De beste boeken van 2016

Technische perfectie

De momenten die ertoe doen vergeet je niet, zei James Salter, voor hem richtsnoer bij het schrijven over eigen en andermans leven. Ik ben geneigd iets dergelijks te denken over de boeken die ik heb gelezen: de belangrijke blijven me bij.

Zo las ik begin dit jaar Als het lot lacht, verhalen van Adam Johnson, die geheimzinnig, gruwelijk en diep emotionerend zijn. Het beste verhaal, Interessante feiten, wordt verteld vanuit een vrouw die haar geliefden moet verlaten, maar het niet kan laten over ze te blijven waken.

Het klinkt vreselijk, maar au fond ben ik denk ik op zoek naar dat: technische, koude perfectie, met maximaal emotioneel effect. Ik vond die ook in Ik heet Lucy Barton van Elizabeth Strout, een glasheldere, geheimzinnige roman die gaat over uitspreken en ongezegd laten, en in Een klein leven van Hanya Yanagihara, waarin de ruimte wordt genomen om álles uit te spreken in een beheerste compositie.

Een schrijver met wie ik ben opgegroeid overleed dit jaar, Jenny Diski; haar postuum verschenen memoir In Gratitude is het daverende afscheid van een rücksichtlose geest. Het kostte mij een paar dagen om te herstellen van haar boek, al was het maar omdat het mij anders heeft doen kijken naar een andere schrijver met wie ik opgroeide, Doris Lessing. Dit is gewoon hoe zij zich de dingen herinnert, schrijft Diski zelf relativerend.

Wat Nederlandse literatuur betreft vond ik het beste boek Noodweer van Marijke Schermer, een kleine roman die keihard aankomt. Het is een secuur opgebouwd drama dat gaat over iets wezenlijks, iets heel menselijks: echtelieden die elkaar willen beschermen en daarmee elkaar juist op een bepaalde manier erg lang voor de gek houden.


Jenny Diski, In Gratitude, Bloomsbury, 256 blz., € 11,99

Marijke Schermer, Noodweer, Van Oorschot, 157 blz., € 17,50