Profiel: Joost Eerdmans

Spreekstalmeester van de LPF

Publieke personen die boetes van veroordeelden betalen, zijn volgens minister Donner van Justitie «bezig geweld om het geweld te legaliseren». De schrobbering van de minister, vorige maand in het parlement, bleek niet zozeer bestemd voor prins Bernhard, die een boete van twee Albert Heijn-medewerkers betaalde, maar voor het kamerlid Joost Eerdmans.

Meteen nadat de supermarktemployees uit Amsterdam-Oost andermaal het recht in eigen hand hadden genomen, verkondigde de LPF-afgevaardigde immers dat hij, in navolging van de prins, zich garant wilde stellen voor eventuele financiële consequenties van hun juridische vervolging. In het door hem aangevraagde interpellatiedebat gaf Eerdmans aan het discutabele optreden van belaagde middenstanders te willen billijken. «Gepast geweld» uit defensieve overwegingen zou toegevoegd moeten worden aan het juridische begrip «noodweerexces». De Kamer reageerde overwegend negatief op het pleidooi, maar Eerdmans had, enkele dagen voor aanvang van het zomerreces, toch mooi weer de publiciteit gehaald.

En alsof dat reces nog altijd niet is begonnen, stoomt Eerdmans gewoon door. Terwijl de meeste kamerleden met vakantie zijn of anderszins uit beeld, is Eerdmans nog vrijwel dagelijks aan het Binnenhof te vinden. Acht weken reces is volgens hem «veel te lang». «De problemen in het land gaan al die weken toch óók gewoon door», zegt hij desgevraagd. En dus is hij al de hele zomer spreekstalmeester van de LPF en zou men bijna vergeten dat Mat Herben formeel nog steeds de politiek leider is.

De veroordeling in hoger beroep van Volkert van der G. tot achttien jaar celstraf noemde Eerdmans namens de partij vorige week onvoldoende afschrikwekkend en dus «levensgevaarlijk». Met aftrek van strafvermindering zit Van der G. uiteindelijk immers «maar elf jaar» achter de tralies, peanuts voor iemand die moedwillig «de democratie om zeep wil helpen». Eerdmans zei te vrezen voor het recht op vrije meningsuiting. «Politici kunnen niet meer zeggen wat ze willen, waardoor we weer wegzakken in het moeras van gematigde opinies.»

Deze week deed Eerdmans wederom van zich spreken. Na een «Aanvalsplan tegen geweld» (heropvoedingskampen!), een «Aanvalsplan tegen bureaucratie» (halvering van het beleid!) en een «Plan van aanpak verandering werkwijze Tweede Kamer» (kortere debatten!), presenteerde hij afgelopen woensdag «tbs op de schop»; een «plan van aanpak» om andermaal de in zijn ogen slappe Nederlandse justitie te hervormen.

Juist in de week waarin de rechter besloot dat het ministerie van Justitie de langstzittende tbs’er Theo H. een soepeler behandeling moet bieden, verkondigde Eerdmans dat niet- begeleid verlof van tbs’ers moet worden afgeschaft, het begeleid verlof aan banden moet worden gelegd en zogeheten «longstayers» nooit meer de kliniek uit mogen. Als klap op de vuurpijl eist hij verplichte chemische castratie van seksueel psychopathische tbs’ers. Niet daders als Theo H., maar slachtoffers als Piet van Harpen, de Hagenaar die eerder dit jaar door een tbs’er werd omgebracht, krijgen bij crimefighter Eerdmans een naam. Hij poogt ze «een gezicht te geven» en loopt, waar mogelijk, vooraan in stille tochten te hunner nagedachtenis. Dit engagement geldt overigens niet alleen mensen, ook dieren hebben Eerdmans’ warme belangstelling. In februari van dit jaar liep hij met een boeket witte bloemen in de armen nog mee in een stille tocht voor de doodgeschopte hond Bronx.

Is dit nu populisme? Waarschijnlijk wel. Eerdmans is er althans niet vies van. «Als wij de partij van de onderbuikgevoelens zijn, dan is dat prima», concludeerde Joost Eerdmans tijdens zijn tweede maand als kamerlid voor de Lijst Pim Fortuyn in Vrij Nederland. Nieuw is dat wel voor hem: «Ik moet toegeven dat ik vroeger ook dacht: laat de mensen met de meeste deskundigheid het land besturen en de rest maar luisteren. Maar de politiek is van ons allemaal.»

Want wie had gedacht dat de brave gemeenteambtenaar Bernard Johannes Eerdmans (Harderwijk, 1971) van het CDA naar de LPF zou overstappen? Zijn christen-democratische mentor Hans Hillen in elk geval niet. Het oud-kamerlid was «stomverbaasd» toen Eerdmans, die zich voor de kamerverkiezingen van 2002 een plaatsje had verworven op de kandidatenlijst van het CDA, in maart van dat jaar opeens de overstap naar de LPF maakte. De 53ste plaats die de CDA-top voor Eerdmans in gedachten had, was hem te mager. «Woest» was Eerdmans, zegt Hillen nu. «Maar als Joost wat meer vertrouwen in het CDA had gehad, dan was hij na de laatste formatie gewoon in de Kamer gekomen.»

Bij het CDA maakte Eerdmans gestaag car rière. Van 1995 tot 1996 was hij na zijn Rotterdamse studie bestuurskunde enige tijd medewerker van Hillen. In een televisiedocumentaire uit die tijd wordt Eerdmans bij de IRT-debatten zelfs Hillens «ghostwriter» genoemd. Onder eigen naam publiceerde Eerdmans artikelen in de landelijke dagbladen. Zoals, geheel des CDA, een betoog tegen de gekozen burgemeester en directe democratie. «Keuze levert niet altijd kwaliteit op», stond in 1999 boven zijn artikel in Trouw. Twee maanden geleden publiceerde Eerdmans andermaal een artikel over dit onderwerp, nu onder de kop «De burger telt wéér niet mee». De nieuwe Eerdmans hekelde kroonbenoemingen en schreef, met de gesneefde burgemeester van Leeuwarden in gedachten, dat «deze politieke koehandel geen garantie op kwaliteit is».

De overstap van Eerdmans naar de LPF werd in het CDA, klaarblijkelijk niet ten onrechte, uitgelegd als je reinste opportunisme. Hillen: «Joost is nogal Sturm und Drang. Hij vindt zichzelf zó goed dat het hem bevreemdt als hij geen voorrang krijgt.» Zelf kwam Hillen jaren geleden op plaats 64 van de CDA-kandidatenlijst terecht. Toen had hij al een carrière bij het NOS Journaal en als ministerieel directeur voorlichting achter de rug. Eerdmans was een paar jaar Justitie-ambtenaar geweest en, tot mei vorig jaar, secretaris van de Rotterdamse burgemeester Opstelten. In zijn vrije tijd lobbyde hij wat voor Futur, een organisatie voor jonge ambitieuze ambtenaren waarvan hij voorzitter was. («Met veel plezier lees ik De Groene Amsterdammer, maar helaas tref ik niet al te vaak artikelen over jonge ambtenaren, wat hen bezighoudt, hun drijfveren, hoe zij de toekomst zien», mailde de nog volslagen onbekende Eerdmans in augustus 2001 aan de redactie van dit weekblad.)

Hillen poogde Eerdmans af te remmen. «Een diamant die niet goed is geslepen, verkoopt niet. Maar Joost wilde het niet horen. Hij vertrok. Aan de ene kant heb ik bewondering voor zijn toewijding, maar tegelijkertijd vraag ik me af of de LPF wel een goede leerschool is. Met dat verhaal over winkeldieven zie je hoe ondoordacht hij te werk gaat. Hij wilde een signaal afgeven, zei hij. Maar de wet ís geen signaal. Als hij meer geduld had gehad, dan was hij in het CDA misschien een heel groot politicus geworden.»

Eerdmans werd na mei vorig jaar meteen fractiesecretaris en namens de LPF lid van het presidium van de Kamer. Daarover was in de fractie volgens oud-kamerlid Jim Janssen van Raay geen enkele discussie. «Ik vond mezelf te oud, Joost was de enige andere die wist wat de griffie doet.» Collega Olaf Stuger: «Hij wist dat de fractiesecretaris geen secretaresse is.»

Op miraculeuze wijze slaagde Eerdmans erin niet betrokken te raken bij de opeenvolgende conflicten in de aanvankelijk 26-koppige fractie. «Joost had als secretaris toen niet de ambitie fractievoorzitter te worden, zoals veel anderen», aldus Janssen van Raay.

Bij de verkiezingen van 22 januari dit jaar belandde de inmiddels wild bebrilde Eerdmans wegens bewezen diensten op de tweede plaats van de kandidatenlijst. En sindsdien is hij niet meer te stoppen. Nu het tbs-plan is gepresenteerd, gaat hij werken aan een «zwartboek» over de commissie-Van den Haak, die de beveiliging van Pim Fortuyn onderzocht. Begin september al moet «de waarheid op tafel», liet hij een verontruste Fortuyn-aanhanger afgelopen weekend per uitgelekte e-mail weten.

Het zal volgens ingewijden niet lang meer duren voordat de ijverige Eerdmans de plaats van Mat Herben inneemt. Jim Janssen van Raay vindt hem op dit moment in elk geval «politiek het meest interessante LPF-kamerlid». Maar ja, dat heeft hij natuurlijk vooral te danken aan zijn beleidsterreinen justitie en bestuurlijke vernieuwing. En aan Herben, die hem de vrijheid geeft. «Kijk», zegt Janssen van Raay, «Mat is een vliegtuigspotter. Daar weet híj weer alles van. Maar ja, dat speelt nu niet zo.»