Stem niet op de eurocratie

Vraag een Europees parlementslid om je uit te leggen wie in Europa waarover beslist, en het antwoord is dat hij het en niet precies weet en dat de uitleg zeker twee uur zou kosten. Afhankelijk van de aard van de beslissing zijn er vier soorten procedures, met steeds wisselende gewogen meerderheden, adviesbevoegdheden, quora, en eindeloze heen-en-terugkoppelingen tussen Raad, Commissie en Parlement.
Maar gaat het bijvoorbeeld over vreemdelingenzaken dan is het heel simpel: daarover beslissen de ministers van de aangesloten lidstaten gewoon onderling, ongecontroleerd. Het Europees parlement komt er niet aan te pas, want dat kan op dit gebied alleen een beslissing nemen als men unaniem is - en dat is dus nooit het geval.

Hetzelfde principe van unanimiteit - en dus uitschakeling van het Europarlement - geldt voor alles wat te maken heeft met politie, justitie, buitenlands beleid, veiligheid en belastingen, inclusief energieheffing. En dat zijn juist de gebieden waarop op nationaal niveau nauwelijks meer eigen beleid valt te maken door het verdwijnen van de Europese binnengrenzen. Het nationale parlement is uitgeschakeld en het Europese komt er niet aan te pas.
Dit illustreert niet alleen het langzamerhand spreekwoordelijke gebrek aan democratie in Europa, het toont ook de houdgreep waarin critici van dat democratisch deficit zich bevinden. Ervan uitgaande dat de Europese samenwerking op ministersniveau nu eenmaal een feit is, rest ons niets anders dan te pleiten voor uitbreiding van de bevoegdheden van de Europese Unie, zodat het Europees parlement in ieder geval in naam een oogje houdt op de beslissingen. Terwijl in feite het enige afdoende antwoord zou bestaan uit het terugdraaien van de hele Europese integratie zolang er geen Europarlement is met volledige bevoegdheden.
Natuurlijk is Europese samenwerking mooi en noodzakelijk. Zoals samenwerking tussen alle landen van de wereld mooi en noodzakelijk is, en tussen buurlanden helemaal. Vraag is alleen wat de inzet van de samenwerking is en of samenwerking altijd inhoudt dat de bevoegdheden worden overgedragen.
De gangmakers van Europa hebben die vragen zorgvuldig omzeild door eenvoudigweg de grenzen af te schaffen. Daarmee liggen automatisch alle bevoegdheden bij Europa en dicteert de vrije markt de inzet van de samenwerking.
Officieel beslist Europa slechts over zaken die het beste op dat niveau kunnen worden besloten. In werkelijkheid beperkt het financiele korset van de Europese Unie de speelruimte van nationale regeringen tot nietszeggende marges. De Unie ondermijnt daarmee niet alleen de democratie op Europees niveau, maar is er tevens debet aan dat de nationale politiek ten onder dreigt te gaan aan eensgezindheid-uit-gebrek-aan- beleidsruimte.
Probleem is niet dat sommige beslissingen op Europees niveau worden genomen, probleem is dat iedere ruimte voor beslissingen op een lager niveau ontbreekt. De Raad van ministers, de almachtige bundeling van minister-presidenten van de lidstaten, doet het graag voorkomen alsof men opkomt voor de nationale soevereiniteit. Om die nationale soevereiniteit te behouden krijgen het parlement en de Europese commissie geen extra macht, zo is de redenering.
Zo worden de nationale parlementen tegen het Europees parlement uitgespeeld en omzeilen de regeringsleiders zowel de nationale als Europese controle. ‘Een dictatuur van fatsoenlijke mensen’ noemt de voorlichter van het Europees parlement de Europese Unie.
Het zijn de regeringen van de aangesloten landen die een grotere invloed van het Europarlement blokkeren. Het wordt hoog tijd dat de nationale volksvertegenwoordigers hun Europese broeders en zusters te hulp schieten door de ministers voor het blok te zetten: zolang dat Europarlement van u geen macht krijgt, oefenen we de controle zelf weer uit. Niet uit nationalistische, maar uit democratische overwegingen.
De nieuwe Tweede Kamer kan daar mee beginnen. Roep de ministers ter verantwoording voor wat ze in Brussel bedisselen en liever nog: debatteer voordat ze naar Brussel of Korfoe afreizen. Verkwanselt een minister de wil van het parlement, dan kan hij of zij worden afgezet - de op Europees niveau genomen beslissingen zijn er verstrekkend genoeg voor. En wee de minister die de kritiek vervolgens afdoet als nationalistisch, ondemocratisch en bekrompen. Het wordt lanzamerhand iets te doorzichtig om alle kritiek op 'Europa’ zo te smoren.
Wie donderdag niet ter stembus gaat, zo stelde de naar kiezers hunkerende PvdA- Eurolijsttrekster D'Ancona impliciet in een bijdrage in de Volkskrant, stemt eigenlijk tegen democratie en verdraagzaamheid. Dat is het chantagemiddel waar 'Europa’ het blijkbaar van moet hebben.
Het valt ook niet mee voor de Europarlementariers. Niemand weet beter dan zijzelf dat ze weinig meer zijn dan een etalagepop, maar dit toegeven komt neer op euthanasie. Dus keert men de redenering om, zoals vrijwel alle redeneringen worden omgedraaid zodra het om Europa gaat. Als de kiezer nu maar massaal naar de stembus gaat, krijgen wij Europarlementariers meer gezag en misschien ooit ook wel meer te zeggen.
Volgens scheidend minister en CDA- Eurolijsttrekker Maij-Weggen moeten we allemaal gaan stemmen om daarmee steun te betuigen aan Ruud Lubbers. Dat is eerder een extra reden om niet te gaan. Waarom moet Lubbers voorzitter worden van de Europese Commissie? Zou het onder zijn leiding beter gaan met Europa dan onder Dehaene? Nee, het gaat Nederland niet om Europa, maar om Nederland. Nederland heeft 'recht’ op een hoge post. Het druist allemaal lijnrecht tegen de Europese gedachte in.
De opkomst bij de Europese verkiezingen wordt in Nederland iedere keer lager; van 57,8 procent in 1979 naar 47,2 procent in 1989. De kiezer is namelijk niet gek. Ga zo door. Een lage opkomst, zo is de laatste jaren bij verkiezingen op andere niveaus wel gebleken, is een afdoend en misschien zelfs het enige middel om politici te interesseren in ons, tegenwoordig burgers genoemd. Stem niet, omwille van de democratie.