Philip Mechanicus

Stof genoeg

Wilde je een echte man worden dan moest je op dansles. Zeiden ze op school.

Mijn initiatie vond plaats op een duister plein waar Carmiggelt, volgens eigen schrijven, nog eens W.H. Klooster tegenkwam. De laatste vermomd als hond en kletsend over een berijmd telefoonboek.

Mijn danslesperiode vond plaats in een jaar met veel goede muziek. De song Quicksilver was daaronder waarachtig niet de minste. Op de maten daarvan schoof ik een merkbaar schoongewassen meisje over het parket. Van je quick quick en je slow slow. Maar het mooiste lied van dat jaar overtrof alles. De eenvoudige titel Music, music, music gaf goed aan waar het om ging.

Zangeres was Teresa Brewer.

Zelf geschreven, toen ze ook nog op school zat. De eerste regels: «Put another nickel in, in the nickelodeon/ All I want is loving you and music, music, music!» vielen elke keer weer als een hemels stortbad je brein binnen. Het ging erg ver. Deze elementaire zedige boodschap uit duizenden zedige luidsprekers in het zedige Holland.

Zelfs zo, dat deze eigen Groene niet om het fenomeen heen kon. Een stuk, boven aan de pagina. Waar nog nooit eerder de schaduw van een letter voor Dinah Shore, Evelyn Knight of zelfs Rosemary Clooney had geprijkt.

Waarschijnlijk ook niet geschreven door Matthijs Vermeulen. Ik kon het mij desondanks helemaal voorstellen. De stem van Teresa? Je kunt het beste denken aan een re-mix met terugwerkende kracht van Chi Coltrane en Cindy Lauper.

Daarom ben ik een soort man geworden. Dankzij Teresa en ondanks al die licht tegenwerkende meisjes op de dansvloer.

Of was die hond vermomd als Simon Carmiggelt?