Televisie

Televisie

In het hoekje van de Nieuwmarktbuurt waar ik als student woonde, vielen begin jaren zestig in drie maanden meer dan tien doden door brandstichting. Voer voor (sociaal-)psychologen die in het veld gedrag in tijden van belegering en paniek hadden kunnen bestuderen. Maar die waren er niet dus deed ik het zelf, half waarnemer, half al te direct betrokkene, want potentieel slachtoffer. Uiteraard kwam de pers, en een van de observaties was hoe een piepklein deel van de buurtgenoten glorieerde vanwege dat ene moment van roem en het liefst door alle kranten (camera’s nog niet) was geïnterviewd over hoe erg het was (wat het ook was); en dat de meesten voor die houding minachting hadden, niet graag antwoord gaven op vragen of zelfs vijandig reageerden als er weer een journalist een lekkere angstkluif voor zijn lezers kwam ophalen. Ik hoorde tot de laatste categorie en vraag me tot vandaag af waaraan die beroepsgroep het recht ontleent ieder met sores vogelvrij te verklaren en vaak het laatste stukje privacy te ontnemen.

Vrijdag was Netwerk op zoek naar getuigenissen over de jeugd van Dutroux. Hartelijk dank daarvoor, want ook de Nederlandse kijker heeft recht op door «Dutch television» vergaarde details over hoe het zo ver kon komen. Buitengewoon jammer dat het verhaal toch door een Vlaamse journalist verteld moest worden, want die malle Walen verdomden het ter ere van Netwerk hun particuliere herinneringen aan Marc op te halen. Het leverde trouwens geweldig afschrikmateriaal op voor de School voor Journalistiek als die te veel aanmeldingen krijgt: twee jongedames die in hun beste havo-4-Frans vergeefs proberen bij mensen binnen te komen voor een herinnering, quote of statement.

Vernederende beelden die ouders zullen inspireren tot «ik breek je je benen» als hun spruiten de wens uitspreken de journalistiek in te gaan. Van grote afstand gefilmd ook nog, kennelijk in het besef dat ze met camera erbij meteen weggetrapt zullen worden. Was de bedoeling dat die beoogde getuigen stiekem getapet zouden worden en dat hun stemmen begeleid zouden worden door een jeugdfotootje van Dutroux en die eeuwig herhaalde beelden van de man in handboeien, een trap afdalend tussen twee rijkswachters? Of begint eenmaal binnen pas het spel van overreding om ook de camera toe te laten, al dan niet in ruil voor ruimhartige tegemoetkoming in de kosten van het openen van de deur (Peter R. de Vries met Charlie da Silva)?

Wat weet ik toch weinig van televisie.