Culturele hoofdstad

Structureel gedesorganiseerd

CULTURELE HOOFDSTAD Liverpool

Wat biedt Liverpool als Culturele Hoofdstad 2008? De stad heeft theaters, een filharmonie, ongeëvenaarde musea, drie universiteiten, de wereldberoemde School of Tropical Medicine, een hortus botanicus en wat dies meer zij. Liverpool is best mooi. Op een steenworp afstand van het vliegveld staat Speke Hall, een adembenemend zestiende-eeuws huis met vakwerkgevels; in het centrum staan de pronkgebouwen uit Liverpools gloriedagen in de negentiende eeuw.

De volkscultuur is voetbal, voetbal en nog eens voetbal. Cricket is hier onbekend. Rugby, in de omstreken geliefder dan voetbal, evenzo. Liverpool is in Engeland überhaupt een buitenbeentje. De stad is opvallend blanker dan andere Engelse steden, want de grote naoorlogse immigratie is aan de stad voorbijgegaan – er was immers geen werk. The Sun, verreweg de grootste krant van het land, wordt er niet gelezen. Het plaatselijke accent, scouse, klinkt volkomen anders dan dat van andere noordelijke steden en houdt ongeveer aan de stadsgrens op. Buiten de stadsgrens is sowieso niet veel. In Liverpool leef je als op een eiland.

Liverpool is arm. Volgens het Office for National Statistics wonen de meest misdeelden van het hele koninkrijk in Liverpool. De werkloosheid bedraagt 250 procent van het nationale gemiddelde – zelfs na het vertrek van eenderde van de bevolking in de voorbije veertig jaar. Hele straten staan leeg. Maar deze statige, arme stad is allesbehalve deprimerend. De studenten- en bohémiencultuur is bloeiende, dankzij de lage huren. De politiek is er een tikje exotisch. Door de grote arbeidersklasse, de armoede en de verhoudingsgewijs kleine burgerij is de Conservatieve Partij ver te zoeken en dus werd deze op winstbejag gebouwde stad links, heel links zelfs: in 1983 kwam er een trotskistische kliek aan de macht.

Het beleid van de huidige, centrumlinkse gemeenteraad is op meer berustende leest geschoeid. Onlangs hoorden de scousers dat de gemeente het slechtste financiële bestuur van Engeland heeft. Volgens de gemeente is dit juist aan het Culturele-Hoofdstadgedoe te wijten: men was de alledaagse klussen vergeten. En de fondsen voor het uitbrengen van het bod moesten érgens vandaan komen – er wordt gezegd dat de stadsbibliotheek haar zeer mooie muziekcollectie om die reden heeft verkocht.

De openingsceremonie van de Culturele Hoofdstad kon niet zonder de Beatles. Ringo trad op; het was zijn eerste bezoek sinds decennia. Waarschijnlijk had hij hulp nodig om de weg te vinden. De scousers hebben geen enkele belangstelling voor de Beatles. Waarom zouden ze? Ten eerste is het allemaal wel heel erg lang geleden en ten tweede hadden die vier jongemannen zelf maar één idee: wegwezen. In de jaren tachtig was er een Beatles-museum, dat sloot de deuren omdat niemand kwam kijken. De Cavern Club is in 1973 gesloopt. Die was een beetje versleten en niemand zag een reden om hem op te knappen.

Inmiddels heeft de bevolking begrepen hoe de vork in de steel zit en groeit het aantal Beatles-attracties weer gestaag – enkel om de toeristen van hun poen af te helpen. Zo gaat dat hier: Liverpool is structureel gedesorganiseerd. De metrolus door het centrum rijdt in maar één richting. De straten worden geveegd net vóórdat de vuilniswagen langskomt. Net buiten het centrum liggen de raadselachtige Williamson Tunnels, een uitgebreid netwerk, soms tot drie verdiepingen diep, en buitengewoon mooi afgewerkt met bakstenen gewelven. Niemand weet waarvoor ze dienden.

www.liverpool08.com