Theatersonate (onv.)

De eerste uitnodiging was zó klein dat het wel een consumptiebon leek. Achter op de invitatie stond: dit is geen consumptiebon. Met mij en kleine papiertjes gaat het altijd mis: ze raken zoek in wasgoed. Toen ik de uitnodiging terugvond was ze bijna onleesbaar geworden. ‘Discordia - in Exil’ kon ik nog net lezen (volgens mij moet het ‘im Exil’ zijn, maar ik kan tussen de stapels wasgoed mijn woordenboeken ook niet meer vinden).

De toneelspelers van Maatschappij Discordia zijn verbannen en ze hebben hun verwanten (onder meer STAN, ’t Barre Land, De Roovers en Dood Paard) meegenomen naar een zolder aan een van de randen van de stad. Ze spelen er oud en nieuw repertoire. Hun verklaring van het woord repertoire is drieledig: een lijst van stukken die een toneelgezelschap of kunstenaar in een seizoen kan geven, en: vaste stukken die telkens weer uitgevoerd worden, en: een geheel, een voorraad van thema’s, motieven. Repertoire is voor Discordia & verwanten een landschap. Met uitgepakt decor. En ingepakte koffers. Klaar voor de volgende vlucht. Het landschap ligt aan een drukke spoorbaan, met veel lawaai, prachtig licht door vervallen ramen, vliegtuiglawaai, voedsel en drank aan lange tafels in de open lucht. De zolder is een gedroomd alternatief voor Discordia’s eigen huis, waaruit ze met veel lawaai wreed zijn verdreven.
Fin de Saison is al jarenlang een traditie. Dit ‘Grande Special’ bevat deze week onder meer nieuw en oud repertoire van acteur Tom Jansen en danseres Pauline Daniëls, ’t Barre Land met een fragment uit Dostojevski. De toneelspelers, dansers en musici kiezen per week hun programma. Ik zag de afgelopen week een toneeldebuut, Sahara, de eerste toneeltekst van Gillis Biesheuvel, acteur bij Dood Paard. Twee exen, M en O geheten, zien elkaar na jaren terug. Ze zijn vrij genadeloos in hun observaties. O (de man): 'Relaties die niet meer werken, gelijk uitbannen, wegflikkeren. Prullenmand vol met mislukte relaties.’ M (de vrouw): 'Ik blijf hier dom rond je heenhangen. Om je nog zieker te maken dan je al bent. Om je hoofd uit te wonen.’
Meermalen valt in de tekst het woord 'romantisch’, dat ligt voor deze eindeloos op elkaar in beukende, vroeg oud geworden pubers dicht bij het begrip 'kinderachtig’. Ze willen goed dronken worden (ze hebben het over allerlei exotische drankjes, maar op het toneel wordt alleen maar bier gezopen). Ze zoeken de bron van 'dit oeverloze geouwehoer’. En ze willen uiteindelijk alleen maar dronken worden van elkaar. Dan betreedt de nieuwe vriend van M, die het eerste half uur als dj-met-zonnebril op de achtergrond opereerde, het speelvlak. Hij, K, zóu komen, maar hij is niet gekomen. Hij is bezig met 'de pijn in zijn hoofd’, het besef 'een boer te zijn in de grote stad’ waar hij weg wil omdat er 'te veel mafkezen’ zijn, hij wil iets doen met de 'ontploffingen in zijn hoofd’. K is de échte romanticus, de Slauerhoff van deze Dode Zee ('In Nederland wil ik niet leven’), hij wordt één met het zand van de woestijn waar hij in zijn fantasie al eindeloos doorheen reisde. Op een klein plankier, dicht op het publiek, spelen Gillis Biesheuvel (O), Manja Topper (M) en Kuno Bakker (K) deze tekst, die smaakt naar meer. Biesheuvel en Topper blaffen elkaar de teksten toe als in een tenniswedstrijd met handgranaten. Daarna kijken ze hoe Bakker (K) zijn monoloog uitspuugt, als een drenkeling die nergens meer bij wil horen, alleen nog maar bij zichzelf.
Ik vond Sahara een prachtige gebeurtenis. En Gillis Biesheuvel is nog niet van ons en van zijn drie karakters af. Want zijn tekst schreeuwt om een afronding van dit rondo, deze onvoltooide theatersonate. Sahara maakt nieuwsgierig naar een confrontatie tussen de drie. Dan kan deze proeve-van-een-voorstelling een mooi punt worden in het repertoire van Dood Paard.

  • Deze week speelt Maatschappij Discordia haar beeldschone voorstelling 'Happy Days’ van Samuel Beckett, over een vrouw die zichzelf naar het einde toe praat onder begeleiding van haar nagenoeg sprakeloze man.