Hoe speel je zo'n opkomst?
Laat dat rustig aan Dirk Tanghe over. Tartuffe heeft in zijn enscenering niet ÇÇn maar wel vijf knechten. En het zijn geen knechten die figureren in de barokke aankleding van deze regie, nee, het zijn maffiose buitenstaanders in modern kostuum. Zij zetten bij de aanvang van het derde bedrijf eerst de speelvloer in toneelrook. En onder tromgeroffel verschijnt daar Tartuffe, als een narcistische popster, die zich ontdoet van zijn monnikspij, om ons te laten zien hoe mooi dat jonge lijf is. Terwijl zijn vijf knechten driftig meebewegen, danst hij de dans van de overwinnaar. Want overwinnen zal hij.
De in staat van oorlog verkerende familie lokt hem meteen in een val. Tartuffe verleidt de vrouw des huizes (een prachtscŠne, waarin Pieter Embrechts slechts aan de lange sleep van Marie-Louise Stheins robe hoeft te trekken om haar over de gladde balletvloer te slepen tot hij de houding heeft bereikt die hij verlangt). Dat de zoon (Damis, een mooie creatie van Herman Bolten) hen heeft ontdekt, doet niet terzake. Als hij het ge‰nsceneerde overspel verraadt aan zijn vader Orgon, heeft deze maar een paar zalvende woorden van zijn vriend nodig om overstag te gaan: Tartuffe wordt opnieuw omarmd, de zoon wordt uit huis gezet en onterfd, de geile goeroe wordt als enig erfgenaam aangewezen.
Vanaf dat moment wordt Tanghes enscenering van Tartuffe inktzwart. Niemand lijkt meer greep op de situatie te hebben. De vrouw des huizes, Elmire, doet de ultieme machtsgreep. Ze zal demonstreren dat Tartuffe maar ÇÇn ding wil: haar neuken. En ze zal die meesterzet volvoeren terwijl haar man onder tafel toehoort (en hopelijk ingrijpt). Wat Marie-Louise Stheins in deze scŠne doet grenst aan het ongelofelijke. Met een tomeloze woede sleurt ze de godsdienstwaanzinnige in de val - een val die een smerige verkrachting wordt. Pas dan gelooft Orgon dat hij een duivel in huis heeft gehaald. Die ontdekking komt te laat.
Het laatste bedrijf van Tartuffe wordt niet gespeeld, alleen getoond, een wanhopige kakofonie, ergens achter op het speelvlak. De familie is uitgetartuffeld, en Tartuffe wint op alle fronten. Hij drinkt een wijntje, rookt een sigaret en laat de familie het huis uit slepen. De ontmaskering van de bedrieger, die MoliŠre (waarschijnlijk uit wanhoop, Tartuffe was zes jaar lang verboden) voor het slot bedacht, wordt wijselijk weggelaten. De bedrieger wint, de burgerlijke familie is kapot. De schijnvrome hoeft slechts het hoofd te buigen en het kille licht dooft. Eind van een theateravond die een waar feest is geworden. Wel een bitter feest, waarbij de lach in de keel smoort.