Economie

Tijgermoeders

Ook ik vond het een onthutsend boek. Maar om een andere reden dan u denkt. Bij mij thuis zijn chantage, dreigementen en psychologische oorlogvoering namelijk schering en inslag.

Toen de entreetoets tegenviel ging de Barbie-collectie in vlammen op. De nieuwe iPad was een beloning voor een half jaar lang elke dag oude Cito-toetsen maken en een eindscore van 545. De eerste onvoldoende op het vwo werd afgestraft met een tv-verbod van zes maanden. En zomer of winter, lente of herfst, weer of geen weer, zin of geen zin - mijn dochter staat ten minste zes uur per week op de atletiekbaan.
Flauwekul natuurlijk. Maar dat is Chua’s boek ook. Toen ik het opensloeg verwachtte ik even een min of meer serieus verslag van een pedagogisch experiment. Maar al op pagina zeven wist ik dat het satire was. Daar meldt Chua dat ze tot aan de eerste verjaardag van haar dochter met een schrijversblok kampte. Welke sukkel heeft nou in godsnaam een schrijversblok? En toen ze even later de namen van haar dochters astrologisch duidde terwijl ze astrologie onzin vindt, en nog weer later ook haar sullige sierhonden aan een bootcamp onderwerpt, wist ik het zeker: Amerikanen snappen niets van ironie.
Aldaar is namelijk een serieuze discussie losgebarsten over de vrijblijvendheid van de Amerikaanse opvoeding en of de economische neergang niet kan worden toegeschreven aan een te grote nadruk op spel, plezier en geluk. En uiteraard waren commentatoren er als de kippen bij om dit te duiden als existentiële twijfel over de eigen plek in de wereld in de slagschaduw van de grote Amerikaanse financiële crisis en de snelle opkomst van China. Allemaal waar natuurlijk. En samen met de spreekwoordelijke literal-mindedness van de gemiddelde Amerikaan verklaart dat goeddeels de felheid van het debat.
Dat het echter ook hier heeft geleid tot een tobberige discussie over ons ouderschap verrast mij wel. Niet dat wij nou zo uitblinken in ironie, maar onze objectieve gronden voor pessimisme zijn heel wat geringer dan de Amerikaanse. Simpel gezegd: wereldmachten komen en gaan, maar onze grauwe middelmaat zal altijd bestaan. Bovendien Is het contingent ambitieuze Chinezen dat onze universiteiten verovert verwaarloosbaar vergeleken met de Chinese horden die de Amerikaanse Ivy League-universiteiten onveilig maken. Oftewel: de Aziatische dreiging is daar heel concreet en dichtbij en hier tamelijk abstract en ver weg. Kennelijk is de Nederlandse ouder ten diepste onzeker over de eigen opvoedingsprincipes: autoritair of vrij? Te beschermend of liefdeloos? Zelfontplooiing of gestuurde ontwikkeling? Chua’s boek leert ons dat we geen benul hebben en nog niet het begin van een antwoord.
Het mooie aan Chua’s boek is dat het eigenlijk een geruststellende boodschap bevat voor de pessimisten onder ons. Chua beschrijft namelijk hoe ze haar dochters drilt tot klassieke musici van topniveau. Als ik Amerikaan was zou ik na lezing van het boek schouderophalend naar de mall gaan. Hoezo geel gevaar? Zolang die Chinezen hun talenten, doorzettingsvermogen en tolerantie voor disciplinering gebruiken om te excelleren in wat in wezen een eind-negentiende-eeuwse, Midden-Europese burgerlijke hobby met snob appeal is, is er niets aan de hand. Persoonlijk kan klassieke muziek me gestolen worden. En of nou een Chinees, een Chileen of een Zweed de viool bepotelt, zou ook de snob niets moeten schelen. Pas als ze zich gaan toeleggen op astrofysica, nanotechnologie of neurobiologie hebben we een probleem.
Nee, onthutsend vond ik Chua’s boek omdat het op zo'n verbluffende wijze de mechanismen achter de reproductie van ongelijkheden blootlegt. In de sociale wetenschappen heet zoiets een extreme casus: een gevalsstudie die door haar extreme eigenschappen ongehinderd zicht biedt op onderliggende causale mechanismen. Gemigreerde Chinese middenklassegezinnen danken hun buitengewone competitiviteit vrijwel uitsluitend aan ouderlijke ondersteuning, stimulering en disciplinering. Zelfs in het prestatiemaffe Amerika is daar het Aziatische succes aan te danken, zo leert Chua’s boek. Sommige ouders dreigen, zaniken, zeuren en treiteren, andere niet. Met alle consequenties van dien.
In Nederland is het niet anders. Ondanks klachten over te veel leuk is het Nederlandse onderwijsbestel in werkelijkheid een smal koord zonder vangnet. En door veel te korte schooldagen in het basisonderwijs en gemakzuchtige docenten in het middelbaar onderwijs komt ook hier veel te veel aan op achtervang door ouders. We weten allemaal dat niet alle ouders dat doen, kunnen of willen. En dus is ook in Nederland de beste voorspeller voor het einddiploma van een kind het opleidingsniveau van de ouders. In een samenleving waar alles zou draaien om kansengelijkheid zijn tijgermoeders overbodig. Die rol hebben school en docent overgenomen. En dan voor iedereen, niet alleen voor Chinezen.