Straks is de helft van de Britse jongeren hoogopgeleid

Londen – Universitair docenten in het Verenigd Koninkrijk staken voor een hoger pensioen, maar hun studenten hebben meer reden om boos te zijn, en niet vanwege de gemiste contacturen. Geen natie zo hoogopgeleid als de Britse. Liefst 43 procent van de Britse jongeren laat zich academisch scholen, ondanks de hoge studiegelden (in Engeland en Wales dan) en de verminderde kansen op de arbeidsmarkt. Het nadert het heilige aantal van vijftig procent dat Tony Blair eind jaren negentig voor ogen had. De Conservatieve minister van Onderwijs David ‘Two Brains’ Willetts droomde enkele jaren terug zelfs van een natie waar zestig of zelfs zeventig procent aan de universiteit is afgestudeerd. In 1993 lag dat percentage rond de vijftien.

De vergroting van de academische toegankelijkheid wordt als een groot en moreel goed gezien, zeker in een klassenmaatschappij als de Britse. Steeds meer jongeren kunnen zeggen dat ze de eerste waren binnen hun familie die naar Oxford, Cambridge of de lse ging. Het is inmiddels zo dat wie niet naar de universiteit gaat en ervoor kiest om meteen te werken of een praktijkopleiding te volgen, vragende blikken krijgt. Studeren is de norm geworden. Wat, dat maakt niet zoveel uit.

Britse universiteiten jagen op studenten en brengen studiegelden in rekening die kunnen oplopen tot tienduizend euro per jaar. Is dat het wel waard, luidt nu de vraag? Een op de vijf afgestudeerden heeft drie tot vijf jaar later nog steeds een baan waar een universitaire graad niet voor nodig is. Ondertussen klagen bedrijven over een tekort aan praktijkmensen. Gezien de hoogte van de studiegelden is het bovendien opmerkelijk dat zeven procent van de afgestudeerden gebrekkige wis- en letterkundige vaardigheden bezit.

In Duitsland daarentegen gaat maar een kwart van de jongeren naar de (gratis) universiteit. Daar hecht men meer waarde aan stages, praktijkopleidingen en scholing binnen bedrijven. Het is een van de redenen dat de arbeidsproductiviteit in Duitsland veel hoger is. De Britse academisering was begonnen onder Margaret Thatcher, die de geliefde Polytechnics (hbo’s) afschafte, en raakte onder Blair in een stroomversnelling. Het heeft gezorgd voor een tweedeling tussen hoogopgeleide stedelingen en de lager opgeleiden in de graafschappen

In het boek The Road to Somewhere beschrijft David Goodhart hoe de obsessie met academisch onderwijs en de verwaarlozing van vakopleidingen heeft bijgedragen aan de stem voor de Brexit. Een stem die vervolgens wordt geweten aan… gebrekkig onderwijs.