Theo hiddema

Het was zeker niet de eerste keer dat er een klacht tegen hem werd ingediend, maar wel voor het eerst dat die resulteerde in een schorsing en een berisping. Mr. Th.U. Hiddema is over de schreef gegaan in zijn conflict met journaliste Valerie Lempereur. Wie is deze dandy-advocaat die lak heeft aan alles, behalve aan het recht? ..LE VERVLOEKT moet hij haar hebben. Al eerder liet mr Th.U. Hiddema, strafpleiter te Maastricht, zich niet zo lovend uit over journaliste Valerie Lempereur. ‘Hoe kan ik het zo beledigend mogelijk formuleren?’ sprak advocaat Hiddema anderhalf jaar geleden. ‘Deze zich journalist noemende persoon is een halve gare, een hysterisch mens.’ En: ‘Ik had haar graag een grafkrans gestuurd. Ze haalt het slechtste in me naar boven.’

Hiddema’s ergste nachtmerrie is uitgekomen toen hij vorige week hoorde dat de affaire-Lempereur, die hem bijna zijn goede naam kostte, een joekel van een staart heeft gekregen. De Raad van Discipline, het tuchtcollege van de Nederlandse Orde van Advocaten, legde Hiddema een voorwaardelijke schorsing van twee maanden op en gaf hem een berisping.
De uitspraak houdt verband met de laatste grote zaak waarmee hij in de publiciteit kwam. Hiddema verdedigde Astrid B., het liefje van de hoofdverdachte van de Bende van Venlo. De bende schreef zeven moorden op haar conto. ‘Een Çnige zaak’, volgens Hiddema. In hoger beroep sleepte hij er voor Astrid vrijspraak uit op grond van haar dagboek, dat hij opeens tevoorschijn toverde. In advocatenkringen deed al snel het gerucht de ronde dat de dagboeken waren vervalst. En inderdaad: na haar vrijspraak vertrouwde Astrid B. Lempereur toe dat ze bepaalde passages had gewijzigd op aanraden van Hiddema. Lempereur tekende Astrids uitspraken op in een boek over de Bende van Venlo en liet haar opdraven in een tv-documentaire. Maar Astrid loog en Hiddema kon dat bewijzen. Het dagboek bleek al in bezit van de politie voordat hij haar raadsman werd en het meisje trok bovendien haar beschuldiging jegens Hiddema in. Lempereur zou grote druk op haar hebben uitgeoefend. Boek en documentaire werden gerectificeerd.
'Zaak gesloten’, moet Hiddema hebben gedacht. Maar v¢¢r zijn botsing met Lempereur had hij haar het strafrechtelijke dosier van een ander bendelid meegegeven. En dat leverde hem de voorwaardelijke schorsing op. De berisping kreeg Hiddema omdat hij in de pers had geroepen dat mr. Max Moszkowicz, raadsman van een verdachte die mede op grond van het dagboek tot vijftien jaar werd veroordeeld, Lempereur op hem had afgestuurd.
ROND HIDDEMA hangt altijd een sfeer van spektakel. Bij de Raad voor Discipline zijn al vele klachten tegen hem ingediend, tot voor kort zonder gevolg. Hij beledigde de president van de rechtbank in Den Bosch en menig officier van justitie ('Deze zaak is zo simpel dat zelfs de officier hem kan begrijpen’), noemde zijn confrŠres prijsboksers en zijn cli‰nten gajes. Hij geeft ruiterlijk toe dat hij geld verdient aan de misdaad ('Dat dat geld niet afkomstig is van mensen die werken met een prikklok en een oudedagsvoorziening, is nogal wiedes’). En als er vormfouten gemaakt worden, gebruikt hij die om het grootste tuig vrij te krijgen. Zo h¢¢rt dat in een rechtsstaat. De waarheid is heilig in de rechtszaal, 'maar het is niet mijn taak de rechter de volle werkelijkheid te onthullen’.
Kortom, een doodgewone strafpleiter. Kwalitatief de vierde van het land. Wat hem onderscheidt van confrŠres als Gerard Spong, Bram Moszkowicz en zelfs de gedistingeerde Piet Doedens is zijn tot in het extreme doorgevoerde dandyisme. Hij koestert zijn ijdelheid als was het zijn handelsmerk. Over elk van zijn kledingstukken is nagedacht. Hij beschouwt zijn garderobe als een persoonlijk kunstwerk. Zijn schoenen zijn Engels of Italiaans. De hemden met widespread-boord zijn handgemaakt door Van den Heuvel in Den Haag, waar ook Prins Bernhard zich de maat laat nemen. Zijn kostuums stammen uit het Brussele huis Degand. De zeventigjarige kleermaker Ginaro zet ze daar al twintig jaar eigenhandig voor Hiddema in elkaar. Als Hiddema weer toe is aan een nieuw pak (hij bezit er al zo'n dertig), bestudeert hij met een loep foto’s van Cary Grant en het Britse koningshuis. En bij elk pak hoort een ander, kostbaar horloge. Zijn exorbitante kleedgedrag heeft alles te maken met zijn vak: 'Je hebt de hele dag omgang met het grootste vuilnis dat de menselijke ziel kan omringen. Ik kom met de grootste smurrie de rechtszaal binnen, maar ik wil er zelf picobello bij zitten.’
Drie Porsches en een Rover bezit hij. Een Porsche vindt hij zo'n beetje het mooiste wat er is. Op snelheid kun je hem het best vergelijken met een Stuka in duikvlucht. 'Dat angstaanjagende gehuil van de Duitse duikbommenwerper waarvoor iedereen op de vlucht sloeg.’ Als hij in een rustige bui is, neemt hij de Rover. Want die zoemt zo lekker.
HIDDEMA WERD geboren in 1944 te Holwerd, in een Fries boerengezin. Hij groeide op als een eenkennig kind dat niet in toom te houden was. Hij stoorde zich aan geen enkele autoriteit en ontwikkelde zich alras tot aartsspijbelaar. Op zijn vijftiende stuurden zijn ouders hem naar een internaat in Hoogezand-Sappemeer. Zonder pardon gaven zij toestemming zoonlief lijfstraffen toe te dienen. In zijn tijd op de kostschool liet hij zijn ouders merken dat hij er nog was door peperdure kleding te kopen en hun de rekening toe te sturen.
Zijn studie volgde hij in Groningen. Het werd rechten, omdat dat de makkelijkste studie was en hij toch eens op moest schieten met zijn leven. Na zijn afstuderen wilde hij zo snel mogelijk weg uit het Noorden - en liefst ook zo ver mogelijk. Dus solliciteerde hij bij Max Moszkowicz in Maastricht. Na zes jaar vertrok hij daar weer, zonder animositeit. Die kwam later. Hiddema opende een kantoor tegenover dat van zijn nestor en raakte met hem in conflict inzake overlopende cli‰ntŠle.
Vlak na zijn vertrek bij Moszkowicz vroeg de 'Zwarte Weduwe’ Rost van Tonningen hem om zijn diensten. Al deelde hij haar rechts-extremistische opvattingen niet, toch stal ze zijn hart. Hij herkende haar dwarsheid, haar lak aan gezag. De rechtzaak maakte hem in ÇÇn klap bekend. Zeker toen De Telegraaf een foto afdrukte waarop Hiddema de stokoude weduwe ondersteunde. Om de antifascistische actiegroepen te ontlopen vertok hij een tijdje naar zee. Dat doet hij altijd als er gevaar te duchten is van activisten of (ex-)cli‰nten: 'Als je aan zee zit, zie je ze aankomen.’
SAMEN MET Doedens, Bram Moszkowicz en Jan Boone behoorde Hiddema tot de aanjagers van de IRT-affaire. Eind jaren tachtig begonnen ze te vermoeden dat in een groot aantal drugszaken buitenwettelijke opsporingsmethoden werden gehanteerd. Gevieren schopten ze zo veel mogelijk herrie over de kleinste onregelmatigheden in drugsdossiers. Daarmee lichtten ze een tip van de sluier op die de duistere wereld van criminele infiltranten en drugsdoorvoer bedekte. Dat na het verschijnen van het rapport van de commissie-Van Traa 'parlementaire hotemetoten’ met de eer gingen strijken, zat Hiddema hoog: 'Aan wie hebben jullie het nou eigenlijk te danken dat jullie hier blij zitten te zijn met dat rapport?’, beet hij enkele parlementari‰rs na een Nova-uitzending toe. 'Niet aan jullie zelf, lees Van Traa er maar op na. Die heeft jullie postuum - want dood waren jullie al - arbeidsongeschikt verklaard.’
Hiddema trapt graag heilige huisjes omver. Als hij iets haat, is het het 'schijnfatsoen van de beste brave burger’. 'Het recht heeft mijn hart gestolen, maar de staat kan de pot op. Krokodilletranen zijn het, dat gejammer over de rechtsstaat. Mij gaat het allemaal om het avontuur, om de Spielerei, om het drama. Bij het lezen van een dossier hoor ik mezelf al pleiten - het liefst had ik acteur willen zijn’, zei hij twee jaar geleden. In de rechtbank houdt hij zijn verhaal uit het hoofd. De adjectieven vliegen je om de oren. Acteren voor de goede zaak, zo ziet hij zijn vak. En het geeft hem een kick.
Zeker als hij kunstjes kan flikken die alleen h¡j beheerst. Zoals bij de vrijspraak van een Turk die werd verdacht van medeplichtigheid aan de aanslag op de paus in Rome. De man werd in Venlo uit de trein geplukt. Midden in de nacht liet Hiddema een team van de universiteit van Leiden uitrukken voor een profielvergelijking. Dat team stelde vlak voor de uitlevering met behulp van meetapparatuur vast dat de oren van de man niet overeenkwamen met die op de vage foto van een wegvluchtende Turk, geleverd door de Italiaanse politie.
'HET LIJKT door die publiciteit soms nog heel wat, maar ik heb nog steeds geen strafblad en geen enkele veroordeling van de Raad van Discipline’, sprak meester Hiddema vorig jaar nog met gepaste trots over zijn onorthodoxe werkwijze. Tegen de voorlopige schorsing van de Raad gaat hij in beroep. En als hij zich jegens Lempereur kan beheersen, zit het met zijn strafblad nog wel een tijdje snor. Maar toch, de affaire zal hem blijven achtervolgen. Vanaf nu is hij een dandy met een deuk.