Jazz - The Thing

Subtiel slachtwerk

Er zijn tegenwoordig genoeg festivals waar je frisse, alternatieve muziek vindt in plaats van enkel de dertien-in-een-dozijn-gitaarbandjes. Le Guess Who? is zo’n aangelegenheid, hoewel ook daar scheurende gitaren de hoofdmoot en de grootste publiekstrekkers vormen.

Medium muziek

Maar in 2013 vond er iets merkwaardigs plaats: het hardst rockende bandje had geen enkele gitarist in zijn gelederen. The Thing is een klassiek jazztrio, met saxofoon, drums en bas. En toch wist het rockpubliek de hoofden van voor naar achter te bewegen. Inderdaad, headbangen op jazz.

The Thing (wat een ijzersterke naam) is een gezelschap waar de hechtheid en dynamiek vanaf spat. Dat zien we niet veel in de jazz waar er weinig échte bandjes zijn, terwijl pop en rock juist floreren bij hechte groepen die zich als merk in de markt zetten. The Thing is geen bijeengeraapt gelegenheidstrio, dat solo’s en thema’s netjes afwerkt, maar een eensgezind collectief. Hun karakteristieke merk: energie, tonnen energie.

Ruim vijftien jaar geleden smolten de Scandinaviërs Mats Gustafsson (bariton- en tenorsaxofoon), Ingebrigt Håker Flaten (bas) en Paal Nilssen-Love (drums) punk, rock en jazz tot de typische Thing-sound. Met ongeveer een album per jaar, en tal van samenwerkingen (met onder anderen Ken Vandermark, Thurston Moore, Neneh Cherry) later, volgt nu Shake, een album in de kale triovorm. Enkel bij het nummer Aim klinken ook een cornet en altsaxofoon.

Luister Shake oppervlakkig en het voelt vertrouwd. Woest gespeelde rockriffs, een slachtende baritonsaxofoon en ook de bassist zit je met zijn hakbijl op de hielen. The Nail Will Burn bevat zo’n typisch simpel thema, waar niets mee aan de hand is, maar dat door de muzikanten zo ruig en schijnbaar fysiek wordt aangepakt dat de slechts twee minuten en 43 seconden op zijn minst een liter gezamenlijk zweet hebben gekost.

Drummer Nilssen-Love is hierin de onstuimigheid zelve, er zijn weinigen die met zoveel kracht en snelheid kunnen slaan zonder lomp te worden. Ook Haker Flaten beschikt over deze robuuste finesse. Hij pakt zonder moeite een riff op, ontleedt hem en slaat deze in een andere gedaante het groepsgeluid in. De meest vrije rol is voor blazer Gustafsson, die vooral met baritonsaxofoon als leadzanger en gitarist tegelijk de boel uiteentrekt in soms ontstellend klinkende overblowing en dubbeltoon blaastechnieken.

Interessanter is dat elk album aan diepgang lijkt te winnen. In meerdere stukken, veelal van eigen hand, heerst de bezinning en de schoonheid van klank en interactie. Zoals Sigill, met een hypnotiserend repeterende contrabas die wordt omgeven door mysterieus klinkende bellen, gongs en bekkens, waar de saxofoon sierlijk omheen danst. En dan plotseling de bloedmooie overdub van gestreken bas.

Ook in de stevige stukken is veel ruimte voor ter plekke ontstane ideeën, waar veel gitaarbandjes van kunnen leren. Niet alleen de klanken en het samenspel, ook ritmes, melodieën en harmonieën zijn grillig, waardoor je als luisteraar geen kans hebt om in te dutten. Zelfs dringt zich af en toe een Afrikaans aandoend ritme aan. Oef, denk je dan, dit is zo veel spannender dan een doorsnee dichtgetimmerde rocksound.


The Thing speelt 7 maart in De Singer (Rijkevorsel, België)

Beeld: The Thing, van boven naar beneden Ingebrigt Håker Flaten, Mats Gustafsson en Paal Nilssen-Love (RUNE MORTENSEN)