Stormachtige affaire, lief portretje

TOKE VAN HELMOND-LEHNING
ZELFPORTRET VAN EEN LIEFDE: CHARLEY TOOROP EN ARTHUR LEHNING
Bas Lubberhuizen, 120 blz., € 19,50

‘’t Is teeder en toch streng – en ook droevig maar toch sterk.’ Zo beschreef Charley Toorop het zelfportretje dat ze in 1928 schilderde voor haar toenmalige geliefde, de anarchist Arthur Lehning. Het hing boven zijn schrijftafel tot Lehning in 2000 op honderdjarige leeftijd overleed. Volgens zijn weduwe, die fragmenten uit de brieven van Toorop aan Lehning bezorgde, zuchtte Lehning wanneer hij het bekeek.
De anarchist en de kunstenares beleefden een stormachtige romance. Voor ze in 1928 in de trein voor elkaar vielen, waren ze in de liefde al gepokt en gemazeld. Lehning woonde samen met een vriendin, de negen jaar oudere Toorop had drie kinderen uit een eerder huwelijk. Toch trok Lehning vrijwel direct in bij Toorop aan de Amsterdamse Leidsegracht, waar ook Piet Mondriaan en andere kunstenaars graag vertoefden. Toorop en Lehning leken een droompaar: beiden kosmopolitisch, belezen, geëngageerd. Maar van harmonie was zelden sprake.
Het dubbelzinnige zelfportret dat Toorop op het doek zette, komt aardig overeen met de wispelturige brievenschrijfster die zich uitsluitend uitte in superlatieven. Soms had ze het ‘zóó moeilijk’, even later had ze ‘zoo genoten’. Eerst hunkerde ze naar het platteland, dan weer taalde ze naar de grote stad. Eens schreef ze: ‘’k ben een onmogelijke vrouw. (…) Zullen we elk ons weegs gaan?’ Drie weken eerder had Toorop nog voorgesteld te trouwen.
Je zou bijna medelijden met haar krijgen, ware het niet dat Toorop in haar brieven ook een minder aangename kant liet zien. Ze kon bijna hysterisch worden van jaloezie en vervolgens suggereren dat Lehning beter naar zijn vroegere vriendin kon teruggaan, omdat die meer van hem hield dan zij. Hoe Lehning hierop reageerde, lezen we niet: zijn antwoorden gingen in een brand verloren. Wel is bekend dat Lehning Toorops brieven soms wekenlang ongeopend liet omdat hij haar buien moeilijk kon verdragen.
De hoogst intieme toon is wellicht de reden dat Toorops erven zich blijven verzetten tegen een integrale uitgave van de honderden brieven. Dat we het moeten doen met een selectie is niet zozeer zonde vanwege Toorops sprekende pen, het is jammer omdat de brieven ook laten zien hoe Toorop reflecteerde op eigen werk. Zo schreef ze: ‘Ik heb vandaag veel werk vernietigd – ’t is alles dikwijls zóó grof zoo wild – zoo zonder diepere noodzaak. Soms juist – héél zuiver heel mooi – dat is de betere ik.’ Tevreden was ze bijvoorbeeld over Herfststilleven, dat ze ‘leeg en fantastisch somber’ noemde. De bladeren symboliseren onze dode liefde, berichtte ze Lehning. ‘’k Wou dat je het eens zien kon.’
Maar de geliefden waren weinig samen. Lehning vertrok voor zijn werk eerst naar Berlijn en week toen uit naar Spanje. Tussendoor moest hij wegens longproblemen kuren in Zwitserland en Frankrijk. Toorop was vaak van huis vanwege portretopdrachten en tentoonstellingen en schilderde dag en nacht.
De relatie liep begin jaren dertig geleidelijk over in vriendschap. Lehning had zijn vertier toen al bij zijn Duitse dokter gezocht. Maar die affaire was slechts een symptoom van de problemen, getuige het feit dat Toorop de dokter allerhartelijkst thuis ontving. Wat het stel opbrak is hun onvermogen – of onwil – werk te laten voor de liefde.
Misschien waren hun karakters ook niet compatibel. Naderhand analyseerde Toorop: ‘Wij drukten elkaar. Beiden te sterke persoonlijkheden en beiden veel “dictatuur” in ons.’ Desalniettemin onderhielden ze een warme correspondentie tot Toorops dood in 1955. Zij liet Lehning achter met het zelfportretje, volgens Toorop: ‘’t beste van me – en juist ’t eenige dat altijd lief en rustig bij je is.’

Vooral geen principes! Overzichtstentoonstelling Charley Toorop. Tot en met 1 februari in museum Boijmans Van Beuningen, Rotterdam