Amerika langs partijlijnen verdeeld over hoognodig medicijnenonderzoek

Stemmen over stamcellen

Een meerderheid der Amerikanen was ooit voor overheidsfinanciering van stamcelonderzoek. Nu zijn de meningen langs partijlijnen verdeeld. Een referendum in Californië wordt cruciaal.

WASHINGTON – Voor augus tus waren de Democraten nog vol goede moed. Er heerste ongekende eensgezindheid. Tegen de traditie in schikten ook de fanatieke leden zich op de conventie in Boston in het voorgekookte programma. Bij de Republikeinen was dat anders. Terwijl de prime time conventiesprekers gedisciplineerd op hetzelfde aambeeld sloegen (Kerry is een besluiteloos doetje), werd in achter kamertjes heftig gediscussieerd over de partijstandpunten. Onder meer over de voor religieus-conservatieven heilige trits abortus-homohuwelijk-stamcelonderzoek. Vooral die stamcellen liggen gevoelig. Gedelegeerden klaagden over een gebrek aan «morele helderheid». Ze willen dat de partij ieder medisch onderzoek met therapeutisch gekloonde embryo’s verbiedt, ook al gaat het om enkele dagen oude bevruchte eicellen. Stamcelonderzoek kan in potentie genezing brengen voor ziektes als Alzheimer, diabetes, kanker en Par kinson. In praktijk zal het nog zeker een jaar of tien duren voordat onderzoek revolutionaire resultaten oplevert. Er moest een lange speech van senator en huisarts Bill Frist aan te pas komen om het bestaande beleid niet verder aan te scherpen.

Dat beleid van president Bush dateert van 9 augustus 2001. Er waren toen nog geen aanslagen gepleegd op het World Trade Center en het Pentagon. Zijn regering bereidde een grote belastingverlaging voor en zelf gaf Bush met enkele lange vakanties een politiek signaal over de ambities van de overheid.

Ruth Faden, die aan de Johns Hopkins Universiteit in Baltimore het belangrijkste bio-ethische instituut ter wereld leidt, benadrukt hoe bijzonder het was dat de eerste belangrijke presidentiële verklaring over stamcelonderzoek ging: «Na 11 september is alles in dit land veranderd en is die speech nagenoeg vergeten. Maar destijds keek de politieke gemeenschap behoorlijk op van die heuse bio-ethische verhandeling van Bush. Wij ethici natuurlijk ook.»

De president, die zich het liefst laat portretteren als doener met een bijl of een elektrische zaag in zijn handen, zei tijdens die roemruchte speech dat hij aan het onderwerp «menig gebed had gewijd» en «aanzienlijke reflectie», het was immers «one of the most profound issues of our time». Tot die tijd hadden Amerikaanse wetenschappers gewerkt met bevruchte eicellen die overblijven na ivf-behandelingen. Bush maakte dat nu onmogelijk en besloot dat belastinggeld alleen mocht worden gespendeerd aan onderzoek met de 72 stamcellijnen die er al waren. Ruth Faden: «Daardoor werd het onderzoek feitelijk stilgelegd. De farmaceutische industrie verstrekt geen middelen voor peperduur en onzeker fundamenteel onderzoek. Bovendien bleek de president verkeerd voorgelicht. Er waren nog maar elf bruikbare stamcellijnen over, geen 72. Een blunder van de eerste orde.»

Sinds James Thomson van de universiteit van Wisconsin voor het eerst stamcellen wist te isoleren, hopen wetenschappers overal ter wereld er transplanteerbare organen mee te maken die niet worden afgestoten omdat de cellen ervan genetisch identiek zijn aan die van de ontvanger. Stamcellen zijn als blanke vellen papier. Ze worden gevormd in de eerste dagen na de conceptie. Ze moeten nog instructies ontvangen hoe te veranderen in volwassen cellen, gemaakt voor specifieke organen. Stamcellen zijn overal in het lichaam te vinden, maar veelbelovend voor medische toepassingen zijn vooral stamcellen gekweekt uit gekloonde embryo’s. Verscheidene conservatief-christelijke organisaties zijn tegen het onderzoek omdat er in het proces toekomstig leven verloren gaat. Faden: «Dat is niet iets om lacherig over te doen. Het is belangrijk om je af te vragen waar en wanneer leven begint en welk leven je gerechtigd bent op te offeren om de levens van anderen, misschien miljoenen, te redden. Mag je een levend organisme als een plant doden om er medicijnen van te maken? Mag je chimpansees gebruiken voor onderzoek waarvan niet duidelijk is of het iets oplevert? Mag je het leven van een volwassen man nemen, omdat daarmee duizenden anderen worden gespaard? Tegelijk is het belangrijk te realiseren dat het hier niet om kikkervisjes gaat, laat staan om een opgerold mensje. Het gaat om cellen die voor het blote oog niet waarneembaar zijn en die mogelijk in de baarmoeder waren uitgegroeid tot een mens. De zogenaamde moord waar wetenschappers het over hebben is niets anders dan die van het spiraaltje, die immers ook een enkele dagen oude bevruchte eicel uit de baarmoeder gooit.»

Bush kwam tot de conclusie dat er «een fundamentele morele lijn wordt overschreden met het beschikbaar stellen van belastinggeld voor het sanctioneren of aanmoedigen van de verdere vernietiging van menselijke embryo’s».

Faden: «Moreel gezien was het een volstrekt inconsistent besluit. Als je inderdaad vindt dat een vier dagen oude embryo het morele equivalent is van een volwassen man, en er dus sprake is van moord, hoe ethisch is het dan om te zeggen: goed, we houden ermee op, maar met de lijken die we nu eenmaal al hebben gemaakt in ivf-klinieken mogen jullie wetenschappers nog doormodderen? Dus was het te verwachten dat er niet alleen uit medische maar ook uit rechtse hoek scherpe kritiek kwam, van lieden als de oerconservatieve senator Brownback uit Kansas. Het was vooral zijn aanhang die op de conventie probeerde een strenger verbod op te laten nemen in het Republikeinse partij programma.

Om meer redenen is het een slecht besluit. Het klinkt vast arrogant – en dat ligt tegenwoordig gevoelig bij Europeanen – maar de slimste koppen werken toch hier. Bovendien geeft Amerika de ethische controle uit handen. Voor die ene succesvolle stamcellijn die Zuid- Koreaanse wetenschappers afgelopen februari wisten te kweken uit gekloonde menselijke embryo’s waren wel 242 eicellen nodig en dertig embryo’s. We weten niets van de omstandigheden waaronder vrouwen hun eicellen hebben afgestaan. Ik zeg niet dat hun vreselijk onrecht is aangedaan, maar we weten het niet. Hier hanteren we bij medisch onderzoek strenge ethische codes, daarmee houden we dus controle op het proces. Stel dat die Zuid-Koreanen met een medicijn komen tegen kanker. Dan zullen we dat medicijn heus niet weigeren bij de grens omdat de regering zegt: nee dank je, wij respecteren het leven al vanaf de conceptie, dus wij rooien het wel met onze miljoenen kankerpatiënten. Het levert een onwerkbare situatie op.»

Toen Bush zijn besluit nam waren de Amerikanen in meerderheid voorstander van stamcelonderzoek. Een van de felste tegenstanders was en is de rooms-katholieke kerk. Maar zelfs 72 procent van de blanke katholieken bleek destijds geen bezwaar te hebben tegen de financiering van het onderzoek. Ook blanke protestanten waren in meerderheid voor, net als de helft van de Amerikanen, nota bene, die abortus bij wet willen verbieden. Alleen het leeuwendeel van de zwarte Amerikanen was tegen. Dat is opvallend, want zwarten steunen over het algemeen de Democraten. Voor- en tegenstanders waren, kortom, aan beide zijden van het spectrum te vinden. Inmiddels is dat veranderd. De opvattingen zijn allengs meer verdeeld langs partijlijnen.

Daarom wordt het spannend in Californië, waar de burger op 2 november wordt gevraagd drie miljard gulden beschikbaar te laten stellen voor stamcelonderzoek, te besteden in een periode van tien jaar. De vorige gouverneur had een wet getekend die reproductief klonen (gericht op voortplanting) verbiedt, maar therapeutisch klonen (gericht op medische toepassingen) toestaat. In dit referendum gaat het om de financiering. De voorstanders (merendeels Democraten) hebben meer geld opgehaald voor de campagne dan de tegen stemmers: twaalf miljoen, waarvan een miljoen afkomstig is van eBay-miljardair Omar Omidyar en vierhonderdduizend dollar van Bill Gates. Het bedrijfsleven – vooral de farmaceutische industrie – staat voor de verandering eens aan de kant van de Democraten.

De in Australië geboren celbiologe Elizabeth Blackburn, verbonden aan de universiteit van Californië in San Francisco en inmiddels Amerikaans staatsburger, was lid van de door Bush in het leven geroepen bio-ethische commissie. In Washington schrok ze van de politisering van het onderwerp. Ze kreeg gedonder met voorzitter dr. Leon Kass, die behalve bio-ethicus ook fellow is van het American Enterprise Institute, een rechtse denktank die nauwe connecties onderhoudt met de regering- Bush. Blackburn: «Ik wilde me niet zomaar neerleggen bij een kritiekloze legitimatie van het presidentiële besluit. Daarom kreeg ik te horen dat er geen belang meer werd gesteld in mijn diensten. Voor mij in de plaats kwam iemand met precies dezelfde denkbeelden als Kass. De bedoeling was, zo kreeg ik aanvankelijk te horen, dat de commissie bestond uit wetenschappers van verschillend pluimage en met uiteenlopende opvattingen. Maar zo werkt het hier kennelijk niet. Het referendum in mijn eigen staat is geweldig. Californië is qua inwoners meer dan twee keer zo groot als Nederland, en erg rijk. Bovendien getuigt het van een groot vertrouwen in de kiezer om hem zo’n moeilijk onderwerp voor te leggen.»

Blackburn is onder de indruk van het animo voor het referendum: «Om de verkiezing mogelijk te maken moesten zeshonderdduizend handtekeningen worden opgehaald. Binnen de kortste keren waren dat er 1,1 miljoen. Aan die opiniepeilingen moet je niet te veel waarde hechten. In een peiling was de vraag: ‹Bent u voor het doden van ongeboren baby’s om met hun stamcellen medisch onderzoek mogelijk te maken?› In een andere peiling: ‹Keurt u het goed dat er in medisch onderzoek gebruik wordt gemaakt van bevruchte eicellen ter genezing van ernstige ziektes als Alzheimer, diabetes, hartziekten et cetera?› De uitkomsten van beide peilingen liepen nogal uiteen.»

Tot nu toe spreken nagenoeg alleen Democraten over het onderwerp. Zij hebben het op de agenda gezet, na de dood van Ronald Reagan, de voormalige president die leed aan Alzheimer en wiens conservatieve vrouw, Nancy Reagan, een groot voorstander is van onderzoek met stamcellen. Reagans zoon sprak op de Democratische conventie en verklaarde dat Bush een sta in de weg is voor de genezing van Alzheimer. Bij de Republikeinse conventie daarentegen bracht alleen Laura Bush het ter sprake, op een gematigde manier: ze wees erop dat haar man onderzoek wel degelijk mogelijk maakt, zij het alleen met stamcellijnen van voor augustus 2001. Ruth Faden: «Het onderwerp is politiek gezien Democratisch, niet Republikeins. Door de publiciteit rond de dood van Reagan hoopten Democraten dat het van belang werd voor zwevende kiezers. Een begrijpelijke gedachte. Met enige uitleg kan een grote groep twijfelaars ontstaan, zoals meestal bij lastige ethische kwesties. Miljoenen mensen hebben een familielid of vriend die lijdt aan diabetes, Parkinson of Alzheimer. Als die horen van de mogelijkheden van stamcelonderzoek, speelt de vraag wat een onzichtbare bevruchte eicel hun waard is. Daar anticiperen de Democraten op. Uiteindelijk bestaat de Republikeinse partij, hoe eensgezind die ook lijkt, zowel uit religieuze conservatieven die zich zorgen maken over de pervertering van Gods wil, als uit vrije-marktprotagonisten die de farmaceutische industrie goed gezind zijn. Stamcelonderzoek zou een wig tussen die groep kunnen drijven.»

Helaas voor de Democraten blijkt uit de recentste peiling van USA Today dat Amerikanen de leiderschapskwaliteiten van hun kandidaat van aanzienlijk groter belang achten dan zijn standpunten in beleidsonderwerpen. James Pinkerton, een politiek-deskundige van Republikeinse snit die verbonden is aan de denktank New America Foundation en in het verleden werkzaam was in het Witte Huis onder Reagan en vader Bush, zegt desgevraagd over het belang van stamcelonderzoek: «Als het voor kiezers vooral belangrijk is dat hun president leiderschapskwaliteiten toont, zou je zeggen dat Bush vrij is in zijn keuze voor of tegen stamcelonderzoek. Maar niet alles draait om het electoraat, zeker niet in een tweede termijn. Hij gelooft misschien werkelijk in de heilzaamheid van zijn beslissing van augustus 2001, hoewel het compromiskarakter van die maatregel anders doet vermoeden. Nog belangrijker dan het geloof van de president is de vraag naar wie hij luistert. Als Kass de komende vier jaar de toegang tot Bush weet dicht te houden, zal de regering waarschijnlijk voortgaan op de ingeslagen weg. Zo niet, dan kan de maatregel best eens versoepeld worden. Niemand kan het nu weten. Wel dat Bush zal winnen. Mensen stemmen heus niet op Kerry omdat Bush onderzoek blokkeert dat over twintig jaar misschien een spectaculair medicijn oplevert. Die denkfout maken Democraten wel vaker.»

Elizabeth Blackburn blijft niettemin een wetenschapper wier geloof in onderwijs groter is dan in politiek. «Ik ben ervan overtuigd dat als je even de tijd krijgt om het stamcelonderzoek uit te leggen, er nog maar weinig weerstand zal zijn. Zelfs de religieus-conservatieve senator Orrin Hatch uit Utah, een felle verdediger van de ongeboren vrucht die meestal meestemt met senator Brownback, was in maart nog een fervent tegenstander. Maar hij heeft geluisterd. In juni ondertekende hij zelfs een brief aan de president waarin hem wordt gevraagd de wet te versoepelen. Op zijn web site noemt Hatch zichzelf een actief voorvechter van het onderzoek. Echt, educatie is de sleutel. Probleem is echter dat in een land waar veel betekenis wordt gegeven aan een mening soms wordt vergeten dat een opvatting over wat dan ook een minimale hoeveelheid informatie behoeft.»