Toneel

TERUG VAN NOOIT WEGGEWEEST

Toneel Discordia & companen

Jan Joris Lamers (toneelmaker, beeldend kunstenaar, vormgever, buitengewoon hoogleraar toneelgeschiedenis, inspirator) is dit jaar 65 geworden. Wie daaruit de conclusie trekt dat hij ‘met pensioen’ is, vertelt een wel heel erg foute toneelwitz. Zijn derde gezelschap (Lamers stond aan de basis van het Werkteater én het Onafhankelijk Toneel) heet Discordia, ook wel bekend als maatschappij discordia. In 2000 werd deze kleine groep uit het Nederlandse toneellandschap verjaagd. In 2004 werd een poging gedaan deze heel erg foute toneelwitz te herhalen. De toneelvernieuwers hadden hun werk gedaan, de toneelvernieuwers konden gaan. Aangezien kunstenaars zich nimmer laten knevelen, is de boze opzet van de cultuurbarbarij nooit gelukt. Discordia kwam almaar terug van feitelijk nooit weggeweest. Lamers, zijn partners (onder anderen Annet Kouwenhoven, Matthias de Koning en Jorn Heijdenrijk) en de geestverwanten van toneelspelersgezelschappen als ’t Barre Land, Dood Paard, De Roovers en stan, duiken voortdurend opnieuw op. Hun optredens doen soms even denken aan de ‘klandestiene toneelavonden’ uit de bezettingstijd: het bestaan van de vertoningen spreekt zich rond, het publiek weet de weg ernaar moeiteloos te vinden, er is steeds oud en nieuw repertoire, er zijn stamelende en altijd inspirerende gesprekken over het belang van toneel, demonstraties van onvoorbereid toneelspelen, flarden tekst, acts.

Discordia c.s. opereren onder een groeiend aantal geuzennamen: De Republiek, Repertoire Vereeniging De Vere, dit seizoen: Dertien rijen en Katalogos, waarin de toneelplannen van Discordia voor de komende vijftig (!) jaar speels worden uiteengezet. Alles gespeeld, gebracht, gedanst op, voor en tussen eenvoudige houten plankieren, achterwanden en coulissen-‘decors’. Opwindende, onvoorspelbare toneelavonden waarop vernuftig wordt toneelgespeeld, waarop de toneelspelers telkens weer voorstellen-tot-een-voorstelling doen, met de parmantige glimlach waaruit steeds de vraag spreekt: zullen we het vanavond eens zó doen? Hun landschap is het permanent herschikte interieur van een atelier waarin wij met de toneelspelers mogen vertoeven, verdwalen desnoods. Als toeschouwer kom je er altijd intelligenter uit. En gelukkiger. De behoefte aan verwensingen en vervloekingen (waarom wordt het deze kunstenaars door cultuurbobo’s al jarenlang zo moeilijk gemaakt om hun werk te doen?) maken Discordia & companen elk van deze toneelavonden ter plekke overbodig. Zíj zíjn er immers nog – ook al mag dat soms een godswonder heten – ze capituleren niet voor de opdringerige wereld van zelfbenoemde ‘Topstukken’ en uitgekiende marketingstrategieën. Collega-toneeljournalist Marijn van der Jagt schreef onlangs: ‘Jan Joris Lamers c.s. tonen de kracht van hun kunstenaarschap als onkruid dat op een vuilnisbelt bloeit, in toneelavonden waarin de verbeelding hoogtij viert.’ Niets aan toe te voegen.

In de Snijzaal en Theater de Kikker, Utrecht: Kras (Judith Herzberg), Pick Up (Gerardjan Rijnders), Ritter Dene Voss (Thomas Bernhard). Dood Paard speelt Deconstructie, MedEia en Schuur_._

Katalogos: Het repertoire voor de komende 50 jaar. Discordia & companen, Toneelschuur, Haarlem, 24 t/m 26 mei.

Frascati, Amsterdam, 1 t/m 16 juni: Dertien rijen: oud repertoire, nieuw repertoire, toneelspelersoefeningen, toespraken, acts. Door ‘groot ensemble’: Discordia, ’t Barre Land, Dood Paard, De Roovers, cie De Koe, tg stan)