‘Zien jullie mij?’ De Zoom-vergadering van De Nieuwe Boekhandel op deze zaterdagochtend begint zoals bijna alle Zoom-meetings: met mimende gezichten, stemmen die roepen: ‘Je microfoon staat uit’, ‘Klik op join video!’ en onderbelichte gezichten met wijduitstaand haar. Veel ongewoner is dát er vergaderd wordt. Want boekhandels vergaderen niet. En al helemaal niet met hun klanten of zoiets als een dagelijks bestuur. ‘Bart, vertel, hoe ga je het aanpakken met het afhaalpunt?’ vraagt kinderboekenschrijver Aby Hartog, die de vergadering voorzit, aan bedrijfsleider Bart Leemhuis.

Leemhuis vertelt dat hij voor de click-en-collect-mogelijkheid die winkeliers nu wordt geboden, denkt aan een tafel voor de binnendeur zodat de klanten als ze hun boek komen afhalen in de portiek kunnen wachten. ‘Is dat verstandig?’ vraagt Monique Burger, als een van de weinigen helder uitgelicht voor een strak geordende boekenkast en een bos gele tulpen. ‘Want ik denk en hoop dat het heel druk wordt en dan heb je daar te weinig ruimte. Misschien dat hoge tafeltje in de portiek zetten?’

De Nieuwe Boekhandel is dan ook geen gewone boekhandel, maar eentje met 220 eigenaren. Als je ergens de liefde van de klant voor zijn lokale boekenwinkel kunt zien, is het hier. Afgelopen zomer legden 220 klanten – vooral mensen uit de Amsterdamse buurt Bos en Lommer waar de winkel staat – ieder ten minste duizend euro in om te voorkomen dat de goedlopende zaak zou verdwijnen.

En dat gebeurt, naast een aantal crowdfundingsacties, op meer plekken in het land. Het Colofon in Arnhem bijvoorbeeld, zette in december een reddingsactie op touw nadat de boekverkoop volledig was ingestort door de lockdown en is nu een coöperatie met honderd leden. De Toren van Bemmel in het gelijknamige Gelderse dorp deed het rond die tijd eveneens, maar slechts met acht coöperanten die ook allemaal in de winkel werken. Wordt dit het nieuwe businessmodel voor de bijna twee derde boekhandels van het totaal die volgens de Koninklijke Boekverkopers Bond (KBb) op dit moment op omvallen staan? En waarom gaat de steun van klanten voor hun boekhandel zoveel verder dan die voor andere winkels?

Dat boekhandels steun nodig hebben is duidelijk. Weliswaar groeide de omzet in 2020 met zes procent ten opzichte van het jaar ervoor – lezers kochten voor 597 miljoen euro in totaal 41 miljoen boeken – maar die groei kwam met 27 procent vooral uit de online verkoop en verdween dus goeddeels in de zakken van de grote webwinkels. De fysieke zaken verloren juist elf procent omzet. Die verschuiving van fysiek naar online doet zich al jaren voor, maar de harde lockdown vlak voor Kerst hakte er extra in. In die week werd er negentig procent minder omzet gedraaid dan in dezelfde week een jaar eerder.

Dit gaat helemaal mis, beseften ze toen bij de KBb. Op 4 januari kwamen ze samen met de cpnb in een spoedoverleg bijeen. ‘Het was het uur U’, zegt Job Jan Altena van de cpnb: ‘Er moest iets gebeuren.’

Bij de eerste lockdown was de cpnb al gestart met de campagne #ikleesthuis, omdat lezen bij uitstek iets was wat nog wél kon, maar de stichting hoopte boekhandelaren op die manier ook een hart onder de riem te steken. Onder die hashtag gingen schrijvers, lezers, uitgevers en boekhandelaren delen wat ze lazen. Sommigen voegden toen al #kooplokaal toe.

De cpnb bleef het consequent over ‘je favoriete boekhandel’ hebben: ‘lokaal’ en ‘fysiek’ konden niet, ‘want’, zegt Altena, ‘we zijn er voor alle boekverkopers, ook voor bol.com’. Waarvan de directeur boeken, Annet Scheermeijer, bovendien in het bestuur van de cpnb zit.

Maar de nood was begin januari zo hoog dat ook bol zei: ga het maar doen. De online winkel heeft namelijk ook belang bij een levendige boekenbranche, waarin boekenwinkels een onmisbare schakel vormen omdat ze mensen enthousiast kunnen maken voor wat die nog niet kennen: minder bekende auteurs, debutanten. In een week was de campagne ‘Steun je boekhandel’ rond met radiospotjes en al. Schrijvers stonden in de rij om mee te doen. Lezers bestelden massaal lokaal en boden zich overal in het land aan om boeken op de fiets te bezorgen. Altena deed dat zelf ook, maar er was een overaanbod. Op Twitter meldden boekverkopers een verdubbeling en soms zelfs een verdrievoudiging van de omzet vergeleken met de week ervoor – al relativeert Altena dat een verdubbeling van weinig nog steeds weinig is.

Bedrijfsleider Bart aan het werk in De Nieuwe Boekhandel, Amsterdam; medewerkers Tessa en Robert

De Nieuwe Boekhandel oogt op dat moment potdicht met zijn handgeschreven A4’tjes ‘Volg ons op Facebook en Instagram’ en ‘Je kunt boeken bestellen via onze website’, die in allerijl op de etalageruit lijken te zijn geplakt. Maar binnen heerst volop bedrijvigheid. Vrijwilliger Robert Noordberger, in de zomer ‘zingende ijscoman’ van beroep, sjouwt een stapel dozen en pakketjes met verse ladingen boeken van het Centraal Boekhuis naar achter. Die moeten tussen nu en 12.00 uur worden uitgepakt, gestickerd en eventueel voorzien van een handgeschreven kaartje – ‘lieve broer, van harte gefeliciteerd met je verjaardag!’ – om weer te worden ingepakt en geadresseerd vóór de vrijwillige fietskoeriers komen om ze te bezorgen. Boekverkoper Mai Nguyen haast zich met de telefoon aan haar oor naar de kast kinderboeken, waar ze Coco kan het! uit trekt: ‘Wat zegt u? Ja, op voorraad!’ En ze legt het op de stapel met te bezorgen boeken. Collega Ienje Jongeling checkt de andere bestellingen die nu via drie kanalen binnenkomen: telefoon, mail en website. Vooral die via de website moet ze voor 19.00 uur ‘geclaimd’ hebben anders neemt inkooporganisatie Libris de order over en dat betekent flink meer pak- en verzendkosten. ‘We werken twee keer zo hard voor de helft van de omzet’, zegt bedrijfsleider Leemhuis. Per dag brengen ze zo’n veertig, vijftig pakketjes rond, terwijl ze normaal tussen de honderd en honderdvijftig boeken verkochten. Ienje Jongeling kijkt naar de traag groeiende stapel ingepakte boeken: ‘Zullen we vragen of Sjaak een half uurtje later komt?’ Uit de speakers schalt ‘Helter Skelter’ van The Beatles ver boven het gebruikelijke muzakvolume.

Klanten van De Nieuwe Boekhandel kochten lang voor de actie ‘Steun je boekhandel’ al lokaal en fietsten ook al veel eerder boeken rond. Wat wil je met een zaak die voelt alsof-ie een beetje van jou is?

Toen voormalig eigenaar Monique Burger elf jaar geleden deze boekhandel opende, stond haar een winkel voor ogen die van de buurtbewoners was. Dat was niet maar zo’n beetje bij wijze van spreken. Ze mochten er na sluitingstijd workshops organiseren of hun verjaardagsfeestje vieren. ‘Dan regelde ik een boekwensenlijst waar de gasten van de jarige op in konden tekenen zodat ze bij binnenkomst hun cadeau direct konden aanschaffen.’ Ze woonde boven de winkel en vond het zonde dat ‘die heerlijke ruimte’ de helft van de tijd leeg stond. Klanten mochten er zelfs eens in de drie weken logeren. ‘Op Twitter las ik op een keer een tweet “Please let me out” van iemand die zich in Londen per ongeluk had laten insluiten in een boekhandel. Het regende reacties: “Hoezo? Het lijkt me heerlijk om de nacht in een boekhandel door te brengen.” Dus vroeg ik via Twitter wie daar nog meer belangstelling voor had. Ik had meteen een enorme wachtlijst.’ Die koppies als ze dan ’s ochtends koffie kwam brengen – kleine oogjes van het lange doorlezen, een stapel boeken naast hun geïmproviseerde bedjes – waarvan ze een deel kochten omdat ze ze wilden uitlezen.

Ze liet zich ook bij haar aankoopbeleid adviseren door klanten als ze weinig verstand van een onderwerp had, zoals esoterie of kunst. ‘Je maakt ze zo een beetje boekverkoper. Want zo’n kunstkenner die met mij de catalogus had doorgenomen en me had geadviseerd, wilde natuurlijk ook dat “zijn” boeken verkocht werden.’

Maar ook heel praktisch, vult Leemhuis aan: ‘Was de boiler in het keukentje stuk, dan tikte iemand uit de buurt een goedkoop modelletje op de kop en installeerde dat gratis.’

Voor Burger was het een logische stap om de klanten echt eigenaar te maken. Al rijpte het idee voorzichtig. Ze wilde de winkel aanvankelijk gewoon verkopen, maar dat ketste op het allerlaatste moment af. Op dezelfde dag hoorde ze dat haar partner terminaal ziek was. ‘Van alle kanten kwam hulp: van klanten, uitgevers, schrijvers, andere boekhandelaren. Ineens werd zichtbaar hoezeer iedereen aan die boekhandel was verknocht en doodsbang was dat ik omviel en daarmee de winkel.’

Aby Hartog was een van hen. ‘Toen het niet goed ging met de man van Monique heb ik mijn hulp aangeboden. Ik kende haar goed, woonde in de buurt, had hier mijn boeken gepresenteerd. Het was een manier om ervoor te zorgen dat de boekhandel bleef bestaan.’

Langzaam kreeg Burger in de gaten hoe groot het draagvlak eigenlijk was. Ze peilde, ze lobbyde. Op 1 september bleken 220 mensen, meest klanten, voor 280.000 euro aandelen te hebben gekocht. De Nieuwe Boekhandel kocht Burger uit en werd een coöperatie met vijf betaalde krachten en een klein dagelijks bestuur met Hartog als voorzitter. ‘Ik heb in een vorig leven veel advieswerk gedaan, was bedrijfsleider in een boekhandel – dus ik wist er wel iets vanaf.’

Een van de eerste coöperanten was vaste klant Philip Nijman (bouwkundig opzichter). Toen hij over de coöperatieplannen hoorde, zei hij direct: ‘Als je het doet, ben ik van de partij. Voor mij voelt de winkel aan als mijn tweede huiskamer, een stamkroeg zonder bier, waar ik geregeld even langswip voor een kletspraatje.’ En hij had een mazzeltje. ‘Dan kun je op vakantie gaan of je steekt het in een boekhandel. Dat blijft. Ik heb er veel lol van. Dan stap ik binnen en zeg: hé Bart, beste werknemer van me’, en hij laat zijn stem zakken: ‘… en van nog 219 anderen.’

‘Ik word volgens mijn zoons nog pissiger als ze een boek bij bol hebben besteld – joh, loop even naar onze eigen boekenwinkel!’

Ondernemer uit de buurt Anita Groenink hoefde ook niet lang na te denken. ‘Ik ben een middenstandsdochter en bij wijze van spreken onder de toonbank van de buurtsuper in een klein dorp geboren. Dus toen ik in de stad kwam wonen dacht ik: hoe doen mensen het hier zonder zo’n buurtsuper? Iedereen heeft toch de behoefte om gekend en gezien te worden. Dat je binnenkomt en de bakker al een half gesneden volkoren voor je klaar heeft liggen. Dat. De boekhandel vervulde hier die functie. Ik had het echt ondraaglijk gevonden als-ie weg zou gaan.’

Ook omdat een boekhandel veel beter nog dan een kruidenier de buurt ‘inhoudelijk aan elkaar kan knopen: als iemand uit Bos en Lommer een kookboek had geschreven, werd het hier gepresenteerd’.

‘De winkel voelt misschien nog wel een beetje meer van mij nu ik coöperant ben’, denkt ze. ‘Ik word volgens mijn zoons in ieder geval nog pissiger als ze een boek bij bol hebben besteld – joh, loop even naar onze eigen boekenwinkel! Je bent meer betrokken.’

Boekverkoper Mai aan de telefoon met een klant

Klokslag 12.30 uur stapt Sjaak Besseling, een van de vier fietskoeriers van vandaag, de winkel in. Hij krijgt een kop koffie in zijn handen gedrukt en verdwijnt dan het kantoortje in om een handige route uit te stippelen voor de eerste acht boeken. Sjaak, die na zijn ontslag als computermonteur met prepensioen is, houdt van buiten zijn en van boeken. In die volgorde. Zelf leest hij steeds meer via de e-reader. Is het een gevecht tegen de bierkaai, het openhouden van boekhandels? ‘Ach, nee, dat nou ook weer niet. Van kranten en tijdschriften hebben ze ook jaren gezegd dat die zouden verdwijnen – die zijn er nog steeds. Dus het is maar hoe je het bekijkt. Zo’n winkel is gewoon heel fijn om in te snuffelen, nieuwe dingen te ontdekken.’ Overigens was hij nooit zo’n lezer, tot hij in militaire dienst moest. ‘Dat was zo saai – ik stond uren niets te doen. Daar heb ik het lezen ontdekt.’ In de legerjaszakken paste precies een boek. Een paar dagen per week fietst hij nu een rondje van een uur.

Hij zet zijn zilverkleurige Gazelle Swing met waterdichte fietstas voor een portiekwoning en belt aan. Zomaar door de brievenbus gooien doet hij liever niet met het oog op beschadigingen. Milene Kriek, die opendoet, heeft het boek voor haar dochtertje heel bewust bij haar boekhandel om de hoek gekocht, al deed ze dat vóór corona ook al. ‘Wat mij betreft zijn het essentiële winkels die open zouden moeten zijn. Ik moet er niet aan denken dat-ie zou verdwijnen. De sfeer, het grasduinen, de toevallige vondst, een cadeautje waar je tegenaan loopt…’

De boekhandel is geen gewone retailer, blijkt ook uit een kleinschalig onderzoek van KVB Boekwerk uit 2019 onder ruim honderd eigenaren, klanten, voorbijgangers en winkeliers in de nabije omgeving. Zo’n veertig procent komt voor een speciale aankoop in de boekhandel; een even groot aandeel komt om gewoon wat rond te kijken. Het aanbod (vijftig procent), de locatie (26 procent) en de sfeer (veertien procent) van de winkel zijn de belangrijkste redenen voor hun bezoek. Vijf procent komt inspiratie opdoen en nog eens vijf komt voor het kopje koffie dat veel boekhandels inmiddels schenken. Klanten en voorbijgangers roemen ook het ‘culturele element’, de ‘iconische status’ en een ‘prettig tijdverdrijf’.

Daarmee is het eerder een soort culturele instelling dan een winkel, denkt Job Jan Altena. ‘Waar een enorme kennis over boeken bestaat, signeersessies en lezingen worden gehouden, maar waar je ook andere lezers en gelijkgestemden kunt ontmoeten.’

Of zoals NRC-columnist en dichter Ellen Deckwitz het onlangs verwoordde in een requiem voor haar eigen boekhandel die de coronacrisis niet had overleefd: ‘Het was ook een buurthuis en een ideeënmuseum. Een plek waar je verhalen kon verzamelen, zowel via boeken als de mensen die er kwamen.’ Er hing een sfeer van ‘saamhorigheid’ en ‘kennerslol’.

Je voert er een ander soort gesprekken dan met iemand in een schoenenwinkel, zegt Verhoeven van de KBb. ‘Als je over boeken praat is het direct inhoudelijker en dus persoonlijker. Veel boekverkopers hebben echt een band met klanten, leggen boeken klaar waarvan ze denken dat dat echt iets is voor een bepaalde klant. Sommigen, vooral die op het platteland, maken nu een ronde langs oudere klanten om te kijken hoe het gaat en of ze nog iets kunnen betekenen. Die band tussen klant en boekhandel is wederzijds.’

Dat boeken klaarleggen is heel herkenbaar voor Petra Ordelman van boekhandel Boomker in het Drentse Haren. Die werd zeven jaar geleden als eerste boekhandel van Nederland een coöperatie met honderd man. ‘Als klanten de winkel binnenkomen vraag ik regelmatig: “Heb je dit boek al gezien – leek me echt iets voor jou.” Dat is toch zalig? Dan voel je je gezien. Met boeken raak je toch iemands ziel.’

‘Lezen heeft inderdaad te maken met identiteit’, peinst Altena: ‘Zeg me wat je leest en ik zeg je wie je bent – dat idee. Een boek doet iets met je. Met jou als persoon, met je brein. Wie leest vertoeft in een andere wereld. Het is geen gewone waar die een boekhandel verkoopt.’

Een boekhandel is daarom ook goed voor de buurt, is Aby Hartogs stellige overtuiging. Die zorgt voor sociale cohesie – helemaal als het een coöperatie is omdat je je medecoöperanten dan natuurlijk wil leren kennen. ‘En dus kom je naar avonden, maak je een praatje. Dat is goed voor de saamhorigheid in de buurt.’

Ook omliggende winkeliers dichten boekhandels een bijzondere invloed toe. Bijna de helft, zo blijkt uit het onderzoek, denkt dat de eigen onderneming er wel bij vaart. Al heeft dat volgens Altena een wat prozaïscher reden: ‘Over het algemeen is het lezerspubliek natuurlijk ook een groep die wat makkelijker de portemonnee trekt dan dat van de Wibra of de Zeeman.’

Dat bijna twee derde van de boekhandels in zwaar weer verkeert – zoals blijkt uit een peiling van de KBb onder vijftienhonderd leden – is om meerdere redenen dus slecht nieuws. Verhoeven ziet de coöperatie als een interessant model dat ook voor boekhandelaren met liquiditeitsproblemen een oplossing zou kunnen zijn. Niet omdat de boekhandel een soort bedreigde diersoort is die je moet beschermen. Onder normale omstandigheden zijn het goedlopende zaken. ‘Ik zie het dus niet als het tot leven wekken van dinosauriërs; het is juist een vorm van evolutie.’

Boekhandel Boomker laat zien dat het ook in de praktijk zo werkt. Zeven jaar geleden stond de winkel nog op omvallen. Maar vanaf het moment dat het een coöperatie werd, steeg de omzet en sinds twee jaar maakt Boomker weer winst. Maar misschien nog wel mooier vindt Petra Ordelman de ‘enorme goodwill’ die je kweekt: ‘Mensen zijn bereid om met van alles en nog wat te helpen, van uitpakken tot het rondbrengen van boeken.’ De rest van het werk doen ze trouwens gewoon met de betaalde collega’s. Want een valkuil is dat mensen zich met alles willen bemoeien. Daar hebben ze duidelijke afspraken over gemaakt. ‘We leggen twee keer per jaar verantwoording af aan de leden en we hebben een dagelijks bestuur dat de lijnen uitzet, maar wij hebben de vrijheid om die in te vullen.’

Burger en Leemhuis hebben de eerste boekhandelaren al langs gehad om de statuten te bekijken om te zien of het ook iets voor hen was. En er heeft zich een handjevol boekhandelaren als coöperant aangesloten om van dichtbij mee te maken hoe het uitpakt en of dit een alternatief is als ze zelf een opvolger zoeken. ‘Dus dit gaan we vaker zien’, denkt Burger.

Net als Boomker ziet De Nieuwe Boekhandel zijn coöperanten als ‘een enorm reservoir van competenties en adviesmogelijkheden’. Bart: ‘Het zijn allemaal mensen met talenten en kennis. Ik kan me voorstellen dat er in de toekomst mensen zullen zeggen: die website, die kan echt veel mooier, of de inrichting van de boekhandel kan handiger.’

Sjaak Besseling is door al het geklets verkeerd gereden en moet de hele Admiraal de Ruyterweg af rijden. Het laatste boek is voor schrijver Jeroen Blankert. Het is zijn verjaardag, weet hij. Want het boek was al eerder binnen, maar het mocht pas vandaag langsgebracht worden van de boekhandelaren. Misschien kan hij een serenade aanheffen.

Zijn partner Chaja d’Olivat doet open. Nee, Jeroen is er niet. Maar o, wat feestelijk is dit. Ze wil weten hoe de actie loopt en of het helpt. ‘Want ik zou echt wanhopig worden zonder boekhandel. Jeroen ligt nu ook met een boek in de winkel (Nu is alles nog beter, red): die zijn zo belangrijk voor schrijvers en eigenlijk voor de hele boekenbranche!’ Ze denkt dat de actie ‘Steun je boekhandel’ in ieder geval het idee tussen ieders oren heeft geplant dat je ook online bij je lokale boekhandel kunt bestellen. ‘Dat moet toch een blijvend effect hebben.’

Besseling besluit na zoveel positiviteit nog maar een ladinkje nieuwe boeken te halen voor een volgende bezorgronde.