De stencilmachine garandeerde in de jaren zestig en zeventig de vrijheid van drukpers voor wie het aan middelen ontbrak om de drukker te betalen. De grondwet zegt weliswaar dat ‘aan elk is geoorloofd om zijne gedachten en gevoelens door de drukpers (…) te openbaren, zonder eenig voorafgaand verlof daartoe noodig te hebben’, maar dat is makkelijker gezegd dan gedaan als dat openbaren de inzet van vakmensen en dure machines vereist. Gelukkig was daar de firma Gestetner, opgericht in 1881 door de Hongaarse jood David Gestetner, die op het idee van een soort kopieermachine kwam toen hij in dienst van de Weense aandelenbeurs elke dag transacties met de hand moest kopiëren. Voor het zover kwam werkte hij eerst nog een tijdje in Chicago, waar hij vliegers van rijstpapier maakte en verkocht. Het verhaal gaat dat hij een potje inkt omstootte over een stapel vliegers en zag dat het patroon van de bovenste vlieger werd herhaald in de onderliggende exemplaren. Habemus stencilmachine…

Het internet is de stencilmachine van onze tijd. Je hoeft niet veel te kunnen of te weten om je ideeën te verspreiden en dat verklaart enerzijds dat ideeën wijder worden verspreid dan ooit en anderzijds dat zoveel onzin zo welig tiert dat het soms net lijkt op de reclamepagina’s die je vroeger in de televisiegids zag en waarop noviteiten werden aangeprezen als een handnaaimachientje, een regenjas die kon worden opgevouwen tot een pakketje ter grootte van een luciferdoosje en natuurlijk de röntgenbril die door kleren kon kijken. Dat werd gekocht omdat mensen geloofden dat het werkte, ook al zou gezond verstand moeten zeggen dat een naaimachientje ter grootte van een nietapparaat niet veel soeps kan zijn. Over de natuurkundige onmogelijkheid van een röntgenbril hoeven we het niet hebben.

Op Instagram en Facebook wordt sinds een tijdje de Handy Heater aangeprezen. Een kacheltje zonder snoer dat, door middel van een stekker op zijn rug, in het stopcontact wordt gestoken. Handy, en ook best gevaarlijk, want het ding weegt bijna een halve kilo. Het kacheltje, iets groter dan een pak suiker, beweert met zijn 370 watt output hele kamers te kunnen verwarmen. Een beetje föhn levert drie tot vier keer zoveel energie, dus je kunt beter een haardroger gebruiken. Maar op die 370 watt moet je je niet blind staren, zeggen de mensen, want het kacheltje heeft ‘een keramisch element’. Ja maar, werp ik tegen, het maakt toch niet uit hoe de warmte tot stand wordt gebracht: keramisch, gasvlam of een met heet water gevulde radiator? Het gaat om de hoeveelheid geproduceerde energie. 370 watt wordt niet meer, of minder, door de manier waarop die energie tot stand komt. Natuurkunde, mensen!

Wie geen genoeg kan krijgen van de onzin die wordt beweerd over kleine kutkacheltjes en wat ze wel en niet kunnen, moet eens kijken op Technology Connections, waar presentator Alec Watson even komische als wanhopige pogingen onderneemt om uit te leggen hoe warmte (energie) werkt.

Het leven kan weleens een nogal banale aangelegenheid zijn

Terug naar de Handy Heater, want die levert ‘comfortabele warmte waar u wilt, tot 32°C. De temperatuur is instelbaar van 15°C tot 32°C.’ Alsof dat iets zegt. De snelheidsmeter van je auto kan wel tot 500 kilometer gaan, maar dat betekent niet dat die auto ook zo hard zal rijden. De enige ruimte die de Handy Heater ooit tot 32 graden zal verwarmen is een schoenendoos.

Mensen geloven graag in wat te mooi is om waar te zijn, of op zijn minst dat de werkelijkheid niet de werkelijke… eh… werkelijkheid is, want in dat geval kan het leven weleens een nogal banale aangelegenheid zijn.

Geloof, hoop en liefde hebben met elkaar gemeen dat er logica noch redelijkheid aan ten grondslag hoeft te liggen. Dat verklaart de stalker, het idee dat achter de wolken de zon schijnt en de onwelriekende minestrone die QAnon heet. Er is, zoals Prediker al zei, niets nieuws onder de zon. Laten we niet vergeten dat we tientallen jaren lang zijn geregeerd door een koningin die zich tot een gebedsgenezeres wendde, dat er nog niet zo lang geleden een hoge ambtenaar op Financiën zat die in kabouters geloofde en dat er nog steeds mensen zijn die denken dat graancirkels worden gemaakt door buitenaardse wezens. Zelfs als de aardse scheppers tevoorschijn komen om te demonstreren hoe zij hun cirkel hebben gemaakt.

Heel lang geleden, toen ik als jongmaatje stukjes schreef voor de Drentsche en Asser Courant werd ik eens naar een verse cirkel gestuurd. Bij aankomst had zich een groepje belangstellenden gevormd van wie een aantal ‘de energie’ van de buitenaardsen duidelijk kon voelen. Een week later traden de makers, twee jonge jongens, uit de schaduwen. Ze hadden het met een plankje en een stuk touw gedaan. Dat overtuigde de gelovigen niet.

Ik snap dat wel. Het is niet fijn om toe te geven dat je ernaast zat. Voor de gelovige staat er iets op het spel en dat is minder de houdbaarheid van zijn overtuiging dan een gevoel van eigenwaarde. Als jouw denkwereld een zeepbel blijkt, wat ben jij dan? Zo wordt het nog knap moeilijk om de dwalenden ervan te overtuigen dat blaaskacheltjes van 370 watt het huis niet kunnen verwarmen en dat er weinig redelijkheid zit in het idee dat corona een geheim plan is om ‘ons’ te onderdrukken (waarom zo ingewikkeld?). Misschien moet de overheid een SIRE-campagne opzetten waarin Ockhams scheermes wordt uitgelegd. Anders koop ik wel een stencilmachine en doe ik het zelf.