Sporen van vernieling

Ontdaan van zijn Oeteldonktooi is Den Bosch een ontzagwekkende stad. Hoewel de uitzonderlijke Weense Biedermeiertentoonstelling in het Noordbrabants Museum aansluiting bij Midden-Europa lijkt te zoeken, profileert de stad zich nadrukkelijk als de toekomstige hoofdstad van het zuiden. Intratevegenale injecties jagen de adrenaline door de harten van regionale Europese centra en de nieuwe Internationale krijgt gestalte.

Behalve Maastricht, waar een snackbar al sinds jaar en dag een frituur heet, schuift ook Den Bosch een eindje richting Parijs op. Het hart van Den Bosch omvat economisch gesproken het gebied rond het station, waar een ‘stijlvol appartementencomplex met een klassieke uitstraling’ La Cour gaat heten en een kantoortoren La Tour. Op een La Gare genaamd terrein verrijst bovendien een immens Paleis van Justitie, ontworpen door de Luikse architect Charles Vandenhove (is Delacour - onbedoelde toespeling?).
Voertuig der volkeren is wederom de Nederlandse Spoorwegen, in nauwe samenwerking met gemeentelijke overheden en projectontwikkelaars schepper van grootstedelijke woestenijen als Utrecht, Leiden en Den Haag CS.
De sporen naar de volgende eeuw gaan volgens de NS zo'n beetje allemaal over Den Bosch lopen, wat ingrijpende uitbreiding noodzakelijk maakt. Het oude negentiende-eeuwse stationsgebouw was in 1944 verwoest, zodat een geheel nieuw gebouw verrees voor de oude perronsoverkappingen. De architect, Sybold van Ravesteyn, had door zijn overgang van modern functionalisme naar een decoratief, half barok klassicisme een periode van kwaadaardig spottend doodzwijgen over zich afgeroepen die pas sinds kort hier en daar wordt doorbroken. In 1977 heette het nog: 'De Van Ravesteyn-expres leidde nergens anders heen dan naar het niemandsland der modieuze decoratie.’ Twaalf jaar later werd wat voorbarig gesproken van een 'Van Ravesteyn-revival’. In de tussentijd heeft de NS slagvaardig gebruik gemaakt van de hoog opgehaalde schouders en de bijl gezet in Van Ravesteyns stations. Utrecht en Gouda zijn al van de aardbodem verdwenen zonder dat iemand een traan liet om het architectonisch aanzien van de laatste 'klassieke’ stationsgebouwen, in de vorige eeuw gebouwd als de nieuwe poorten van de stad.
Den Bosch volgt eind deze maand. De woedende protesten van verontruste burgers en monumenteninstanties gelden echter alleen de oude perronkappen van Van Heukelom uit 1896: bij de sloop van het te klein geworden stationsgebouw leggen alle betrokkenen zich neer. De acties, aangezwengeld door de Bond Heemschut, hebben tot behoud van perron 2 en, bij de rechtbank in Breda verleden week, tot waarschijnlijk behoud van perron 1 geleid.
Enkele jaren geleden legde minister D'Ancona adviezen tot plaatsing op de Rijksmonumentenlijst van de Bond Heemschut, de Raad Cultuurbeheer en de Rijksdienst Monumentenzorg naast zich neer, ook al voldeden de perrons aan alle monumentencriteria; plaatsing zou 'het NS-beleid frustreren’.
Voor de rechter moest de NS verleden week echter schoorvoetend ontkennen dat het nieuwbouwproject en de bedrijfsvoering ernstig gefrustreerd zouden worden door plaatsing op de monumentenlijst. De ware reden is dat ergens in de volgende eeuw (!) de supersneltrein van Maastricht naar Amsterdam niet langer in Den Bosch stopt, en om de trein niet af te hoeven remmen op het smalle middenspoor, moet perron 1 opschuiven. De rechter achtte een sloopvergunning voor het derde millennium wel erg voorbarig. Een monument kan tegenwoordig altijd nog worden gesloopt, dank zij het 'sloopartikel’ in de Monumentenwet.
Een vierjarig, vierjaarlijks overleg met de Bond Heemschut heeft de sloopwoede van de NS in beheerste banen geleid. Sinds eind jaren tachtig wordt alleen het bestaande sloopprogramma afgewerkt. En dat zijn er nog drie.
In de film The Belly of an Architect laat Peter Greenaway de acteurs applaudisseren voor het Pantheon in Rome: goede architectuur verdient immers bijval. Handjeklap tussen NS en gemeenten zal er voor zorgen dat na Den Bosch ook de stations van Amersfoort en Woerden geen hand meer op elkaar krijgen.