Televisie

Televisie

Mobutu beveelt de blanke steward hem tien minuten voor landing te wekken. Zo geschiedt, en als de potentaat wakker schrikt zegt hij bang: «Ik sliep niet, hoor baas.» De Congolese verteller buldert over zijn mop die de diepe impact van kolonialisme illustreert. Dit in Geert Hostes De lachende neger (Canvas), waarin hij het gevoel voor humor van de «nieuwe» Belg onderzoekt. Gein zegt veel over een cultuur. Als je al over, pakweg, «de Marokkaanse cultuur» kunt spreken gezien verschillen tussen stad en berg, Arabier en Ber ber, analfabeet en intellectueel, geassimileerd of niet. De afleveringen hebben wisselende kwaliteit, maar ook de moeizaamste geeft inzicht in wat «de ander» beweegt. Waarbij de grote verschillen tussen vrouwen- en mannenwereld opvallen. En waarbij de vraag: «Waarover worden géén grappen gemaakt?» zeker zo informatief is. «Atatürk»; en: «Het leger» voor Turken; al verschilt de verklaring: «Uit angst», zegt de een, «Uit respect», de ander. «Onze» Nilgün Yerli, cabaretière, poneert dat Turkse humor milder is dan die in de Lage Landen. Brave mopjes over Temel, de Turkse variant van universele grappen over domheid, lijken dat te bevestigen. Toch, naïef is ze ook: «Turkse grappen gaan niet over buitenlanders.» Maar Temel komt mooi wel uit de noordoostelijke provincie, en zouden er echt geen venijnige Griekenmoppen bestaan? De enige Koerd in een grap blijkt slimmer dan Temel, maar die splijtende problematiek blijft verder buiten schot.

De aflevering over Congo was de vrolijkste. Vanwege de aanstekelijke lach. Die lijkt te staan voor een levenshouding waarin de fles, ondanks ellende, eerder als half vol dan half leeg wordt ervaren. Natuurlijk spot over de missionaris die in stamtaal prekend Gods «macht» verhaspelt tot diens «roede». Terwijl Hostes respondenten zeggen dat er geen grappen over seks worden gemaakt: «Alleen voor Europeanen die er kennelijk problemen mee hebben.» Bij Marokkanen, die hetzelfde beweren, wordt die verklaring al onwaarschijnlijker. En ze staat haaks op de obsessie met maagdelijkheid die een opmerking tussen jongens over elkaars zuster tot casus belli maakt. De Marokkaanse aflevering was de pijnlijkste omdat een jongeman een college «autoradio jatten» gaf — zo briljant dat de kijker zich verward kon afvragen of het hier nog wel de dubbele bodem van zijn eigen vooroordeel betrof. Enfin, schoonmoedermoppen bestaan niet in Congo omdat zij «je tweede moeder» is. Waar mee die Europese ongeinvariant elegant wordt afgeserveerd. Maar, zegt een Congolees, bij ons wordt veel gelachen om andermans leed, het slachtoffer. Daar houdt mijn cultuurrelativisme op.