Perquin

Stralend

De afgelopen week was ik bij Irene, mijn beeldschone mondhygiëniste. Irene heeft een goed lopende praktijk aan de andere kant van de stad, op de bovenste etage van een pakhuis. Als je daar aankomt moet je op een belletje drukken en na een paar tellen klinkt er dan altijd een langgerekt ‘haai!’ door de intercom. Het is een intens opgewekt geluid dat ik normaal gesproken intimiderend zou vinden, maar dat uit Irene’s mond juist bemoedigend klinkt. Dat is ook noodzakelijk. Tenslotte wordt er van me verwacht dat ik achterover in een stoel ga liggen met mijn kaken wijd opengesperd, terwijl ik verblind word door een lamp en een scherp haakje langs mijn tandvlees voel glijden. Onder die omstandigheden heb ik dan graag een blijmoedige persoonlijkheid boven me hangen. En dat is Irene dus. Blijmoedig en onvermoeibaar. Haar gezicht straalt van levenslust zodra je binnenkomt, alsof je eigenlijk geen cliënt bent, maar gewoon een van haar oudste vrienden. Iemand die zij bovendien dolgraag tussen de tanden gluurt. Omdat ze daar heel gelukkig van wordt. Ik vind dat wel een prettig idee, eerlijk gezegd. Dat ik niemand tot last ben.
Daar komt nog bij dat Irene tijdens de behandeling zo fijn over haar liefdesleven kan vertellen. Heel gedetailleerd. Zo weet ik inmiddels alles van de geldbeluste vastgoedjongen, de gokverslaafde tandarts, de advocaat die getrouwd bleek te zijn ('volkomen pathologische kerel’) en haar laatste ex, de overmatig gebruinde anesthesist met een obsessie voor renpaarden. Zulke mannen komt ze steeds tegen wanneer ze 'clubs’ bezoekt. Het zijn flitsende locaties waar ik geen duidelijk beeld van krijg maar waar in ieder geval veel 'kapotgesnoven gladjakkers in driedelig saai’ komen dansen. Op heel harde muziek. Wapperend met creditcards. Tijdens die verhalen maak ik af en toe instemmende keelgeluiden. Of ik rol even met mijn ogen. Mij hoef je niets te vertellen, betekent dat. Ik weet er alles van. Dat is het prettige aan zo'n bezoek. Zolang ik in de stoel lig, besta ik niet echt. Mijn persoonlijkheid is opgebroken en wordt grondig gerenoveerd. 'Prachtig!’ roept Irene dan. 'Je kunt weer stralend naar buiten.’