Thaise junta paait dorpelingen

Bangkok – De steden van Thailand veranderen snel in moderne metropolen. Bangkok voorop.

Maar op het platteland in de noordoostelijke regio Isan – een derde van het koninkrijk – lijkt de tijd stil te staan. In het dorp Naseennan zijn de houten en deels betonnen huisjes nog net zo simpel als vijftien jaar geleden – vlak voor de economische hulpprogramma’s van de door de Bangkokse elite verafschuwde ‘populistische’ premiers Thaksin Shinawatra en zijn zus Yingluck.

Voor iedereen is het een verrassing dat de door die zelfde bovenklasse gesteunde militaire regering deze week opeens 148 miljoen euro stort in het door de Shinawatra’s opgerichte dorpenfonds. Geld om de koopkracht van de dorpelingen te verbeteren en zo de stagnerende economie op te krikken, daar profiteert het hele land van, verdedigt het kabinet zich. Maar de machtige industriefederatie noemt het ineffectief populisme: ‘Thai zijn verslaafd aan lenen uit dergelijke fondsen. Ze geven het geld uit en bedenken niet dat ze het moeten terugbetalen. Dat is geen duurzame ontwikkeling.’

‘Maar ik ben niet gek’, zegt Nimmuan Viyahong, het gekozen dorpshoofd van Naseennan. Ze wil het opnieuw gevulde fonds juist inzetten voor die duurzame ontwikkeling.

Viyahong komt net terug van inspectie van het centrale geestentempeltje en vertelt, op de rurale bamboe zittafel voor haar huisje, wat nu moet gebeuren. ‘Belangrijk is een managementopleiding, zodat we leren om zelf projecten op te zetten. Dan gaat het verdiende geld niet naar slimme zakenlieden in de stad, maar kunnen we het zelf opnieuw investeren.’ In toerisme, bijvoorbeeld. ‘Het is hier zo mooi: de bossen, het meer. Maar er zijn geen hotels, geen restaurants. Ik ga wel koken. Als buitenlanders mijn Isan-eten te heet vinden, maak ik het gewoon minder scherp.’

Voor toeristische ontwikkeling pleit dat Naseennan nu goed bereikbaar is, door de nieuwe snelweg naar Laos en Vietnam en de verharding van de zandweg naar het dorp. Anders dan vijftien jaar geleden is er overal stroom. ‘En we hoeven ons niet meer te schamen voor armoede’, zegt het dorpshoofd. ‘Geen politicus keek ooit naar ons om. Maar door de Shinawatra’s is de dokter nu bijna gratis. De kinderen krijgen goed onderwijs. Omdat er geld kwam om meer te verbouwen dan alleen rijst, eten we gezonder en kunnen we ons beter kleden. Dankzij hen zijn we klaar voor de volgende stap.’