Televisie

Televisie

Drie klachten over nette televisie. Ik eis smartengeld van Zeeman met boeken omdat ik door hun loftuitingen Het glazen paleis van Amitav Ghosh aanschafte. Roman over imperialisme, wereldoorlog en nationalisme in Birma, Maleisië en India tussen 1885 en 1996. Dat op het omslag «De grote vertelkunst van het Westen weergaloos verenigd met het mysterie van het Oosten» staat, is een staaltje uitgeversverloedering (Bert Bakker) waarvoor ik Zeeman niet aansprakelijk kan stellen. Maar dat Ghosh een boek schreef waarin geschiedenis bepaald niet organisch verweven is met fictie; waarin mensen en lotgevallen bedacht en schematisch aandoen; waarin personages plots Geweldige Inzichten krijgen en waarin de stoplappen niet van de lucht zijn — dat verbaasde me. Interessant is de historische informatie en Ghosh probeert politieke correctheid te vermijden, maar Zeeman gaat over literaire verdiensten. Flauwekul, deze klacht? Zeker: smaken verschillen, maar als modale lezer ben ik verbluft over de jubel van een zo hooggekwalificeerd panel.

Twee: B&W heeft in mei «thematische» uitzendingen, meestal met één gast. Die werken minder dan de gebruikelijke formule. Echt zwak was de aflevering met de islamoloog van gereformeerde huize Hans Janssen. Heeft een soort consumentengids over religies geschreven en valt stil wanneer Barend hem vraagt welke de beste is. Praat over godsdienst op de psychologiserende, licht badinerende toon van de rationalist en geeft niet thuis wanneer zijn overgang tot het katholicisme aan de orde komt. Speculeert over verbreiding van het christendom: christenen verpleegden zieken en werden zo immuun tegen epidemieën. En ME is geen ziekte maar een nieuwe religie, want echte ziektes starten in de lower class en godsdiensten aan de bovenkant. Een rijke collectie flauwekul die nagenoeg onweersproken bleef.

Ten slotte een reeks van de rvu, Verbeter de mensch, over heropvoedingsprojecten waarin geprobeerd is de groep te «verheffen» die niet aangeraakt was door het «burgerlijk beschavingsoffensief». Alleen al de terminologie verraadt geworstel: ontoelaatbaren, asocialen, zieke gezinnen, kansarmen. Meest vergaand waren woonoorden «op de hei» waar tussen ‘45 en '60 gezinnen gedwongen geplaatst werden. Boeiende materie, maar niets werd verhelderd. Uit een interview met de zoon van een voormalige bewoner bleek dat het vernederend was geweest — toen waren de tien minuten om. «Weinig tijd», zeggen de makers. Blijf er dan met je poten van af. Hopelijk waagt Andere tijden zich eraan. Dat is met de Nipkowschijf terecht bekroond. Proficiat.