Stapvoets

Wie zegt dat er vooral stilte heerst rond de lamspoot heeft gelijk. Omdat de lamspoot, wanneer hij eenmaal dood is, niet bestaat. Op het stervensmoment gaat hij langzaam in lamsschenkel over. Moet hij, als toppunt van eenmaligheid, de geëmailleerde bladzijden op, is zelfs dat niet mooi genoeg. Hij wordt daar doorgaans als niet minder dan ossobuco van lam aangeboden. Blijf ik toch van pootje spreken, op zeldzamer momenten van poot.

Al behoort die eerder aan het arme schaap zelf. Desondanks heb ik ook wel eens aan het in de wastobbe braden van juist die poot gedacht. In tegenstellling tot de bevredigende aanblik van ongezien veel meer vloeistofbruis zou bij de stapvoets gebraden schapepoot ook meer van ‘Het Losraken van het Vlees van het Been’ zijn te zien. Bijna net zoveel als onder de geleidelijk hoger opgetrokken broekspijp van de man. Het deel dat door Simon C. ooit eens krachtig als 'een straal rauwe melk’ werd betiteld. Waar omheen sommigen, en niet eens de slechtsten, passende lange sokken dragen. Die ik, ik citeer nu mijzelf, het liefst koop vlak bij de piazza Gianbattista Bodoni, van de kwaliteit fil d'écosse. Vooral in Turijn.
Welk lichaamsdeel lijkt het meest op aardappelpuree?
Is ook een zalvige massa, doorspekt of beter nog dooraderd met hardere gedeelten, waarin toch overal gelijke spanning heerst. Van de viscositeit waar je een houten lepel slechts langzaam doorheen kunt bewegen zodat een noodgedwongen elegantie ontstaat? De indruk makend uit dicht tegen elkaar aanliggende kruimelachtige elementen te zijn opgebouwd terwijl aan het oppervlak een duidelijk vlokmotief zichtbaar is? Rulle, hier en daar zelfs fijngetande, aardappelspiegel wordt door gek of gekkin wel eens met de vork bewerkt. Agrarische aandrang. Van moedwillig aangebrachte traditionele motieven is hier te lande en in het ongenoemde deel van het lichaam naar ik dacht nooit sprake geweest.