Gastcolumn

Therapie

Zoals de tv-serie In Treatment prachtig laat zien is psychotherapie in de eerste plaats een aangelegenheid waar vertrouwen wordt gevraagd, over en weer.

BIJ DE EERSTE aflevering van de Amerikaanse tv-serie In Treatment waar ik toevallig op stuitte was het meteen raak. Ik had nog niet door wat de formule precies inhield, maar wel dat ik naar iets heel bijzonders zat te kijken: twee mensen die elkaar aan het aftasten waren in de spreekkamer van een psychiater, afwisselend in ongehaaste, trage close-ups gefilmd, terwijl de stiltes die ze lieten vallen, de aarzelingen en de denkpauzes, minstens zo spannend waren als de tekst die ze uitspraken. Dit was praten op het scherp van de snede, want met elk woord dat gezegd of juist verzwegen werd bezegelde een patiënt zijn lot. Vier maal per week zat er iemand anders op de bank, terwijl de therapeut naar al die mensen luisterde alsof niet alleen hun maar ook zijn leven ervan afhing. En dat was natuurlijk ook zo, want er stond waarachtig genoeg op het spel: een huwelijk dat aan een zijden draadje hing, of de gefnuikte carrière van een gevechtsvlieger die te lijden had onder paniekaanvallen sinds hij bommen had moeten afgooien boven een Vietnamees dorp vol onschuldige burgerslachtoffers.
Was dat huwelijk nog te redden, vroeg ik me ademloos af, en was het wel verantwoord dat die piloot zich toch weer ging melden voor actieve dienst? Hoe zou het aflopen met Sofie, het anorectische turntalentje dat zich van haar ouders niet meer mocht afbeulen op de brug met ongelijke liggers, en zich wanhopig tegen dat verbod verzette? En, niet in de laatste plaats, zou dokter Weston zélf het hoofd koel houden en weerstand kunnen bieden aan de verleidingskunsten van de narcistisch zwaar gestoorde maar beeldschone Laura; en zo nee, zou hem dat dan zijn huwelijk kosten, of zelfs zijn professionele bevoegdheid als therapeut?
Het was verslavend, de aanblik van al die dodelijke ongelukken die nog net niet waren gebeurd, maar die zich al aftekenden in de gekwelde blik van de therapeut; een feilbare man tenslotte, die zich voortdurend hyperbewust leek te zijn van het risico dat één enkel verkeerd woord van hem het wankele evenwicht zou kunnen verstoren, met alle gevolgen van dien. Elke vijfde dag van de werkweek zat Paul Weston dan ook bij zijn eigen therapeut en supervisor, Gina, een vrouw met de kalme, onaantastbare uitstraling van een sleepy spider, zoals hij haar wrokkig typeert, om zijn onzekere oordeel aan het hare te toetsen.
De serie liet zich overigens niet alleen bekijken als een soap-op-hoog-niveau, maar ook als een stoomcursus in psychoanalytisch denken, omdat alle problemen die zich voordeden in het heden zorgvuldig werden gerelateerd aan het verleden van de betrokkene.
Psychiater Dries van Dantzig heeft in dat verband eens gezegd dat de psychoanalyse in wezen leeg is, als een schaakspel. Er bestaan regels die in acht moeten worden genomen, er is een protocol, maar toch is elke partij weer anders, afhankelijk van de persoonlijkheid van de mensen die aan weerszijden van het bord hebben plaatsgenomen. Dat weet ik uit de literatuur, maar ook uit eigen ervaring, want ik heb in mijn volwassen leven maar liefst zeven psychotherapeuten geraadpleegd en bij vier daarvan ben ik gillend weggelopen, terwijl ik van de andere drie het nodige heb geleerd.
De serie wordt inmiddels uitgezonden in een tamelijk omstreden Nederlandse bewerking, getiteld In therapie, en daaraan kun je niet alleen zien wat goede acteurs onderscheidt van slechte, maar ook aan welke eisen een goede therapeut moet voldoen. Het is en blijft namelijk mensenwerk, en dus volstaat het niet om een therapeutische relatie op te bouwen volgens de ‘regeltjes’.
Wat gevraagd wordt is vertrouwen, over en weer, zodat er een veilige ruimte ontstaat waarin beide partijen zich bloot kunnen geven. Ja, ook de behandelaar, die weliswaar niet te veel mag prijsgeven van zijn persoonlijke omstandigheden, maar die wel degelijk alles uit de kast moet halen wat hij als mens te bieden heeft: inlevingsvermogen, ongeveinsde interesse, levenservaring, mensenkennis, generositeit, bescheidenheid, humor en verantwoordelijkheidsgevoel.
Geen gering eisenpakket, en alsof dat nog niet genoeg is moet het tussen therapeut en patiënt ook nog een beetje 'klikken’. Een beproefde vuistregel is dat je jezelf nooit onder behandeling moet stellen van iemand die je op een feestje het liefst zou ontlopen, omdat diegene je op het eerste gezicht al niet boeit. Als je elkaar in het gewone leven niet ligt, komt er ook in de spreekkamer bitter weinig van terecht. Wat dat betreft lijkt psychotherapie meer op een vorm van kunst dan op een kunstje.
Gabriel Byrne, de briljante acteur die in de Amerikaanse versie de rol van psychiater speelt, weet die 'klik’ effectief over te brengen, en dat is niet alleen te danken aan het intelligente script dat hem de juiste woorden in de mond legt, maar vooral aan alle keren dat je ziet hoe moeizaam hij naar die woorden zóekt. Uiteraard, want de man moet nadenken, en dat denkproces maakt hij zichtbaar. In tegenstelling tot Jacob Derwig, de Nederlandse vertolker van het personage, want die demonstreert vooral hoe ijverig hij de tekst uit zijn hoofd heeft geleerd. Nauwelijks is een van zijn patiënten uitgesproken, of hopla, daar rollen de wijze woorden alweer over zijn lippen! Alsof het niets is. Voeg daar nog eens bij dat zijn gezicht en zijn lichaamstaal doorgaans evenveel expressie vertonen als een kluit verse stopverf, en je begrijpt waarom de versie van eigen bodem van meet af aan kansloos was. Koop de dvd, zou ik tegen de Nederlandse kijkers willen zeggen, je weet niet wat je mist.

Koop de serie in onze webwinkel