Televisie

Televisie

Als in Vroege vogels niet het nestelgedrag van de tjiftjaf maar de rol van meteorologen bij de invasie van Normandië aan de orde komt, dan weet je hoe laat het is: oorlog. Vroege-zondagochtendbeelden van verkeer in een zonnig Bagdad. Het soort vredig-toeristische plaatjes dat uit Rome komt als inleiding op een optreden van Zijne Heiligheid. Ze vormen een pauze tussen de doorlopend herhaalde Journaals waarin blijkt dat diezelfde stad kort tevoren trilde op de grondvesten. Wat een kwartier later opnieuw zal gebeuren. Bizar. Het Journaal van acht uur biedt live BBC-beelden uit Umm Qasr. Op de voorgrond liggende soldaten, in de verte een tank en mitrailleurvuur. Daarachter een pand van waaruit Iraaks verzet wordt geboden. «We kijken even mee», zegt Jeanet Schuurman, «want van de vorige Golfoorlog bestaan zulke beelden niet.» De stad zou in handen van Amerikaanse troepen zijn, wat nu gelogenstraft lijkt, dus het heeft nieuwswaarde. Daar zit je, in het voorjaarszonnetje, kopje thee, beschuitje: oorlog kijken. Zo vaak heb je vergelijkbare beelden gezien, maar dan gemonteerd en van een dramaturgische structuur voorzien (ook in reportage of documentaire) dat dit iets vormeloos, saais lijkt te hebben.

Tot ergens in je darmen een gevoel van angst groeit dat afkomstig lijkt uit die liggende man: dit gebeurt godverdomme nu en het is echt. Dan gaan we over tot de orde van de dag (Amerikaanse soldaat gooide handgranaten naar zijn officieren) en het is weer Nieuws geworden waartegen je bestand bent. Later besef je dat je je identificeerde met een geallieerde. Had die camera daarbinnen gestaan, dan was je even Irakees in doodsangst.

Verwarring volop. Omdat ik tegen oorlog buiten de VN om ben maar walg van Chiracs finest hour. En omdat juist in de laatste dagen in debatprogramma’s de voorstanders zo veel beter presteerden dan de tegenstanders. Marion Bloems geëmotioneerde optreden bij Barend & Van Dorp zal voor hardcore-feministisch-pacifisten ontroerend zijn geweest, het was van argumentatie en toon abominabel simplistisch. De Irakezen bij B&W waren, ondanks familie in levensgevaar, voor de oorlog. Evenals Van der Stoel. Terwijl de organisatrice van de demonstratie op zaterdag, gesecondeerd door Vincent Bijlo, een zwakke indruk maakte tegenover een Iraakse dichter en Stephan Sanders. Kunst moet zwemmen bood een estafette van kunstenaars die op de oorlog reageerden. De meesten «tegen», maar Mustafa Stitou vreesde in een klinkend gedicht dat het niet anders kon. Wat te vinden en zeggen?