Terugkeren

Het zomerreces symboliseert het politieke getijde. Netelige kwesties – soms in een ander jasje – keren terug; bekritiseerde methoden worden opnieuw ingezet.

Je weet beter en toch denk je na een zomervakantie telkens weer dat er iets veranderd zal zijn. Dat het op het Binnenhof niet weer zal gaan over de voltooid-levenpil, de mogelijk te snelle verhoging van de aow-leeftijd, de gebreken aan de uitvoering van de toeslagenwet, de soms schrijnende toestanden in de zorg, de lerarensalarissen, de ondraagbare kosten van de ziektewet voor kleine werkgevers, de migratiestromen, en windmolens of zonnepanelen versus kolencentrales en gas.

Gelukkig doet burgemeester Eberhard van der Laan van Amsterdam dan in het tv-programma Zomergasten de uitspraak dat hij geen politicus is – een uitspraak waar je je lekker kwaad over maakt – en je accepteert weer dat politiek inderdaad gaat over onderwerpen die – soms in een ander jasje – vaak terugkeren, die niet met een simpele ingreep te regelen zijn en die als er dan een maatregel is getroffen toch weer op de agenda kunnen komen omdat er onbedoelde effecten zijn, waar dan ook weer beleid voor moet worden bedacht.

De uitspraak van Van der Laan irriteerde me, omdat hij past in een trend van lekker makkelijk afgeven op politici en omdat hij werd gedaan door een man die zelf via een politieke partij op zijn burgemeesterspost terecht is gekomen. Het was pas interessant geweest én het had hem gesierd als Van der Laan als Zomergast had laten zien hoe ingewikkeld het vak van politicus is en wat daarin is veranderd in de afgelopen decennia, zoals de opkomst van als bijen rondzwermende kiezers die weinig begrip kunnen opbrengen voor compromissen en een verminderde rechtstreekse invloed van nationale politici als gevolg van de globalisering, internationale afspraken en grensoverschrijdende ontwikkelingen zoals de klimaatverandering.

Dat onderwerpen terugkeren op de politieke agenda in een soms net ander jasje realiseerde ik me weer eens toen ik afgelopen week werd gewezen op een sketch van Van Kooten en De Bie, het duo dat toch al weer bijna twintig jaar geleden hun laatste reguliere tv-programma maakte voor de vpro. De scène is hilarisch. Zo terug te zien op YouTube.

Van Kooten komt aangifte doen op een politiekantoor, omdat hij ‘met’ iemand uit zijn straat euthanasie heeft ‘bedreven’. De vrouw zat toch maar de hele dag voor het raam te zitten, voert hij als reden aan. Gaandeweg blijkt dat Van Kooten het niet bij die ene vrouw uit zijn straat heeft gelaten. En ook dat hij aan dat ‘bedrijven’ van euthanasie een grotere tuin heeft overgehouden. Inderdaad, de sketch zou zo in een modern jasje kunnen worden gestoken, wel hoeft er dan geen stofzuigerslang of bijl meer aan te pas te komen, maar is een voltooid-levenpilletje voldoende.

Een halve pil waar je maar een beetje dood van gaat, is niet de oplossing

De discussie over die pil was nog steeds een heikel onderwerp bij de coalitie-onderhandelingen tussen vvd, cda, d66 en ChristenUnie, die na het zomerreces weer zijn hervat. Niet alleen de discussie over dit en andere medisch-ethische onderwerpen keerde echter terug, ook de wijze waarop deze vraagstukken mogelijk politiek zouden kunnen worden opgelost, kwam bekend voor.

d66-leider Alexander Pechtold, wiens partij de voltooid-levenpil graag geaccepteerd ziet, had het woord uitruilen vorige week nog niet in de mond genomen of de herinnering aan een kleine vijf jaar geleden kwam boven. Toen kozen vvd en pvda tijdens de coalitiebesprekingen ook voor uitruilen, en dan niet specifiek bij medisch-ethische kwesties.

De kritiek op dat uitruilen was groot, te meer daar de onderwerpen via een soort kwartetspel waren verdeeld. Trok de pvda een onderwerp, dan mocht die partij op dat dossier haar sociaal-democratische beleid uitzetten; het onderwerp op een kaart die in handen kwam van de vvd kreeg een liberale aanpak. Dat zou schande zijn: politiek is geen kwartetspel, politiek is het zoeken naar compromissen per onderwerp! Alsof de werkwijze zelf niet ook een compromis kan zijn. Nee, de partijen hadden elkaar blijkbaar per onderwerp halverwege tegemoet moeten komen. Daarmee wil ik overigens niet zeggen dat uitruilen de oplossing is.

Over een onderwerp als de voltooid-levenpil is het bijvoorbeeld lastig een klassiek compromis te sluiten, want een halve pil waar je maar een beetje dood van gaat, is niet de oplossing. Bij een uitruil blijft de pil heel en daarmee doeltreffend, heeft Pechtold mogelijk gedacht. Daarbij zag hij over het hoofd dat de ChristenUnie dan toch regeringsverantwoordelijkheid moet nemen voor die pil. Juist dat maakt medisch-ethische onderwerpen politiek zo ingewikkeld. Want de verantwoordelijkheid daarvoor nemen, wil – in dit geval – de ChristenUnie juist niet. Het voorstel om uit te ruilen, was dan ook niet handig van Pechtold.

Het laatste is hier dus nog niet over gezegd. En is als onderwerp teruggekeerd aan de onderhandelingstafel. Zoals ook de dilemma’s bij het dichter draaien van de gaskraan of de discussie over wat nou zware arbeid is die recht zou kunnen geven op eerder met pensioen kunnen gaan.

Wat ook terugkeerde na de zomervakantie was de vraag of ik denk dat deze vier partijen er uitkomen. Net als voor het reces is het eerlijke antwoord: ik weet het niet. En net als toen zeg ik nu: er zijn niet veel alternatieven, een minderheidskabinet is niet ideaal, en het uitschrijven van nieuwe verkiezingen is niet alleen een blamage voor de politieke partijen, maar heeft bovendien als risico dat het daarna nog ingewikkelder kan zijn. Maar mocht het op nieuwe verkiezingen uitdraaien, dan snap ik als Van der Laan nog één keer zegt: ik ben geen politicus. Uit schaamte.