Sport

Springen

Mensen willen springen. Mensen houden van springen. Hoog, ver, polsstok, hinkstap – als er gesprongen kan worden staan wij vooraan. Misschien wil de mens springen omdat dat hem dichter bij God brengt (remember Babel), wellicht omdat hij het niet kan laten die hopeloze strijd tegen zijn grootste tegenstander, de zwaartekracht, te blijven voeren. Tegen beter weten in, want hij verliest altijd. Dus kijken we maar wie de natuur het best kan trotseren.

Dat gaat ook weer gebeuren op de Spelen. Die komen eraan. We zijn er vroeg bij, maar dat moet wel, want straks is er geen kaartje meer te krijgen, of hooguit een slechte staanplaats. Het duurt nog exact zes maanden voor ze van start gaan, de Spelen van 2008. Nog 185 nachtjes slapen en dan beginnen in Yellowknife, Northwest Territories, Canada, de twintigste Arctic Winter Games, de Arctische Winterspelen.

Van 9 tot 15 maart vindt de high profile circumpolar sportcompetitie voor northern en arctic atleten plaats. De Spelen bieden een mogelijkheid ‘de ontwikkeling van de sport in de deelnemende landen te versterken, de zegeningen van sport te promoten, banden aan te halen, samenwerking aan te gaan, cultuur en kennis uit te wisselen’.

De belangrijkste en aantrekkelijkste sporten op de Spelen zijn de Inuit-spelen, traditionele sporten uit de Eskimo-cultuur. Er worden er elf beoefend. Eskimo’s blijken ook graag te springen, en van springen te houden. Er wordt bijvoorbeeld gestreden om goud, zilver en brons op de onderdelen Kneel Jump, Triple Jump en Sledge Jump.

Bij de Knielsprong moet de atleet zo ver mogelijk springen vanuit een knielende positie, met de handen op de knieën. De Driesprong bestaat, inderdaad, uit drie sprongen achter elkaar, waarbij de voeten niet meer dan een schouderbreedte uit elkaar mogen wijken. Bij de Sleesprong springt de atleet over tien sleeën – authentieke, klassieke Eskimo-sleeën – die achter elkaar zijn geplaatst met ruimtes ertussen, maakt in één sprongbeweging rechtsomkeert en gaat weer terug, springend.

Behalve van deze springonderdelen kunnen we gaan genieten van het Armtrekken, de Enkelvoets Hoogschop, de Dubbelvoets Hoogschop, het Enkelhands Reiken, het Knokkelhoppen, Vliegtuig, Hoofdtrekken en de Alaskaanse Hoogschop.

Bij het Armtrekken haken de opponenten de armen in elkaar terwijl ze tegenover elkaar op de grond zitten en met de linkerhand de rechterenkel van de tegenstander vasthouden. Het doel is vervolgens om de ander omver te trekken.

Bij de Enkelvoetse Hoogschop moet de atleet een doelwit dat in de lucht hangt raken met één voet en dan landen op diezelfde voet, zonder het evenwicht en de controle te verliezen. Met twee voeten tegelijk kan dus ook. Het schopdoel wordt steeds een paar centimeter hoger gehangen en zo wordt het een afvalrace.

De deelnemers aan het Knokkelhoppen moeten kikkersprongsgewijs (‘hoppend’) op hun tenen en vingerknokkels een zo groot mogelijke afstand afleggen. Dat geldt ook voor het Vliegtuig, waarbij de atleet plat op de grond gaat liggen, op zijn buik, in een gekruisigde positie en vervolgens door vier assistenten wordt opgetild aan handen en voeten (vijftig tot tachtig centimeter boven de vloer) en met een constante snelheid (nog steeds in liggende gekruisigde positie) voort wordt gedragen. Als zijn lichaam verslapt en doorzakt of zijn armen beginnen door te buigen, laten ze hem vallen. Wie het verst komt voordat hij valt, wint. Deze sport is alleen voor mannen, net als het Knokkelhoppen en het Hoofdtrekken.

Dat laatste is natuurlijk ook niet echt iets voor vrouwen. Twee atleten liggen plat op de grond, tegenover elkaar, neus naar de grond. Tussen hen in is een lijn getrokken. Er wordt een lange band over hun beider hoofden geplaatst, net boven de oren. Ze komen omhoog, richten zich half op alsof ze zich gaan opdrukken, waarna alleen hun handen en voeten de vloer nog raken. Dan beginnen ze achterwaarts te trekken met hun hoofd, waarbij alle lichaamskracht tot het uiterste wordt ingezet. De man die zijn tegenstander over de lijn trekt is de winnaar.

Deze keer is een van de meest prangende vragen of het oudste wereldrecord verbeterd gaat worden. Op het onderdeel Knokkelhoppen heeft Rodney Worl, uit Alaska, al sinds 1986 het record in handen. Hij kwam tot een afstand van 58,47 meter voordat de totale uitputting toesloeg. Bij het Vliegtuig is het wereldrecord 48,98 meter, van Makabe Nartok (Northwest Territories). Het is niet waarschijnlijk dat Rodin Roaldovich Taligin zijn wereldrecord bij het Sleespringen kwijtraakt: zijn 830 sprongen (voor de ineenstorting) lijken ongenaakbaar.

Waarom is er zoveel kouwe drukte over Peking 2008, en die Olympische Spelen daar?