Philip Mechanicus

Stof genoeg

Op de dag van de arbeid lag iedereen er zalig nietsdoend rood te worden.

Sommigen waren nog oranje van de vorige dag. In dit park is altijd iets te doen. Het ene moment schaf je je een zeldzame Maarten ’t Hart aan voor twee kwartjes, 24 uur later moet je er vijftig cent naast leggen voor een enkele reis in de draaimolen.

Nog een heel gedoe geweest. Die naamgeving van het Vondelpark omstreeks 1864. Eerst was het Rij- en Wandelpark of Nieuwe Park. Daarna Vondelspark.

Bijna als Willem Spark. Op gezag van Alberdingk Thijm werd de verdwaalde s verwijderd en heel lang daarna heeft Nico Scheepmaker ons geleerd dat ook Vondelpark onzin is en dat het, juist en nog eens juist, Van den Vondelpark moet zijn. Alles terug te vinden in de mooie uitgave Ode aan het Vondelpark. Acht jaar geleden onder de mensen gebracht door Kunsthistorisch bureau D’ARTS. Warmbloedige tekst, mooie verzen (lees Den Brabander en K. Schippers) en een tovertapijt van foto’s. Destijds gemist maar alsnog onder ogen gekregen. Ik heb alles met Botticelli, Schiele en Appel maar een foto kan mij soms veel heftiger om het hoofd slaan. Die foto staat er ook in. Van nature weet ik dat je een foto nimmer mag omschrijven. Dat gaat daarom de neus voorbij. Ik zeg niets anders dan «Heren in de sneeuw».

Toevallig wel in 1897 en minder toevallig van de grote (Zandhoekse) fotograaf Jacob Olie. Alleen Samuel Beckett is later nog eens in de buurt gekomen van wat die foto weergeeft. Enkele trefwoorden. Ontheemd, marginaal en het adjectief «tijdloos». Hoorden we toch al zo weinig de laatste tijd.

Mocht er weer eens sprake zijn van een onverhoopte herziening van de naam, ze zijn daar in Oud-Zuid toch altijd zo lekker bezig, heb ik mijn suggestie al klaar liggen: het Jacob Oliepark. Dat was het waar die twee met bolhoed het toen ook al over hadden.