Te veel van het goede

Er is veel geschreven over Krzysztof Kieslowski’s aankondiging dat hij stopt met filmen. Zijn nieuwe film, Rouge, die het drieluik Trois Couleurs afsluit, is veelal besproken als zijn definitieve film. Dat is een gewicht dat deze film niet kan dragen.

Als het Kieslowski’s bedoeling is om op zijn artistieke hoogtepunt te stoppen, dan is het moment niet goed gekozen. Dan had hij er beter na zijn indringende Dekaloog een punt achter kunnen zetten. Maar hij had de beslissing ook nog een tijdje voor zich uit kunnen schuiven. Want al is Rouge niet mijn favoriete Kieslowski, het is toch een film die de gemiddelde film ver achter zich laat en het is ook een film die bij vlagen laat zien dat Kieslowski zichzelf ook in de toekomst nog wel eens zou kunnen overtreffen. Als hij dat zou willen. Hij zegt nu van niet en of dat zo is wordt op den duur vanzelf duidelijk.
Het probleem dat ik met Rouge heb is een probleem dat zich ook voordeed bij Bleu; het is te veel van het goede. Het goede dat bestaat uit een zeer vernuftig in elkaar gestoken verhaal met veel verwijzingen en dubbele bodems, uit een cast met jonge, beroemde Franse actrices en rijpe gerenommeerde acteurs, uit een virtuoze cameravoering met rijke donkere beelden, uit een geluidsband met haast hemelse muziek en uit een art direction met een kennelijk ongelimiteerd budget.
Het is evident dat Kieslowski in zijn dure westerse produkties de westerse consument een spiegel voorhoudt. Hij plaatst zijn twijfelende en melancholische hoofdpersonen in de wereld van de reclamespots als om de betrekkelijkheid van al die weelde en welvaart te laten zien. Het zou kunnen dat Kieslowski hier de kracht van het reclamebeeld heeft onderschat en dat de lege glans van deze beelden ongewild ook andere elementen van zijn films heeft aangeraakt. De melodieuze pre-moderne muziek van zijn vaste componist Preisner bijvoorbeeld is goed te verdragen in de grauwe en realistische Poolse films van Kieslowski, maar in het welvarende Geneve van Rouge krijgt het al te mooie in de klanken geen tegenwicht.
Op zich is Rouge een knap gemaakte en onderhoudende film, maar vergeleken bij de bijna onverdraaglijke kracht van een film als A Short Film about Killing is het een bijna gelikte en gemaniereerde film. En dat je terugdenkt aan die krachtige Kieslowski, komt dan toch weer door de film zelf.
Zo is er het moment dat de door Irene Jacob vertolkte Valentine een hond aanrijdt. De camera gaat dan plat op het asfalt en neemt de kermende hond over de volle breedte van het scherm. Als Valentine onhandig aan de hond begint te trekken en Kieslowski het beeld langer laat staan dan strikt nodig is om de kijker een beetje te tergen, dan besef je met een schok dat deze film erg weinig van dit soort momenten bevat.
En er zijn toch ook weer van die mooie scenes die met weinig middelen veel vertellen. Bijvoorbeeld als Valentine het huis van de buren van de oude rechter binnengaat. De voormalige rechter luistert hun telefoongesprekken af en na een provocerende opmerking van de rechter besluit ze om de buren in te lichten. Kieslowski laat Valentine binnenstappen en gunt haar een blik in het gevaarlijke evenwicht van het gezinsleven. Een blik die de rechter in een oogwenk gelijk geeft.
Er is voorzichtig op gewezen dat Rouge misschien niet Kieslowski’s beste film is, maar dat het toch heel jammer is dat zo'n uitzonderlijke filmmaker zijn lier in de wilgen hangt. Je kunt het ook anders zien, namelijk als een moedige daad die moet worden toegejuicht. Een daad die navolging zou verdienen en die zichzelf herhalende filmmakers zou moeten overhalen om hetzelfde gebaar te maken. Eigenlijk is het een fantastisch idee, al zou ik maar wat graag en zonder moeit een lange lijst kunnen maken met namen van filmmakers die eerder zouden moeten stoppen dan Kieslowski.