Muziek

Tegen de verveling

Muziek: Thom Yorke gaat solo

Het groepsleven van Radiohead, een van de grootste bands van de laatste tien jaar, begon de zanger, Thom Yorke, de laatste tijd een beetje tegen te staan. Zijn laptop bood uitkomst tegen de verveling. Yorke wil zijn soloalbum geen soloalbum noemen, omdat «solo» niet juist klinkt. Dat klinkt als moeilijk doen om het moeilijk doen – veel gehoorde kritiek bij de laatste albums van Radiohead – maar inzake The Eraser lijkt dat enigszins gerechtvaardigd. De zwaarmoedige Engelsman weet zoals altijd een beklemmende sfeer neer te zetten. Zijn melancholieke falsetstem staat daarbij in dienst van de ambient-achtige ritmes en een zwaar op elektronica leunend geluid. Daarbij blijft hij meer dan eens hangen in knap in elkaar gezette, maar niet altijd veel indruk achterlatende composities.

De nummers zijn verwant aan de Radiohead-albums Kid A (2000) en Amnesiac (2001). De band heeft dan het roer radicaal omgegooid, na het succes van OK Computer (1997, betiteld als «het beste popalbum ooit»). Klassieke kop-staartstructuren zijn grotendeels verdwenen en met rock heeft de muziek weinig meer te maken. Het is een gedurfde stap, die respect oogst, maar vanwege de rigoureuze breuk met het verleden ook kritiek oplevert. Bands als Muse en Coldplay maken handig gebruik van de leemte en worden in korte tijd zeer populair.

Ergens valt Radiohead te vergelijken met U2. Die succesvolle band wordt in de jaren tachtig steeds succesvoller en besluit zichzelf in 1991 met hulp van elektronische middelen te vernieuwen op het album Achtung Baby. Na drie albums waarin de band verder zoekt naar verandering krijgt U2 weer aandacht voor nostalgie onder zijn fans. Met All That You Can’t Leave Behind (2000) keert de groep terug op het oude rockpad. Radiohead wijkt echter steeds verder af van zijn basiskader. De zoektocht naar vernieuwing krijgt voorrang boven het schrijven van conventionele popsongs. Op het laatste album Hail to the Thief (2003) slaat de band een brug tussen deze twee visies, maar zo kernachtig als op het voortreffelijke The Bends (1995) wordt het waarschijnlijk nooit meer.

Yorke werkt op het ingetogen The Eraser met producer Nigel Godrich (The Bends en OK Computer). Het is de eerste wisselvallige plaat, weinig verrassend en vaak erg gezocht. Een aantal nummers (The Eraser, Black Swan) steekt qua spanning en interessante melodielijn boven het gemiddelde uit.

De teksten komen als vanouds voort uit hevige emotie. Opvallend daarbij is Harrowdown Hill, waarin Yorke zich verplaatst in de persoon van defensieambtenaar David Kelly: «Can you see me when I’m running?/ Away from there/ I can’t take the pressure/ No one cares if you live or die/ They just want me gone/ They want me gone.» Kelly pleegde zelfmoord na suggesties dat hij de bron was die de regering-Blair ervan beschuldigde de conclusies uit het rapport over vermeende massavernietigingswapens in Irak aan te dikken. De titel verwijst naar de plaats waar zijn lichaam werd gevonden. Uiteindelijk overtuigt The Eraser bij vlagen. Behalve het bezighouden van Yorke’s gemoed heeft het weinig toegevoegde waarde.

Thom Yorke

The Eraser

XL Recordings/V2