Steiners schaduw

Niet alleen in Nederland heerst consternatie over de racistische component van de leer van Rudolf Steiner, grondlegger van de antroposofie. Ook in het Duitstalige gebied is het keer op keer raak. Zo stapte de Duitse Antroposofische Gesellschaft onlangs naar de rechter om een verbod te eisen op de verspreiding van het Schwarzbuch Antroposophie: Rudolf Steiners okkult-rassistische Weltanschauung, geschreven door de broers Guido en Michael Grandt.

Het zwartboek kwam verleden maand uit bij de Weense uitgeverij Carl Ueberreuter en stuitte zowel in Duitsland als Zwitserland op grote tegenstand. In Duitsland tekende de antroposofische vereniging bezwaar aan, op grond van passages waarin Steiner wordt gepresenteeerd als een occulte voorloper van de nationaal-socialistische rassenleer. De vereniging spreekt van een ‘heksenjacht op de antroposofie’. In Zwitserland stapten de antroposofen naar de rechter om te protesteren tegen het gebruik van het portret van Steiner op de cover. Inmiddels is besloten tot een heruitgave zonder foto van Steiner. In Duitsland doet de rechter in Stuttgart naar verwachting binnen vier weken uitspraak.
Voor de uitgever was het protest inmiddels aanleiding om een persconferentie in Berlijn te beleggen, die vooral werd bezocht door ouders van leerlingen van de Waldorfscholen (zeg maar de Duitse pendant van de Vrije School) en boekhandelaren met een antroposofische fixatie. Een en ander liep uit op een twee uur durende confrontatie tussen voor- en tegenstanders van de antroposofie. Auteur Michael Grandt (zijn broer liet verstek gaan) gaf zijn critici forse munitie door te bekennen dat hij niet al het werk van Steiner had doorgenomen. Ook bleek de mededeling in het boek van de gebroeders Grandt dat Steiner lid zou zijn geweest van de obscure loge Ordo Templi Orientis (samen met typen als Aleister Crowley en Rudolf Hess) bij nader inzien moeilijk hard te maken.
Wel werd tijdens de persconferentie duidelijk dat er op sommige antroposofische scholen in Duitsland nogal rabiate pedagogische methoden worden gebruikt. Enige ouders die hun kinderen inmiddels van de Waldorfscholen hadden afgehaald, vertelden zich bedreigd te voelen door telefoonterreur en aanverwante praktijken.
Een parodie op de drugshype in de media werd het jonge muziekblad THD bijna fataal. Het eerste nummer van het blad werd twee weken lang niet verdeeld door distributeur Betapress, daar de cover van het blad was opgevrolijkt door een zgn. 'THD-pil’. De pil, in werkelijkheid niets anders dan een bij iedere drogist verkrijgbaar kauwgommetje waarmee tandplak kan worden gedetecteerd, stuitte op onoverkomelijke ethische bezwaren bij Betapress. De redactie van THD besloot vervolgens tot het schrijven van een brief waarin aard en wezen van de grap nader werd toegelicht, maar uiteindelijk nam Betapress daar ook geen genoegen mee. De distributeur kwam nu met het bezwaar dat men zich wellicht in de pil zou verslikken, zo vertelt THD-woordvoerder Rob Vlugs. Het eind van het lied was dat bij alle zesduizend exemplaren van het blad bij Betapres de pil moest worden verwijderd. Het nettoresultaat van de grap was twee weken vertraging bij de distributie van het blad. De driehonderd abonnees van THD kregen de pil wel per post in huis. De PTT had er blijkbaar geen moeite mee. Atheneum Nieuwscentrum in Amsterdam evenmin. De THD-nummers met pil die daar direct door THD zelf waren geleverd vlogen in recordtijd de kiosk uit.