Staartbijten

Voor de varkens zijn betere tijden aangebroken. De overheid gaat van hun probleemstallen prachtstallen maken. Vanaf begin deze maand moeten er in de overvolle varkensstallen voldoende speeltjes voor de bewoners aanwezig zijn. Varkens zijn namelijk intelligente en nieuwsgierige dieren die zich gaan vervelen als ze niet op onderzoek uit kunnen. Dan gaan ze elkaar de staart afbijten. Vandaar het verplichte varkensspeelgoed.

Toen ik het persbericht van het ministerie van Landbouw over de varkensspeeltjes onder ogen kreeg, overviel mij eerst een diep gevoel van wanhoop. Daarna sloeg mijn fantasie op hol. Ik zag serieuze mannen en vrouwen, die in al hun vrijheid op elkaar lijkende pakken en rokjes hadden aangetrokken, urenlang delibereren over allerlei eisen die vast en zeker óók nog eens gesteld zijn aan dat verplichte varkensspeelgoed. De een vond dat de dieren geen stukjes plastic mogen vermalen, een ander dat de kleur fluorescerend rood verboden moet zijn omdat de varkens daar hoofdpijn van krijgen en een derde wilde een verbod op smaakjes aan het speelgoed omdat dat de eetlust kan bederven, wat lastig is als de boer die beesten juist snel wil vetmesten. Het ministerie heeft het niet voor niets over beleid voor productiedieren. Ook zag ik hoe de dames en heren in hun Haagse vergaderzaaltje vaststelden hoeveel speelgoed er per varken in een stal moet zijn. Ze kwamen uit op 0,3 speelgoedje per dier.

Ik misgun de varkens hun nieuwe speeltjes niet. Ik vind óók dat die varkens elkaar de staart niet moeten afbijten. Maar was er nou werkelijk niemand op het ministerie van Landbouw die met zijn vuist op tafel sloeg en riep: ‘Zijn we nou helemaal gek geworden. Het probleem is dat we die dieren hebben opgesloten in overvolle stallen. Laat die varkens vrij. Geef ze de ruimte. Dan blijven ze van nature van elkaars staarten af.’

Nou weet ik sinds de uitbraak van gorilla Bokito dat mensen dierengedrag niet met menselijke interpretaties moeten beladen. Maar in het geval van de varkens lijkt me het omgekeerde een waarheid als een koe. Mensen zijn ook intelligente en nieuwsgierige wezens die zich gaan vervelen als ze hun omgeving niet kunnen onderzoeken. Die verveling uit zich in gedragingen die verdomd veel lijken op staartbijten.

Minister Ella Vogelaar van Prachtwijken onderkent het menselijke staartbijten. Ze wil er ook wat aan gaan doen. En zie, welk een eensgezindheid in het kabinet; zij denkt net als haar collega van Landbouw aan speeltjes, in dit geval jeugdhonken. Bij haar op het ministerie zou ook eens iemand met de vuist flink hard op tafel moeten slaan.

Er mag dan al sinds de Middeleeuwen worden gezegd dat stadslucht vrij maakt, maar op de grond in die stad vind ik die vrijheid maar minnetjes. Ik voel me er net als die varkens steeds vaker een gekooid dier. We zijn dan wel vrij te zeggen wat we willen, maar aan de vrijheid van meningsuiting hebben we niet genoeg. Ik wil ook de vrijheid die ruimte je kan bieden. Volgens mij zou het een hoop ellende schelen en in één moeite door de regelzucht beteugelen.

Ik zelf wil meer ruimte, zodat ik niet op de stoep hoef te gaan staan hannesen als ik mijn fiets schoonmaak, me constant verontschuldigend tegenover voorbijgangers omdat ik in de weg sta. Ook droom ik ervan om op zondagmorgen te kunnen gaan fietsen zonder door groepjes mannen op middelbare leeftijd van de weg geschreeuwd te worden, omdat zij er langs willen. Zoals ik ook zo graag zou willen dat ik op het einde van de middag gewoon eens vanuit de Randstad naar mijn moeder in Brabant zou kunnen reizen zonder in een ellenlange file te staan. Ik wil een bos in de buurt waarin ik kan wandelen zonder dat overal bordjes met verboden toegang staan en er alleen voorgekookte wandelingen zijn waarlangs bijna elke boom een voorgedrukt naamplaatje heeft. Zoals ik ook al ronddolend door de stad nog morsige rafelranden zou willen vinden waar niet alles aan een tekentafel is bedacht.

We zijn met ruim zestien miljoen mensen op dit kleine stukje aarde; dan laat je elkaar niet zo makkelijk in elkaars waarde. Daar helpen geen speeltjes tegen. Daarom zeg ik: kom op met die vergrijzing, laat krimpen die bevolking. Laat het gebeuren, kabinet. Zeg niet, net als die varkensboeren, dat het niet kan vanwege de economie. We zijn geen productiedieren. Latere generaties zullen u er eeuwig dankbaar voor zijn: eindelijk verlost van het staartbijten.