Stijlvol speelfilmdebuut over een tweetal dat weigert zich nog langer te schikken

Queen & Slim

Nooit eerder zag ik in een speelfilm zo’n giftige versnelling van een routine-aanhouding naar iemands dood zo schrijnend en intiem in beeld gebracht.

Het is een weinig sprankelende Tinder-date geweest waar geen vervolg op gaat komen. Hij at veel, zij weinig; hij bleek een zachtaardige welzijnswerker en zij een strenge advocate; hij zei dat hij zo graag in dit restaurantje komt, zij vroeg of hij andere plekken niet kon betalen; ze vertelde hoe zwaar haar werk soms werd en dat ze daardoor na weken toch was ingegaan op zijn Tinder-berichtje, ze wilde afleiding, en nu zitten ze in de auto en galmt er zwarte soulmuziek door de speakers, zij heeft net gezegd dat ze naar huis wil, in haar eentje, en hij gaat daar ietwat teleurgesteld mee akkoord, hij wil de telefoon grijpen die ze heeft vastgepakt om de muziek te besturen, de auto slingert kort, en dan klinkt achter hen een sirene.

License and registration please. Harde stem. De agent, een witte man van middelbare leeftijd, kijkt hen lang en onderzoekend aan. De jongen, zijn naam is Slim, wordt gesommeerd de auto uit te stappen. Het meisje heet Queen en blijft zitten. De agent vraagt aan Slim: heb je gedronken? Nee, zegt die, ik drink al jaren niet. Agent: mag ik in de kofferbak kijken? Ja hoor. Wat ga ik daar vinden, boy? Schoenendozen, zegt Slim, staand in een lege, donkere straat, inmiddels rillend van de kou. Wat zit er in die schoenendozen? Ehm, schoenen. Dat blijkt te kloppen – ietwat geïrriteerd smijt de agent de schoenendozen en kofferbak weer dicht. Dan stelt Slim voor het eerst een vraag – voorzichtig, want hij weet dat hij niks bepaalt in deze situatie, dat hij is overgeleverd aan wat de agent hem ook maar opdraagt: of hij misschien zijn auto weer in mag, aangezien hij het koud heeft? Meteen daarop trekt de agent zijn wapen en houdt hem aan – ga op de grond liggen, boy. Nu stapt Queen ook uit. Ze zegt dat ze advocaat is en vraagt op welke grond de verdachte wordt aangehouden; er komt geen antwoord, iedereen schreeuwt plotseling door elkaar heen, Queen kondigt aan dat ze haar mobieltje gaat pakken, de agent richt op haar en schiet op haar been, een schampschot, waarna Slim op hem springt, zijn wapen pakt en de agent doodschiet.

Het sterkste aan dit begin van Queen & Slim is het opsmukloze ervan: er klinkt geen waarschuwende of onheilspellende muziek, er is geen intense slow motion, er wordt niets gedramatiseerd of opgepompt. Dit geeft de scène iets schijnbaar routineus, tenminste, je voelt dat de twee hoofdrolspelers vaker met soortgelijke situaties te maken hebben gehad, of er in elk geval uit hun nabije omgeving over hebben gehoord. En zodra de agent begint met praten voel je zelf ook hoe een aanvankelijk gewone avond zal escaleren, op een verstilde en daarna toch explosieve manier, met allemaal kleine handelingen die eenmaal uitgevoerd stuk voor stuk niet ongedaan gemaakt kunnen worden. Het ene moment zitten er gewoon twee mensen in een auto na een middelmatige date, het volgende moment ligt er een agent dood op straat. Is dat de schuld van die agent zelf, omdat hij maar bleef drammen en opeens zijn wapen trok? Hadden Queen en Slim (overtuigende rollen van respectievelijk Jodie Turner-Smith en Daniel Kaluuya) deze escalatie kunnen voorkomen door helemaal geen vragen te stellen en zich volkomen onderdanig te gedragen? Of waren ze op den duur dan zelf slachtoffer geworden?

Het is onmogelijk om het vele recente – en vaak gefilmde – politiegeweld van witte agenten tegen onschuldige, doorgaans voor pietluttigheden aangehouden zwarte mensen niet mee te voelen resoneren bij deze openingsscène. Dat zijn beelden die vrijwel iedereen kent, maar nooit eerder zag ik in een speelfilm zo’n giftige versnelling van een routine-aanhouding naar iemands dood zo schrijnend en intiem in beeld gebracht. Het intrigerende verschil met de gangbare werkelijkheid is dat de twee zwarte verdachten in Queen & Slim geen lijdend voorwerp blijven. Ze onttrekken zich aan het volgzame, ondergeschikte scenario dat ze geacht worden te volgen: door het politiewapen te pakken en zo eindelijk de macht te grijpen, door zich vervolgens niet aan te geven maar te vluchten, en dus zelf te kiezen waar ze heen gaan.

Dit stijlvolle speelfilmdebuut van Melina Matsoukas (1981) – die eerder al bekroonde videoclips maakte voor onder meer Beyoncé, Rihanna en Snoop Dogg – vertelt het verhaal van die vlucht, en vooral van de bijbehorende autonomie. Onvermijdelijk dringen zich bij deze gewelddadige road trip associaties met Bonnie en Clyde op, maar dan wel in een uitgesproken moderne variant, met de indringende raciale ondertoon. Hoezeer ze na die ongeplande moord ook op elkaar aangewezen zijn, hoe strikt ze ook weg blijven van de plaatsen die ze kennen en waar ze dus verwacht worden, Queen en Slim zijn niet zomaar twee vluchtende eenlingen, ze zijn typisch 21e-eeuwse zwarte mensen die zich middenin de maatschappij begaven en ook blijven begeven, jongeren die zijn opgegroeid in een tijd waarin de segregatie weliswaar is afgeschaft, maar waarin ze toch nooit helemaal gelijkwaardig blijken aan hun witte omgeving, waarin ze op ieder moment ter verantwoording geroepen kunnen worden.

Tot nu. Nadat ze op de vlucht zijn geslagen dienen zich weliswaar allerlei penibele momenten aan, wanneer ze als opgejaagd wild weer een nieuwe schuilplaats moeten zoeken, maar daartegenover staan momenten van absolute vrijheid – en liefde. Queen & Slim wisselt hierdoor af en toe bruusk van toon, soms schurkt het verhaal tegen de kitsch aan en er worden de nodige clichés afgevinkt, maar dat lijkt allemaal wel doelbewust te gebeuren; het zoete contrasteert scherp met de grimmigheid. De film is daarmee niet alleen een rauw-realistische weergave van hoe zwaar het leven voor een hedendaagse zwarte persoon kan zijn, en hoe makkelijk er een gruwelijke keten van gebeurtenissen in werking kan worden gesteld – nee, Queen & Slim draait ook om de opbloeiende liefde tussen twee tegengestelde karakters die steeds meer naar elkaar toe groeien, die deels noodgedwongen en deels uit overtuiging dezelfde strijd gaan voeren, en zich ook onderdompelen in de rijkdom van zwarte cultuur. In zekere zin is Queen & Slim een viering van black excellence, de met name binnen hiphopkringen veel gebruikte term om trots op zwarte cultuur mee aan te duiden. We krijgen mee hoe Slim & Queen allerlei snippers soul en rap beluisteren; we zien hoe ze, wanneer ze stranden met autopech, hopen op een zwarte passant, geen witte; het thema ‘black ownership’ wordt expliciet opgeworpen en intussen stippelen ze naar eigen inzicht hun tocht uit door een versplinterd zuidelijk Amerika.

‘You look guilty,’ zegt Queen na een tijdje tegen haar reis- en lotgenoot, als die inderdaad nogal bedrukt om zich heen kijkt.
‘I am guilty,’ zegt hij.
Nee, is haar veelzeggende antwoord. Guilty word je pas als je wordt aangeklaagd en veroordeeld, niet als je op de vlucht bent en niemand je te pakken krijgt. Queen en Slim schikken zich niet in hun schuld, zodra hij die agent heeft neergeschoten schikken ze zich voor het eerst in hun leven nergens meer in. Dat valt te zien als een grote persoonlijke overwinning, ware het niet dat er ook iets wrangs aan kleeft dat er zo’n gewelddadige, van buitenaf opgelegde aanleiding nodig is voor ze zichzelf die fiere houding toestaan.

En intussen blijken ze ook nog viral te gaan: er is een dashboardopname gemaakt van de moord op de agent, en die opname leidt tot massale steun van met name zwarte mensen. Per dag groeit de publieke bijval, zeker wanneer blijkt dat de agent zich eerder al schuldig maakte aan etnisch profileren en aan excessief geweld. Er worden prompt T-shirts gedrukt met de gezichten van Queen en Slim erop, er vinden nationale anti-politieprotesten plaats die doen denken aan enkele felle demonstraties die de afgelopen jaren werkelijk in Ferguson en Baltimore plaatsvonden. Zo gaat het verhaal van Queen en Slim niet alleen over autonomie of ontsnappingsdrang, maar ook over de verbindende werking van angst en woede van een weggedrukte groep, en uiteindelijk misschien nog wel het meest over onderlinge solidariteit.

Het is opvallend, en ook een tikkeltje ongeloofwaardig, hoe lang het tweetal het zonder doordacht plan volhoudt om de politie steeds een stap voor te zijn en maar te blijven vluchten, alsmaar verder zuidwaarts, Louisiana door, tot bij een klaarstaande helikopter nabij Cuba aan toe, maar dat hebben ze goeddeels te danken aan degenen die hen op cruciale momenten helpen. En het is geen toeval dat die figuren allemaal zwart zijn. Denk aan de vader van Slim die wanneer zijn zoon hem opbelt abrupt ophangt, vlak voordat Slim zijn tijdelijke verblijfplaats noemde, en zo de stiekem meeluisterende politie zou verraden waar hij zit. Of de barvrouw die wanneer Queen en Slim daar incognito komen dansen en drinken – geheel in lijn met hun onuitgesproken motto: je niet schikken in de ondergeschikte rol die je wordt opgedrongen – plots naar hen toe leunt en zegt: geen zorgen, jullie zijn hier veilig. Er is ook nog een getraumatiseerde, brallende oom van Queen die hen ondanks zijn stoere houding behulpzaam onderdak biedt en geld meegeeft. Een agent die wanneer hij ze vindt in een afgelegen garage, klaar voor een nieuwe vlucht, kort aarzelt en dan een hoofdknikje maakt: vertrek maar, ik hou jullie niet tegen.

Veelbetekenend is de korte glimp die Queen tegen het einde van het platteland opvangt wanneer ze met Slim verder richting het zuiden rijdt: op een katoenveld verrichten tientallen zwarte mensen fysiek zwaar werk, ongetwijfeld tegen betaling, maar in wezen net als een eeuw geleden, onder toeziend oog van een witte eindverantwoordelijke. Het zijn, kortom, new slaves, zoals Kanye West de hedendaagse zwarte ooit treffend omschreef.

West zou het opstandige gedrag van Queen en Slim vast goedkeurend gadeslaan en hij zou zich ongetwijfeld verwant voelen met de status van publieke martelaar die ze steeds meer aannemen. Zelf lijken ze gaandeweg ook niet anders meer te willen. Misschien omdat ze na die fatale aanhouding begrijpen dat er geen weg terug is. Misschien ook omdat een andere waarheid steeds meer tot hen doordringt: nu ze enkele dagen als voortvluchtigen het land doorkruisen krijgen ze meer voor elkaar dan ze met jaren welzijnswerk en advocatuur hebben gedaan. Zo bezien neemt Queen & Slim zelf ook stelling. De film laat zien dat schreeuwen of terugslaan soms het effectiefst werkt, dat zelfs aan de meest uitzichtloze realiteit kracht ontleend kan worden, en dat iemand die zonder aanleiding wordt aangehouden en zijn kofferbak moet openen, uiteindelijk voluit zijn stem kan laten horen, en dat er vroeg of laat ook nog naar hem geluisterd zal worden.


Queen & Slim is nu te zien bij Pathé Thuis, Ziggo on Demand en KPN on Demand