Popmuziek: Bruce Springsteen & Little Steven

Strijklicht

Bruce Springsteen © Rob DeMartin

Jeugdvrienden Bruce Springsteen en zijn rechterhand en gitarist Little Steven zijn politiek uitgesproken rockiconen. Nu komen ze vrijwel gelijktijdig met een eigen album dat ver staat van politiek engagement, en even ver van rock. Zowel Springsteen (69) als Steven van Zandt (68) duikt terug in de tijd.

Springsteen op zijn soloalbum Western Stars naar het eind van de jaren zestig en het begin van de jaren zeventig in Californië, Van Zandt op Summer of Sorcery onder meer naar de blues van de jaren vijftig, de doowop uit de jaren veertig en de invloed daarvan weer op The Beach Boys in de jaren zestig. Tijdens zijn huidige tournee, een bruisende cocktail van vijftig jaar muziekgeschiedenis, eert Van Zandt datzelfde Californië als Springsteen. Want: ‘Zonder Californië geen Beach Boys, zonder Beach Boys geen zomer, en zonder zomer geen Summer of Sorcery’. Precies dat heeft hij met het album willen doen: de opwindende belofte van de zomer vangen in muziek. Het is grandioos gelukt, met als hoogtepunt het titelnummer, een gospel van een smeekbede om het volle leven: ‘I want to go let lost in your festival/ Of unlimited possibility/ I want to be transformed/ By your Summer of Sorcery’.

Waar Van Zandt zijn melancholie omlijst met het geluid van levenslust (Vijf blazers! Drie zangeressen!), drenkt Springsteen die op Western Stars juist in strijklicht. Als Summer of Sorcery de felle kleurenfilm over het Californië van de jaren zestig is, dan is Western Stars de zwart-witcinema.

Dit is een Springsteen die bijvoorbeeld op Magic (2007) wel eens voorzichtig doorschemerde tussen de rocknummers, maar die hij nooit een volledig album de ruimte heeft gegeven, en ook nooit zo compromisloos: er staat geen enkel rocknummer op Western Stars, nergens klinkt Springsteens rasp, en de gitaar klinkt spaarzaam en dient vooral om de weelderige strijkers bij en tegen te kleuren. Het is een prachtige, stijlvaste oefening in sombere warmte. Filmisch van begin tot eind, door al die personages die je bijblijven, tot leven gebracht in schetsen van verhalen, voor Springsteen-begrippen kort van stof.

De zanger die ergens ten noorden van Nashville strandt met een hoofd vol spijt (‘For the deal I made, the price was strong’), de oude stuntman met een lijf dat kunstmatig bij elkaar wordt gehouden (‘I got two pins in my ankle and a busted collarbone/ A steel rod in my leg, but it walks me home’) en de acteur uit het titelnummer die tegenwoordig is veroordeeld tot commercials, maar ooit nog in een film werd neergeschoten door John Wayne. Met die prachtig verdrietige vervolgzinnen: ‘That one scene’s bought me a thousand drinks/ Set me up and I’ll tell it for you, friend’.

Al die personages hebben de grote avonturen van het leven achter zich gelaten, maar rust heeft het ze niet gebracht. Twijfel en spijt vreten verder. Al zingt en klinkt Springsteen op Western Stars anders dan we hem kennen, hij beschrijft zijn personages vertrouwd: vol mededogen. Je gunt ze hun rust, stuk voor stuk. Je gunt ze nog één Summer of Sorcery.


Bruce Springsteen, Western Stars; Little Steven and the Disciples of Soul, Summer of Sorcery (live: 19 augustus in TivoliVredenburg, Utrecht)*