuw hebben we nu niets’, zegt zij. 'Het belangrijkste voor ons moet zijn om plunderingen en andere vormen van anarchie te voorkomen.’
RMS-premier in ballingschap John Wattilete, een Amsterdamse advocaat, roept al evenzeer op tot het bewaren van de kalmte. 'Dat er nu op de Molukken weer wordt gedemonstreerd voor zelfbeschikking is al een doorbraak van jewelste’, meent hij. 'De plaatselijke bevolking heeft zich sinds de genadeloze onderdrukking van de RMS in 1950 eigenlijk niet meer uit durven spreken. Men leefde onder druk van een omvangrijk Stasi-achtig verklikkersapparaat. Twee maanden geleden was ik op Ambon om de toestand te inventariseren. Het bleek toen dat de inlichtingendienst van Soeharto op grote schaal RMS-aanhangers had gearresteerd. Niemand had verwacht dat de studenten van Ambon nu toch tot protestacties durven over te gaan. Het is een doorbraak.’
De afgelopen dagen was er een gezamenlijke demonstratie van de drie universiteiten op Ambon. De studenten leverden bij het gouvernement een petitie in waarin uitdrukkelijk werd geëist dat de Molukken voortaan werden bestuurd door mensen van de eilandengroep zelf in plaats van door buitenstaanders. Wattilete: 'Weliswaar erkennen de studenten in die petitie nog steeds de Indonesische eenheidsstaat, maar er zit in ieder geval weer schot in de zaak. Het zou onverstandig zijn als de RMS nu zijn stempel op de ontwikkelingen drukt. Dat hebben we onze mensen daar ook te kennen gegeven, hoewel die wel volop betrokken zijn bij de diverse acties.’
Of Polets Door De Eeuwen Trouw een rol kan spelen in de coördinatie van het pan-Indonesische verzet, waagt Wattilete overigens te betwijfelen. Daarvoor vindt hij de organisatie, ondanks de bewezen steun, toch te veel rieken naar neo-koloniale sentimenten. Volgens de RMS-premier kunnen de diverse rebellerende eilanden het beste terecht bij de Unrepresented Nations and People Organization (UNPO) in Den Haag, de alternatieve Verenigde Naties voor ontheemde en onderdrukte volkeren. Wattilete: 'Op diplomatiek niveau zou er beter door de UNPO kunnen worden onderhandeld namens de diverse volkeren.’
DAT HET MOLUKSE onafhankelijkheidsstreven in Jakarta nog steeds als uiterst gevaarlijk wordt beschouwd, blijkt volgens Wattilete uit de bedreigingen die de RMS-regering in Nederland krijgt. Voor de herdenking van het uitroepen van de Molukse Republiek in de Haagse Houtrusthallen op 25 april jl. kregen enkele RMS-kopstukken doodsbedreigingen binnen. In de Nederlandse pers werd gesuggereerd dat die bedreigingen afkomstig waren van radicalere voorstanders van de Molukse autonomie. Maar Wattilete waagt dat te betwijfelen. De lange arm van Soeharto zou die dreigbrieven evengoed hebben kunnen schrijven.
VOOR DE MENSEN van Organisatie Papoea Merdeka (OPM), de regering in ballingschap van Irian Jaya, West-Papoea, is er geen twijfel: de strijd tegen de Indonesische bezettingsmacht zal met militaire middelen moeten worden uitgevochten. De voorzitter van het OPM, de oud-militair Seth Rumkorem, heeft nooit het resultaat van de 'volksraadpleging’ willen accepteren waarmee de bewoners van West-Papoea zich eind jaren zestig bij Indonesië voegden. Die volksraadpleging, in 1969 gehouden onder leiding van de Amerikaanse minister Bunker, was doorgestoken kaart omdat de kiesmannen onder de Papoea’s hun keuze in gevangenschap moesten maken.
In 1971 proclameerde luitenant Rumkorem eenzijdig de vrije republiek Irian Jaya, die hij, na elf jaar in Athene te hebben verbleven, tegenwoordig vanuit Nederland bestuurt. Papoea-strijder Rumkorem is inmiddels oud en moegestreden, en is bovendien na zoveel teleurstellende ervaringen niet te porren voor een gesprek met de pers.
Zijn rechterhand D.A. Kereway wil wel spreken: 'Samenwerking tussen de diverse onafhankelijkheidsbewegingen zal er moeten komen’, meent hij. 'Al was het alleen maar gezien het enorme militaire apparaat van de tegenstander. Hoe machtig die is, bleek onlangs weer in West-Papoea. De Indonesische inlichtingendienst ging over tot het oprichten van een soort schaduw-OPM. Men ging de dorpen langs en gaf zich uit voor onafhankelijkheidsstrijders van het OPM. Als ze dan te eten kregen van de dorpelingen, ging men over tot exterminatie. Er hebben als gevolg daarvan ware mensenjachten plaatsgevonden. Een derde van de bevolking is al doodgeschoten, omgekomen bij bombardementen of gestorven door honger en ziekte. De buitenwereld weet niet hoezeer West-Papoea onder Jakarta heeft geleden. Organisaties als de Unpro kunnen ons niet veel helpen, die zijn uiteindelijk in principe tegen geweld. Onze hoop is nu gevestigd op de Indonesische oppositie. Organisaties als Tapol van oppositieleider Liem ondersteunen ons onafhankelijkheidsstreven. Daar hebben we meer aan dan het eeuwige gedraai van de Nederlandse regering.’
Minister van Algemene Zaken van de RMS Wattilete sluit zich daarbij aan: 'De Nederlandse regering doet nog steeds aan struisvogelpolitiek. Van Mierlo zegt nu dat hij de val van Soeharto al lang heeft zien aankomen vanwege de excessieve corruptie, maar van die kritische houding is in het recente verleden niets gebleken. Men wilde toch vooral aan Soeharto verdienen. Pressie dorst men niet uit te oefenen, want de Hollandse koopman moet eerst zien voordat hij wil geloven. En nu doet Van Mierlo opeens alsof de val van Soeharto voor Den Haag al vaststond toen hij en Wijers daar samen met an Timmer opdrachten binnenhaalden voor het Nederlandse bedrijfsleven. Nee, de Nederlandse regering heeft de afgelopen dagen niet aan geloofwaardigheid gewonnen.’