Syrische vluchtelingen in Jordanië proeven de smaak van thuis

Amman – Meer dan een half miljoen Syriërs vluchtten sinds het begin van de burgeroorlog naar buurland Jordanië, dat daarmee het land is dat de meeste Syrische vluchtelingen huisvest.

Met een half miljoen extra monden te voeden wordt de druk op Jordanië erg groot. ‘Ze pikken onze banen in, gaan naar onze scholen en maken gebruik van onze gezondheidszorg’, zegt Nazem, een jonge dertiger die vindt dat het hard vechten is voor een plekje op de arbeidsmarkt. In Syrië is de economie met meer dan vijftig procent geslonken. Toeristen komen er al lang niet meer, en de waarde van de munt is flink gedevalueerd. De angst bij de Jordaanse bevolking dat die economische problemen zullen uitmonden in een politieke strijd, zoals eerder het geval was in Jordanië met Iraakse vluchtelingen, is reëel.

Maar in Amman, de Jordaanse hoofdstad, gaan ook andere stemmen op. Twee maanden geleden opende de Syrische ijssalon Bakdash hier een filiaal. Met melk, Arabische gom, orchideeën en pistachenootjes maakt Rami er ‘Booza’, het bekende ijs uit de oude stad van Damascus. Met een grote houten spatel kneedt hij het ijs ritmisch tot een elastische zoetigheid. Het getrommel op het bevroren goedje werkt als een magneet op de jongsten uit het gezelschap.

‘Dit is fantastisch’, vertelt Hamzeh, die vandaag voor het eerst weer de smaak van Syrisch ijs proeft. ‘Booza is de geur, het gezicht en het geluid van Damascus. Elke Syriër is er dol op.’

Een bezoek aan Bakdash was niet alleen voor Syriërs een felbegeerd familie-uitstapje, toeristen kwamen van heinde en verre om van de Syrische specialiteit te proeven. ‘Voor de oorlog ging ik vaak naar Damascus, enkel om er een ijsje te eten’, vertelt Kamal. ‘Twee uur rijden en je kreeg het lekkerste ijs ter wereld. Nu vind ik het gewoon om de hoek van mijn appartement.’

De opening van de ijssalon in Amman weerspiegelt de verdrijving van de Syrische tradities uit Damascus, waar de ijssalon nog steeds open is maar de clientèle wegblijft. In Amman daarentegen zit de zaak bomvol. Elke week wordt een vrachtwagen vol ijs de grens over gesmokkeld, rechtstreeks vanuit Damascus, waar de Bakdash-familie nog steeds instaat voor de productie, maar de verkoop uitblijft. Het Bakdash-filiaal in Amman is een symbool voor de teloorgang van Damascus, waar de economie niet langer draait en de oplossing voor de burgeroorlog nog ver weg lijkt.