Benjamin Booker en L.A. Salami

Te laat voor het feestje van Corbyn

Blues- en garagerockmuzikant Benjamin Booker zet zijn tanden in de wereld, net als L.A. Salami, die uit dezelfde bronnen put en er nog een dosis zelfspot aan toevoegt.

In welke krant , in welk tijdschrift, op welke site dan ook: als er een verhaal verschijnt over de muziek van Benjamin Booker, duikt hetzelfde woord op, vaak al in de eerste zin, ook nu: rauw. Het is waar, en tegelijk misleidend. De suggestie van de term is dat Booker die in blues gedrenkte garagerock van hem op zijn albums knalt alsof hij in de garage staat. Dat klopt niet helemaal. Die nummers van Booker, de arrangementen: hier is over nagedacht, aan gewerkt en vervolgens aan geschaafd. Zeker op Witness, zijn deze zomer verschenen tweede album.

Small gettyimages 653451346
Benjamin Booker tijdens een ­optreden in Austin, Texas, 2017 © Dave Pedley / Getty Images

Maar waar Booker aan weet te ontkomen, en dat is echt knap, is het smoren van zijn onstuimigheid in stilering. Hij klinkt ook op Witness of hij zijn tanden in de wereld wil zitten, en tegelijk alsof hij thuis gitaar speelt met een voet op een stapel blues-, gospel- en soulklassiekers. Voor streamingdienst Spotify nam hij in 2014 een concert op, waar hij Shout Bamalama, een van de eerste singles van Otis Redding, niet zozeer covert maar vooral door elkaar schudt, op zijn kop zet en onder zijn kont schopt. Hij laat zijn stembanden trillen en zijn gitaar janken, en tegelijk gaat de soul van Redding onderweg nergens verloren.

Booker (28), geboren in Virginia maar al jaren woonachtig in New Orleans, studeerde journalistiek en wilde popjournalist worden. Het liep anders: hij ging werken voor non-profitorganisaties en bezocht veel lokale punk- en hardcoreshows, het type concerten waar je leert dat het podium van iedereen is, dat je gewoon een gitaar moet omhangen en beginnen. Wat je vooral nodig hebt, is attitude. Die heeft Booker, en niet zo’n beetje ook. Op internet circuleren enkele filmpjes, zowel van tijdens kleine clubshows als van tijdens het enorme Lollapalooza-festival in de Verenigde Staten, waar hij zijn gitaar in het publiek gooit en het instrument al dan niet volledig gesloopt terugkrijgt. John Hiatt schreef ooit een nummer over dit gedrag, met de onvergetelijke zinnen ‘Oh, it breaks my heart to see those stars/ Smashing a perfectly good guitar/ I don’t know who they think they are/ Smashing a perfectly good guitar’. Het kan haast niet anders of Booker is een liefhebber van het werk van Hiatt, maar de boodschap van dit nummer is verloren gegaan in zijn punkliefde.

Het belangrijkste nummer van Witness is het titelnummer. Zo belangrijk dat Booker de behoefte voelde het zelf te duiden in een essay, dat duidelijk maakte dat er een erg goede popjournalist aan hem verloren is gegaan. Hij citeert schrijver James Baldwin (wiens gedachtegoed dankzij de film I Am Not Your Negro uit 2016 gelukkig weer in de belangstelling staat), en wel diens essentiële uitspraak: ‘Once you find yourself in another civilization you are forced to examine your own.’ Booker schrijft over een reis naar Mexico, waarbij hij volledig was afgesloten van het nieuws. Hij wandelde door de straten, reed rond, bezocht musea en concerten. Het enige nieuws dat binnenkwam, kwam via de mail en telefoon van vrienden. Ze stuurden hem krantenkoppen door over het nieuws in Bookers eigen land. In elke kop stonden de woorden Black Lives Matter. Nu even niet, besloot Booker. Dat was allemaal in de Verenigde Staten, allemaal thuis, en daar was hij nu niet. Hij ging langs bij een Mexicaanse jeugdvriend in Pata Negra en ze stonden op straat wat te roken en drinken, toen een groepje mannen langsliep en Booker aansprak. Het ging allemaal snel, liep nog sneller uit de hand, en voor hij het wist lag hij gevloerd, neergewerkt door de mannen. Zijn Mexicaanse vriend ontzette hem, samen gingen ze er snel vandoor, en eenmaal om de hoek vroeg Booker wat er zojuist eigenlijk was gebeurd, en waarom.

‘“It’s fine”, he said. “Some people don’t like people who aren’t from here.” He wouldn’t say it, but I knew what he meant. It was at that moment that I realized what I was really running from.’ Het was dit inzicht, het inzicht dat hij nooit kon ontsnappen aan zichzelf, aan zijn huidskleur en de consequenties van racisme, dat leidde tot het titelnummer van zijn album. Zoals Booker zijn essay besloot: ‘“Witness” asks two questions I think every person in America needs to ask. “Am I going to be a Witness?” and in today’s world, “Is that enough?”’

Booker leerde dat je gewoon een gitaar moet omhangen en beginnen. Wat je vooral nodig hebt, is attitude

Het is een pijnlijk indringend nummer geworden, dat Witness.

‘See we thought that we saw that he had a gun/ Thought that it looked like he started to run/ Thought that we saw that he had a gun/ Thought that it looked like he started to run/ Am I/ Am I/ Gonna be a witness?/ Just gonna be a witness?’ En dat gezongen als een gospel, in dit geval een gospel van meer wanhoop dan hoop, van meer vragen dan antwoorden.

Generatiegenoot L.A. Salami (30) uit Londen, ook op Crossing Border, heeft ook zo’n in gospel gedrenkt nummer dat zijn gedachtegoed samenbalt in een paar minuten. Hij put voor een deel uit dezelfde bronnen als Benjamin Booker, maar dan minus de punk en garagerock, maar met de hiphop en beat poetry daarvoor in de plaats erbij.

In een interview in april van dit jaar liet hij iets doorschemeren over het belang van inspirerende ideeën. ‘The American Dream, that was a great idea. It didn’t go anywhere, or mean anything, but we can make it mean something now. Like, what is the American Dream? What could be the answer?’

L.A. Salami, die overigens uitblinkt in geweldige songtitels (I Wear This Because Life Is War!, Anything’s Greener Than Burnt Grass, Nazis on the Northern Line), legt zijn levensvisie kordaat vast in het vlijmscherpe The City Nowadays, dat aanvankelijk klinkt als een lekker lome bluesgospel, maar al snel een grimmig randje krijgt en tegelijk ook nog goed blijft voor een grijns bij al die zelfspot (‘I’ve got heartache, headache, high cholesterol, low self esteem’) en al dat geëngageerde sarcasme (‘I’m feeling tardy, late to the Jeremy Corbyn party’, of deze: ‘The terrorists are out to get me because I approved of Noam Chomsky beating on his chest’).

En vervolgens doet hij hetzelfde als Booker in Witness: de aanklacht formuleren in een vragenvuur. ‘Fast food films/ Fast food music/ Fast food politics/ Fast food ideologies/ What’s the worth of working to live at the cost of your soul? So much so that you don’t want to live at all?’


Booker en Salami spelen 3 november in Het Paard