Televisie

Televisie

De ard heeft met Die Manns: Ein Jahrhundertroman een driedelige televisieklassieker gecreëerd. Over de auteurs Thomas en Heinrich en hun aanhang; over de Duitse geschiedenis die hun lot bepaalde en die zij weer beïnvloedden. Documentaire en drama dooreen — combinatie die gruwelijk kan mislukken maar in geniale handen (regisseur Heinrich Breloer; scenarist Horst Königstein) verbluffende meerwaarde oplevert. Bij ons zijn de autoriteiten huiverig voor vermenging van tv-genres en komt er op dat gebied te weinig van de grond. Het is nog erger: terwijl Die Manns op ard, Arte, brt en bbc zijn uitgezonden, is onzeker of de Nederlandse kijker ze te zien krijgt. De afleveringen van 105 minuten zijn te lang voor de schema’s waarop de publieken zich in de strijd om kijkcijfers vastgeklonken hebben. Duidelijker illustratie van het failliet van het bestel valt niet te bedenken. Lezer, eist Die Manns: u hebt er recht op.

Met het eigen drama gaat het ook bergaf. De commerciëlen vervaardigen familie van Boeket reeks en Readers Digest en de publieken produceren, na een bloeiperiode in de jaren negentig, minder en minder en sluiten zich op in formats en thema’s. En zo kon het gebeuren dat de fraaiste dramascène te zien was in de non-fictie van Levy en Sadhegi. Dat klinkt flauw omdat de politiek tot vervelens toe vergeleken is met theater en lachfilm. Maar het is tamelijk letterlijk bedoeld. Ze troffen aan het eind van de dag waarop het kabinet viel de laatste LPF’ers in een fractiekamer: Herben en Hoogendijk, tv-kijkend. Gedesillusioneerd, uitgeblust, nauwelijks op hun hoede, te moe om hen weg te sturen. Herben probeerde nog iets politieks: we zijn pootje gelicht. Hoogendijk vond dat flauwekul: we hebben het alleen aan onszelf te wijten. Hij was woede en venijn voorbij: zelfs niet meer kwaad over het feit dat hij niet was uitgenodigd voor beslissend fractieberaad. Het knappe was dat het VPRO-duo zich aanpaste: geen kritische vragen, alleen verbazing en wat melancholie. Gespeeld, maar ook echt. Een zweempje Beckett. Maar ook slotscène van De kersentuin: iedereen is weg, alleen de oude huisknecht Firs hebben ze vergeten.

Ver klinkt de bijl waarmee de boomgaard omgaat. Nu maar hopen dat dat geluid niet van de tovenaarsleerling komt die de bezem heeft betoverd, hem niet meer kan laten stoppen en hem in stukken hakt. Waarna die stukken onbeheersbaar aan de slag gaan. Pvda-triomfalisme lijkt erg voorbarig.