Economie

Sterkste schouders

In verkiezingstijd veranderen veel politici in clichémachines, in wandelende gebedsmolens waarop steeds dezelfde mantra rondgaat, in speeldoosjes met een enkel liedje. Dat geldt voor de financiële woordvoerder misschien nog wel het meest.
Die van de linkerkant roepen steevast: ‘De sterkste schouders moeten de zwaarste lasten dragen.’
En: 'We moeten de economie niet kapot bezuinigen.’
Vanaf de rechterflank klinkt met gekmakende regelmaat: 'Kom niet aan de hypotheekrenteaftrek, want dan stort de huizenmarkt in.’ Het bekt allemaal heerlijk. Maar het zijn drogredeneringen.
Neem die zwaarste schouders waar de linkse politici zo graag de zwaarste lasten op laden. Op zich een prima idee, natuurlijk. Wie rijk is kan een groter deel van zijn inkomen missen. Alleen dragen in Nederland die schouders al verreweg de zwaarste last. Als het om de verdeling van het netto inkomen gaat, is Nederland al een van de meest genivelleerde landen ter wereld. Alleen in Scandinavische landen en Oostenrijk is het verschil tussen rijk en arm nog kleiner. Het was nota bene het huidige SP-Kamerlid Ewout Irrgang die in 2006 in het economenblad ESB een onderzoek presenteerde waaruit bleek dat 'de inkomensongelijkheid in Nederland internationaal gezien nog altijd op een relatief laag niveau ligt’. Hij vervolgt: 'Niet zozeer de ontwikkeling van de inkomensongelijkheid in Nederland vanaf 1990 is opvallend als wel de opmerkelijke stabiliteit daarvan.’
Het gaat in Nederland dus niet om de vraag of de sterkste schouders de zwaarste lasten moeten dragen, maar of we nog meer gewicht van de zwakkere schouders naar de sterke moeten verplaatsen. Het is geen vraag van principe, zoals links graag doet voorkomen, maar van proportionaliteit.
Een andere mantra van links, die we deze verkiezingen extra vaak zullen horen, is die van het 'kapot bezuinigen van de economie’. Als we nu het begrotingstekort te snel verminderen, zou dat de prille economische groei in de knop breken. Uiteindelijk zullen we moeten bezuinigen, maar eerst moet er sprake zijn van gezonde economische groei. Te vroeg, te hard ingrijpen, leidt tot een nieuwe recessie en maakt de begrotingsproblemen alleen maar groter. Dat willen we natuurlijk niet.
Althans, dat willen we niet voor Nederland. Toen er in de Tweede Kamer over Griekenland werd gesproken, en eventuele steun voor dat land, moest er in dat land juist wél hard worden bezuinigd. Ook in Spanje en Portugal moet de broekriem een paar gaatjes strakker - recessie of niet.
Maar wat verstandig is voor zuidelijke eurolanden geldt blijkbaar niet in het noorden. Toch is ook Nederland, net als Griekenland, uiteindelijk afhankelijk van de grillen van internationale kapitaalverschaffers. Ieder begrotingstekort moeten we op de kapitaalmarkt zien te financieren. Met een tekort van meer dan zes procent van het bruto binnenlands product (ruim twee keer de euronorm) en een snel oplopende staatsschuld is Nederland niet zomaar verzekerd van eeuwigdurende trouw van het internationale kapitaal. We moeten die trouw telkens weer verdienen met zuinig, betrouwbaar en voorspelbaar begrotingsbeleid. Niet bezuinigen schaadt de economie mogelijk nog veel meer dan wel vroegtijdig ingrijpen.
Komt de onzin alleen van links? Welnee, rechts kan er ook wat van. Daar roept men graag dat we nu de fiscale behandeling van de eigen woning niet kunnen hervormen. Alleen al praten over vermindering van de hypotheekrenteaftrek zou de bodem onder de toch al zo geplaagde huizenmarkt weg slaan. De discussie leidt tot grote onzekerheid en uitstelgedrag bij potentiële huizenkopers. Niet hervormen tijdens een crisis. Doodzwijgen van het onderwerp is het enige verstandige beleid.
Maar ondertussen zijn huidige en toekomstige huiseigenaren heus niet gek. Zij zien ook wel dat er ooit een einde zal komen aan het systeem in deze vorm. Juist door er niet over te praten vergroot je de onzekerheid. Bovendien, als we de crisis te boven zijn, is er veel minder reden om de pijnlijke maar noodzakelijke operatie van het saneren van de renteaftrek ter hand te nemen. Juist in een crisis wordt alles vloeibaar en kunnen de politici het Haagse taboe doorbreken.
De belastinghervorming zal zo geleidelijk mogelijk moeten worden uitgevoerd, om zo de negatieve gevolgen voor de huizenmarkt en het netto inkomen van huiseigenaren uit te smeren. Hoe eerder we beginnen, hoe rustiger de invoering kan. Juist uitstel zorgt voor ellende.