Terug naar af

In amper twee uur tijd hadden de buitenlandministers van de G8 hun vredesplan voor Kosovo klaar, met als een van de hoofdpunten dat hun standpunt officieel zou worden meegedeeld aan de Chinese regering. Die moest nog goedkeuring geven aan het vredesplan in de Veiligheidsraad. Een dag later werd met de grootste precisie de Chinese ambassade in Belgrado gebombardeerd. Dat maakt de Chinese goedkeuring van het vredesplan er bepaald niet goedkoper op, al is hun vraagprijs - lidmaatschap van de Wereld Handelsorganisatie (WHO) - waarschijnlijk sowieso te hoog. Eerder was Rusland overigens al gepaaid met nieuwe leningen van het Internationaal Monetair Fonds.

Navo, G8, WHO, IMF, VN: het is een merkwaardige verzameling internationale organisaties die bij de oplossing van de Kosovo-crisis wordt betrokken. Al rolt er misschien een vredesregeling uit, het ongegeneerd gebruik van die organisaties voor diplomatieke koehandel betekent een treurigstemmende uitholling van hun functie. Het ergste slachtoffer is de VN. Al meteen na het einde van de Koude Oorlog werd het verbond misbruikt door de Verenigde Staten om een gesloten front af te dwingen tegen Irak. Hoewel het afstraffen van agressie tegen een lidstaat een van de kerntaken is, verloren de VN in de Golfoorlog door de overduidelijke afstemming van de missie op de Amerikaanse belangen en het ‘kopen’ van stemmen in de Algemene Vergadering hun rol van onpartijdig forum. Ook het IMF valt steeds meer uit zijn rol, nu het met grote leningen aan Mexico en Rusland het economische beleid van zijn grootste geldschieter volgt, terwijl bij de WHO economische voordelen kunnen worden geruild voor politieke concessies. De G7 heeft na toevoeging van Rusland een transformatie ondergaan van economische en monetaire top tot 'belangrijke landenclub’, waar kwesties als de Kosovo-crisis worden besproken. De Veiligheidsraad, de aangewezen plaats voor dergelijke besprekingen, mag nog wel zijn goedkeuring voor het G8-plan uitspreken. En de VN mogen een vredesmacht leveren, nadat zij door de Navo als internationale vredesmacht opzij waren gezet. Vertegenwoordigers van een klein aantal machtige landen komen bijeen, regelen een lastige politieke kwestie en leggen hun oplossing dwingend aan de anderen op. Het zal automatische afschuw opwekken, maar positieve kanten heeft het ook. De negentiende eeuw, waarin vijf grootmachten op vergelijkbare wijze de Europese kwesties onderling regelden, was bijvoorbeeld uitzonderlijk vredig. Maar de wereld van nu is niet dezelfde als die van de negentiende eeuw. Na de Tweede Wereldoorlog en het begin van de dekolonisatie werd een wereldorde gezocht die gebaseerd was op rechtvaardigheid, internationale samenwerking en een juridische rechtsorde. Bij uitstek de VN, maar in mindere mate ook (de voorlopers van) WHO, IMF, de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE), de Raad van Europa, het Partnerschap voor Vrede en vele andere internationale organisaties hadden als basisidee dat internationale samenwerking moest worden bevorderd en dat economische of politieke voorwaarden geschapen moesten worden die voor elk land toegankelijk waren. Natuurlijk werden die organisaties altijd al gebruikt voor diplomatiek loven en bieden, en natuurlijk werden zij gedomineerd door hun machtigste leden. Maar dat zo openlijk gekozen wordt voor de organisatie die het best geschikt lijkt voor het kopen van politieke steun voor militair ingrijpen of voor het voeren van diplomatieke ruilhandel, is een grote stap achteruit. Dan rest het argument van efficiëntie, en dat kan de G8 niet worden ontzegd. Desalniettemin is het G8-plan in feite niet meer dan een herformulering van de oorlogsdoelen van de Navo, waar zes van de G8-landen lid van zijn. In ruil voor een Russische en Japanse handtekening werd slechts de eis van stationering van Navo-troepen in Kosovo veranderd in de eis van een VN-aanwezigheid. Met hun getraineer in de Veiligheidsraad verkleinen de Chinezen de kans op vrede in Kosovo. Niettemin hebben ze gelijk met hun kritiek op het passeren van de VN en het breken van internationaal recht. De rechtsorde en de VN waren toch op z'n minst aanzetten tot een nieuwe vorm van internationale politiek. En wellicht zijn onderonsjes van machtige landen ook wel de meest effectieve vorm van internationale politiek. Maar een zo openlijk misbruik van internationale instituties stemt daarom nog niet vrolijk.