Kunst

Tijd verspild

Stil Even

De tentoonstelling Stil Even in het Stedelijk Museum van Zwolle is geïnspireerd door het boek Stil de tijd van Joke Hermsen uit 2009. In Zwolle heeft directeur-curator Adriaan de Regt een ensemble samengesteld van werken die (aldus de catalogus) ‘in hun onderlinge samenhang en volgorde het thema tijd verbeelden, het tijdsbeeld bekritiseren, maar ook tijd vragen’. Voor de duidelijkheid: het Stedelijk Museum Zwolle heeft in tegenstelling tot zijn meer ambitieuze stadsgenoot, De Fundatie, een beperkte collectie, die bovendien een lokaal-­historisch karakter heeft. Het museum heeft echter behalve een mooi zestiende-eeuws pand ook een splinternieuw gebouw met een paar ruime zalen, waar best iets mee te doen is.

De tentoonstelling beperkt zich tot twee presentaties en een videozaaltje. De benedenzaal begint met een paar goede vanitas-stillevens (met schedels) en bloemstukken, van de zeventiende tot de negentiende eeuw, die ook in de vanitas-traditie kunnen worden geplaatst. Deze worden gekoppeld aan kleurige fotoprints van Wilma Kuil en Margriet Smulders; de laatste werken dragen titels die zijn ontleend aan twee Shakespeare-sonnetten (18 en 119). Verder is er een liggend paard van Charlotte Dumas en twee grote werken van Roger Wardin, met ingestorte houten panden. De bovenzaal is meer atmosferisch; de schilderijen, met name die van Robert Zandvliet en George Meertens, roepen wijde landschappen of uitzichten op. Er hangt een schommel met bontvoering van Margriet Smulders, om (al weer de bordjes) ‘de ervaring totaal te maken en de vaste grond onder de voeten te verliezen, de dwang van de tijd te verliezen’.

Stil Even is wat mij betreft een goed voorbeeld van hoe een bescheiden tentoonstelling op basis van een aardig thema en enkele goede werken tot vrijwel niets van enige substantie leidt. Daarvoor zijn twee redenen. Ten eerste is de keuze van de werken merkwaardig. Een belangrijk deel ervan (Raquel Maulwurf, Daniele Galliano, Roger Wardin) is afkomstig van één galerie, in Den Haag, en je vraagt je af waarom dat is – waarom niet wat verder gekeken dan nóg een Wardin? Is die drukke mensenmassa van Galliano niet een vreemde eend in de bijt? – en ga mij niet vertellen dat de samensteller daarmee een contrast wilde scheppen of vragen wilde oproepen. Ten tweede: het kan gemakzucht zijn, het kan ook een te beperkt blikveld zijn, maar inhoudelijk raakt het allemaal kant nog wal. Het thema tijd ‘verbeelden en bekritiseren’? Tot uw dienst, maar de werken in deze opstelling hebben alleen ‘samenhang’ omdat ze bij elkaar hangen. Een stilleven van Charley Toorop past er kennelijk bij want het is… een stilleven. Een sonnet van Shakespeare past erbij want dat is… een sonnet van Shakespeare. Een liggend paard van Charlotte Dumas past erbij want dat is ‘in rust’. Maar rust is toch iets anders dan de dood, en dood is iets anders dan tijd, en ‘memento mori’ is echt iets anders dan ‘festina lente’, en ‘vanitas’ is iets anders dan ‘de desolate toestand van de industriële samen­leving’ en een uitzicht op een blauw vlak, zoals Robert Zandvliet dat maakt, kan best aansporen tot kalme meditatie, maar is dat werkelijk ‘het bekritiseren van tijd’? Is zo’n schommel, als een wolkje, niet eigenlijk heel erg lullig? En als George Meertens zijn landschap De bossen van Clairvaux noemt, waarom dan wel geciteerd uit het persbiografietje dat Meertens zich laat inspireren door Benedictus van Nursia, maar niks over Bernard van Clairvaux of de contemplatie van de cister­ciënzers? Of heeft ’t daar weer niks mee te maken en gaat het juist om ‘de levenslust van het voorjaarsbos’, zoals Hermsen ’t ziet? Wat wordt hier nou eigenlijk gezegd? De glossy publicatie geeft ook geen uitsluitsel: die is al even incoherent.

Eerdere tentoonstellingen in Museum voor Moderne Kunst in Arnhem (Remember me) en De Hallen, Haarlem (He disappeared into complete silence) lieten zien dat zo’n associatieve aanpak tot prachtige resultaten kan leiden, ook op bescheiden formaat. Daar zat echter veel meer smaak en denkkracht achter.

Stil Even. Gouden eeuw tot nu. Stedelijk Museum Zwolle, t/m 12 augustus