Radio B92-hoofdredacteur vogelvrij

Stoorzender

Veran Matic, hoofdredacteur van de onafhankelijke Joegoslavische radiozender B92, is vogelvrij. Tijdens de bombardementen vluchtte hij omdat zijn naam op een dodenlijst prijkte. Nu is hij terug in Belgrado. Om het regime en de oppositie het vuur aan de schenen te leggen.

‘MIJN ONTMOETINGEN met vooraanstaande politici als Madeleine Albright hadden maar één motief: het beschermen en verder uitbouwen van ons radiostation, en natuurlijk de totstandkoming van vrede, democratie en stabiliteit in deze regio. Ik acht die ontmoetingen niet van bijzonder groot belang, althans niet op het persoonlijke vlak. Ik heb er problemen mee gekregen. Na iedere ontmoeting werd ik in de regeringsmedia als een duivel afgeschilderd. Toen de radiozender door de politie werd bezet, hoorde ik dat ze vooral lol hadden over de foto’s waar ik samen met vooraanstaande politieke figuren op stond. Later hebben ze die in hun campagne tegen mij gebruikt, net als de vondst van alle nummers van Koha ditore (een onafhankelijk Albanees dagblad uit Kosovo — zd).’


Mediakritiek, zoals deze van Veran Matic, hoofdredacteur van Radio B92, op het regime van Milosevic is schaars in Servië. Tijdens de Navo-bombardementen vernietigden de Joegoslavische autoriteiten het laatste restje van de Servische vrije pers. Nog steeds neemt de repressie toe. De meedogenloze mediawet werd onlangs weer aangescherpt. Op het regime onwelgevallige uitlatingen staan enorme boetes, ondersteund met het in beslag nemen van apparatuur, dubieuze rechtspraak en arrestaties. Veran Matic is een van de weinigen die zijn nek blijft uitsteken. Zijn Servische zender blijft nog altijd trouw aan zijn onafhankelijke status, ondanks de levensgevaarlijke omstandigheden waarin journalisten in Belgrado momenteel werken.



B92 BERICHT kritisch over het Milosevic-regime, maar ook over de oppositie en de opstelling van het Westen jegens Joegoslavië. Het radiostation werd tien jaar geleden opgericht, een paar maanden voor de val van de Muur. Na een stormachtig decennium en dankzij de opbouw van het radionetwerk Anem kon B92 door luisteraars in het grootste deel van Servië worden ontvangen en groeide het station uit tot het symbool van de onafhankelijke media op de Balkan. De programma’s boden een combinatie van opstandigheid, rock ’n’ roll, het gebruik van internet en een speciaal soort humor. Het station wekte de risicovolle verwachting dat het een effectievere oppositie tegen het regime van Milosevic kon voeren dan de verdeelde oppositiepartijen.


Om die reden werd Radio B92 tijdens de Kosovo-oorlog door de Joegoslavische overheid behandeld als staatsvijand, en omarmd door westerse leiders. Madeleine Albright, Robin Cook, Richard Holbrooke, Al Gore en Hillary Clinton — allen wilden spreken met hoofdredacteur Veran Matic. Die gesprekken waren echter niet altijd wat de kopstukken ervan verwachtten. ‘Ik heb permanente kritiek op het beleid dat die mensen voeren. Dat moet je kunnen uitspreken tijdens een ontmoeting, en niet via de media. Sommigen, zoals Holbrooke, vatten dat op als een belediging, anderen maakten er op een onhandige manier gebruik van, soms met rampzalige gevolgen. Zo noemde Cook tijdens de bombardementen tweemaal mijn naam, hij vertelde dat onze zender was verboden en wees op de noodzaak een land te bombarderen waar mensen en media werden vervolgd. Dat heeft onze zaak geen goed gedaan.’


Tijdens de Navo-bombardementen werden de werkruimten van B92 door de autoriteiten gesloten en de apparatuur in beslag genomen. Inmiddels is het station weer in de lucht, onder de naam B2 92. Voor de uitzendingen wordt gebruik gemaakt van ruimte en apparatuur van Studio B, de televisiezender van oppositiepartij SPO, geleid door Vuk Draskovic. Matic: ‘We kregen bij de start van B2 92 alle ruimte om autonoom te werken. Niemand probeert ons te beïnvloeden, behalve natuurlijk het staatsapparaat, dat zwaar gefrustreerd is omdat wij ondanks de meest rigoureuze vormen van repressie alles opnieuw hebben kunnen opbouwen. Maar in feite zijn we een soort vluchtelingen. We doen ons werk onder aanmerkelijk moeilijker omstandigheden dan vóór de bombardementen.’


Hoe is tegenwoordig de positie van onafhankelijke journalisten in Servië?


‘Er zitten ongeveer vijfhonderd journalisten zonder werk. Velen zijn hun baan kwijtgeraakt omdat het regime de media waarvoor ze werkten heeft opgedoekt. De situatie voor journalisten wordt steeds gevaarlijker, want het regime voelt zijn macht wankelen. De buitenlandse sancties tegen individuele personen en instellingen lijken meer resultaat af te werpen dan de weinig selectieve sancties tegen het land als geheel, die Milosevic eerder politiek voordeel opleverden. De vernietigde infrastructuur van radio en televisie vormt voor het regime, ondanks de herstelwerkzaamheden, een ernstige handicap. De uitzendingen van B2 92 en TV Studio B worden dagelijks gestoord sinds onze programma’s werden hervat en Vuk Draskovic zijn politiek wijzigde. Hieruit blijkt hoe nerveus men zich binnen het regime voelt en hoezeer men gefocust is op de onafhankelijke media, meer nog dan op de oppositie. De onafhankelijke media staan op dit moment boven aan de lijst van wie of wat de heersende dictatuur als haar vijanden beschouwt.’


Na de onopgehelderde moord op de journalist Slavko Curuvija deden geruchten de ronde over een dodenlijst waarop ook uw naam zou prijken.


‘Ik voelde me vooral onbehaaglijk, dat is het enige woord dat ik ervoor heb. En niet alleen ik. Bijna al mijn vrienden en medewerkers hadden dat gevoel. Het idee dat ze iemand zomaar kunnen oppakken en vermoorden is niet bepaald aangenaam. Vooral als het om je dierbaren gaat. Dat is waar je je dan de meeste zorgen over maakt. Toch is er ook een beschermingsmechanisme dat er juist voor zorgt dat je het uit je hoofd probeert te zetten en iedere dag je best doet om verzet te bieden. Pas later vernam ik dat dit niet zo verstandig was, want er waren vanuit de top van de regering reële bedreigingen geuit, en die betroffen ook mij persoonlijk. Ik ben gearresteerd, maar na een dag weer vrijgelaten. Pas half mei ben ik in Montenegro ondergedoken, toen bleek dat ik ook fysiek zou kunnen worden bedreigd.’



TIEN JAAR geleden, toen de eerste uitzendingen begonnen, was Radio B92 nog niet het symbool van vrijheid en verzet dat het later werd. Maar de basis was gelegd: het radiostation kwam voort uit een beweging die professionele, objectieve journalistiek wilde bedrijven en opkwam voor de vrijheid van informatie. Matic: ‘Het was een volslagen andere tijd. Het leek alsof we aan de vooravond van werkelijke veranderingen stonden. De val van de Berlijnse Muur en de crisis waarin het communistische systeem in de hele wereld verkeerde, Joegoslavië incluis, wekten bij iedereen grote verwachtingen. In die tijd was het Jongerenhuis, waar we op twintig vierkante meter met ons werk begonnen, een levendige plek waar het wemelde van jonge mensen, echte en zogenaamde dissidenten, intellectuelen. Wij dachten dat de veranderingen relatief snel zouden komen.’


Maar het werd oorlog. Eerst in Slovenië, toen in Kroatië en Bosnië, en uiteindelijk in Kosovo. Het geweld, het dictatoriale regime en de westerse sancties zetten een braindrain in gang die nog immer voortduurt. Veran Matic was een van de weinige Joegoslavische intellectuelen die Servië niet de rug toekeerden.


Halverwege de jaren negentig ontstond bij velen in Belgrado de overtuiging dat wie vertrok niet het recht had te oordelen over degenen die bleven. Hoe is in uw ogen de relatie tussen hen die bleven en de ‘diaspora’?


‘Het is natuurlijk buitengewoon moeilijk zoiets mee te maken. Je wordt niet alleen geconfronteerd met het kille, statistische gegeven dat met het vertrek van iedere getalenteerde en waardevolle persoon de weerstand verzwakt, het is ook een heel persoonlijke, emotionele gebeurtenis wanneer iemand met wie je jarenlang goed bekend of bevriend was, ineens het land verlaat. Ik heb nooit iemand veroordeeld of aangeklaagd omdat hij is weggegaan. Ik heb nooit last gehad van wat men tegenwoordig het “Sarajevo-syndroom” noemt. De problemen komen pas als iemand enige tijd na zijn vertrek vraagt: “Wat doen jullie daar? Zijn jullie wel normaal?” Dan krijg je echt het gevoel dat er iets is veranderd en dat iemand die gisteren je vriend was, je nu voor gek aanziet. Je wordt daar boos én verdrietig van. Maar we doen ons best om via contacten in onze programma’s bruggen te slaan en de af en toe opkomende vijandigheid jegens degenen die vertrokken te elimineren. Dat vinden we van groot belang. De waarde die mensen aan ons bestaan kunnen toevoegen als ze belangrijke veranderingen hebben doorgemaakt, is heel groot. Niet alleen door hun ervaringen met het “leven in een democratisch bestel” maar ook door de concrete kennis en vaardigheden die ze hebben verworven.’



HET NAVO-ingrijpen leidde tussen intellectuelen over de hele wereld tot hooglopende ruzies. Na de bombardementen deed Veran Matic zijn best de misverstanden uit de weg te ruimen. Met name tussen donors en internationale hulpverleners aan de ene en de onafhankelijke Servische media aan de andere kant bestaan nog veel meningsverschillen. Matic: ‘Ik wil doen wat ik kan om een rustige en nuchtere discussie op gang te brengen over alle onderwerpen waarover enige vorm van misverstand en onbegrip bestaat. We moeten komen tot een proces van onderzoek, zowel hier als in het buitenland. We werken aan een project om de publieke opinie ontvankelijk te maken voor een openlijk verslag van de misdaden in Kosovo en andere delen van voormalig Joegoslavië. B92 heeft aan dit onderwerp vele programma’s gewijd en er boeken over uitgegeven. We zouden graag gebruikmaken van ervaringen in landen waar zo’n onderzoeksproces ver is gevorderd, als Zuid-Afrika, Chili en Argentinië. Maar kreten als “de denazificatie van Servië” zijn inadequaat en contraproductief want daarmee worden historische parallellen getrokken die niet van toepassing zijn. Ik zou willen pleiten voor een nieuw onderzoek naar onze eigen rol en verantwoordelijkheid en de schuld die we dragen.’


De toon van de intellectuelen-ruzies deed sterk denken aan die van de Koude Oorlog.


‘Dat klopt. Tussen het Westen en Servië bestaan in zekere zin nog steeds klassieke, Koude Oorlog-achtige misverstanden. Het voert te ver om dat in een paar simpele woorden uit te leggen. Je begint het wat beter te begrijpen als je kijkt naar het doel en de uitwerking van de Navo-interventie. Dat was enerzijds het voorkomen van een humanitaire ramp, het herstel van de vrede en de multi-etnische samenleving in Kosovo, en anderzijds het ten val brengen van Milosevic. Welnu, men heeft de ene humanitaire ramp weten te voorkomen en daarvoor in de plaats een andere veroorzaakt, maar van een multi-etnisch Kosovo of de val van Milosevic is geen sprake. De tijd zal snel leren wat aan beide zijden — de Navo en de regering-Milosevic — de werkelijke belangen waren. Milosevic’ werkelijke tegenstanders zijn nog altijd zij die van meet af aan zijn tegenstanders waren. Van buitenaf is geen oplossing te verwachten die tot vervanging van zijn regime kan leiden.’


Tijdens het beleg van Sarajevo toonden de media een bijna ongelooflijk vermogen om de oorlog met een ironische blik te bezien. Waarom gebeurde dat niet in Belgrado?


‘Tijdens de bombardementen moesten we onze uitzendingen staken, en het is de vraag of enige vorm van sarcasme ten aanzien van de binnenlandse situatie wel zo zinvol was. Op onze website kon je nog wel ironie en sarcasme vinden, maar ik moet toch vaststellen dat onze mensen door de gewelddadige ingreep eerder gedeprimeerd raakten en gingen piekeren dan gestimuleerd werden te blijven functioneren zoals ze vroeger deden. Dat verklaart ook het ontbreken van werkelijk verzet ten aanzien van overheidsrepressie, de censuur en wat dies meer zij. Door hun woede over de gebeurtenissen an sich en de onmacht om daartegen ook maar iets te ondernemen, waren de mensen vooral geneigd zichzelf te handhaven tot alles voorbij was, om dan te kunnen doorgaan waar ze gebleven waren.’


Is een vergelijking mogelijk tussen de oorlogservaringen van Sarajevo en Belgrado?


‘Nee. De oorlog in en rond Sarajevo duurde niet alleen veel langer, maar was ook oneindig veel harder. Een objectieve vergelijking tussen wat men in Sarajevo of in Belgrado aan oorlogservaringen heeft moeten doormaken, is nauwelijks zinvol. Iedere inwoner van Belgrado kon zichzelf voorhouden: “Ik loop geen direct gevaar, want ik woon niet tegenover een kazerne, niet bij de staatstelevisie of naast de politie.” Natuurlijk, vergissingen waren altijd mogelijk. En die zijn ook gemaakt. De inwoners van Sarajevo leefden drie jaar lang in een hel. Wat, los van de verwoestingen, in Servië is gebeurd zal zeker diepe sporen in de ziel van de mensen achterlaten. Ik denk aan de vervolging van de Albanezen en de misdaden die tegen hen zijn begaan, en aan alles wat vervolgens de Serviërs werd en ook nu nog wordt aangedaan.’


Hoe lang houdt B2 92 het nog vol in het repressieve klimaat in Servië? Hebt u hoop dat er spoedig iets ten goede verandert?


‘Het zou makkelijk zijn te zeggen dat er binnen een paar maanden veranderingen komen, maar zo simpel gaat dat niet. We zijn nog niet zo uitgeput dat we alles zouden willen overleveren aan de genade van het ergste systeem dat er in Europa bestaat, een systeem dat ons land niet alleen armoede en vernedering bracht, maar het ook tot voorwerp maakte van haat en wantrouwen in de hele wereld. We zijn bereid nog jaren te blijven strijden.’


Vertaling: Roel Schuyt



Veran Matic’ e-mail-adres: veranb92@xs4all.nl


Website B2 92: www.freeb92.net