Zo’n beetje alle Syrische vluchtelingen die in 2015 naar Nederland vluchtten kregen asiel. Behalve Tina en Jacob. Vorige week kregen ze bericht van de Immigratie- en Naturalisatiedienst (ind) dat ze naar Armenië moeten. Een land waar ze nooit gewoond hebben, waar Jacob zelfs nog nooit is geweest, en Tina slechts vier dagen. Dat wordt niet betwijfeld door de ind. Ook niet door de Raad van State. Ze weten ook dat Tina’s moeder, grootmoeder, ooms en broer al zo lang in Nederland wonen dat ze inmiddels de Nederlandse nationaliteit hebben. Maar ja, juridisch gezien is er een mogelijkheid om hen naar Armenië te sturen, dus moeten ze weg uit Nederland.

Eerst maar een disclaimer. Ik ben niet neutraal. Ik zorg samen met mijn partner Moniek, familie en vrienden, al vijf jaar voor Tina en Jacob. Door een vergissing van Tina worden ze het land uitgezet. Daar ben ik boos over. Maar ik ben ook journalist. Met die pen schrijf ik dit ontluisterende verhaal.

Christina Lenian was 26 jaar toen ze met haar achtjarige zoontje Jacob in 2015 vluchtte uit Syrië. Het leven in Damascus werd haar te zwaar. Maar vooral Jacob kon er niet meer tegen. In zijn rug zit de scherf van een bom die op zijn school ontplofte. Jacob stond te praten met twee vriendjes. Eentje overleed onmiddellijk, de ander heeft voor de rest van zijn leven problemen met lopen, en Jacob kwam vrij met de schrik en een scherf in zijn rug en zijn been. Die scherf in zijn been is inmiddels verwijderd. Maar de angst liet Jacob niet meer los. Die bom was voor Tina de druppel. Ze wilde haar zoon beschermen en besloot haar vader en broer in Damascus te verlaten. Op weg naar Nederland. Weg van de oorlog. Rust.

Tina en Jacob zijn een deel van de grote stroom vluchtelingen die in dat jaar naar Europa kwamen. Honderdduizenden Syriërs wisten via wankele bootjes op zee Griekenland te bereiken. Tina wilde helemaal niet in zo’n bootje. In Damascus ging in die dagen het verhaal dat je met een Armeens paspoort een visum voor Europa kon krijgen. Tina en haar familie zijn Armeense christenen. Haar verre voorouders zijn uit Turkije gevlucht voor de oorlog en de genocide, begin vorige eeuw. Maar Tina, haar ouders en grootouders zijn geboren in Syrië en hebben de Syrische nationaliteit. Armenië is gemakkelijk in het toelaten van vreemdelingen. Met enige contacten, wat geld en vier dagen verblijf in Jerevan lukte het Tina een Armeens paspoort te bemachtigen voor haarzelf en voor Jacob.

Dat verhaal over dat Armeense paspoort bleek al snel niet te kloppen. Tina kreeg geen visum, ook niet op haar Armeense paspoort. Er restte haar niets anders dan een plek te kopen in zo’n gammel bootje naar Griekenland. De tocht was gevaarlijk en spannend. Met zeventig man zaten ze in het bootje. Na een half uur stopte de motor. Na een tijdje dobberen zagen ze in de verte een politieboot naderen. De motor startte gelukkig weer en zo landden ze op het Griekse eiland Samos. Het was gelukt! Daarna volgde een reis in bussen en treinen, en soms uren te voet, door Europa. Uiteindelijk kwamen Tina en Jacob in november 2015 aan in Nederland, waar ze opgevangen werden in het vluchtelingenkamp Heumensoord, bij Nijmegen.

Ik woon vanaf mijn studietijd in Nijmegen. Regelmatig wandel ik door de prachtige bossen in Heumensoord, aan de zuidgrens van Nijmegen. Maar in 2015 was het er ineens erg druk. Meer dan drieduizend mannen, vrouwen en kinderen van allerlei nationaliteiten woonden hier, dicht op elkaar gepakt in haastig opgebouwde noodruimtes. Waar wij eerst het wereldnieuws van vluchtelingen op tv in onze huiskamers zagen, kwamen wij ze nu hier van heel dichtbij in levenden lijve tegen.

Ons gezinnetje schaarde zich bij de hausse van initiatieven die loskwamen in onze stad, om de vluchtelingen welkom te heten. Zo leerden we de jonge Mouhamad kennen, uit Aleppo, die inmiddels studeert in Wageningen. En de goedlachse Haitham, 63 was hij bij aankomst, die steeds moest huilen als hij een filmpje liet zien van zijn kinderen die achtergebleven waren. Haitham verhuisde naar Rotterdam. Na ruim een jaar kwamen zijn vrouw en twee kinderen over. In januari kreeg hij zijn permanente verblijfsvergunning. En dan waren er nog de jongens en meiden uit Eritrea met weer heel andere verhalen. Het wereldnieuws zat ineens bij ons aan de eettafel.

Als eerste journalist maak ik in het geheim opnamen in het kamp Heumensoord voor Argos, het onderzoeksprogramma van NPO Radio 1, waar ik in die tijd eindredacteur van ben. Het is mijn eerste reportage gemaakt met een iPhone. Dat is handig omdat ik daardoor ongezien opnamen kan maken. Alleen met een afspraak met een bewoner kom je langs de beveiliging van het kamp. Mouhamad laat mij de slaapzaal zien, waar hij samen met Haitham, Feras en nog vijf andere Syriërs in stapelbedden slaapt. Hun slaapruimte is met lappen gescheiden van precies zo’n slaapkamer naast hen. En daarnaast weer een. Negentig (!) vluchtelingen in één grote tent. Dat is niet helemaal wat Mouhamad zich van Europa had voorgesteld, om zo weggestopt te worden in de bossen.

Later zouden de omstandigheden in Heumensoord, mede door de regen, de modder, de kou en de flapperende tenten, door de Nationale Ombudsman en het College voor de Rechten van de Mens als ‘mensonwaardig’ worden bestempeld. Maar voorlopig moesten ze het ermee doen. Ook Tina en Jacob. En, ach, het was geen pretje, maar ze waren in Europa! In Nederland! En ze zouden toch ooit wel ergens een huisje en misschien werk kunnen krijgen? En Jacob kon weer naar school. Dat werd al mogelijk toen hij een aantal maanden in Heumensoord woonde.

Ik heb het hele dossier van Tina en Jacob mogen inzien. Deels hebben we er zelf aan bijgedragen door stukken te leveren voor rechtszaken of mee te denken met de advocaten.

Het eerste gehoor vindt plaats in de zomer van 2016. Dat is bijna een jaar na aankomst. Normaal duurt dat niet zo lang maar de ind is overvallen door de grote hoeveelheid vluchtelingen. Tina vertelt haar verhaal. Een verhaal dat zoveel Syriërs in die dagen vertellen. Tina had een kantoorbaan bij Nestlé in Damascus. Ze woonde bij haar ouders. Haar man, de vader van Jacob, is gestorven voordat Jacob geboren werd. Tina was een heel jonge moeder. De feitelijke opvoeding werd door haar moeder gedaan. Jacob beschouwde Tina als zijn oudere zus. Vlak voordat Tina besloot Jacob en zichzelf in veiligheid te brengen moest ze eerst nog aan Jacob vertellen dat ze niet zijn zus maar zijn moeder is. Dat ze nu haar verantwoordelijkheid nam en dat ze naar Europa gingen.

Tina’s moeder was twee jaar eerder naar Europa gereisd, op bezoek bij haar broers die hier in Nederland wonen en werken. Toen de oorlog in Syrië uitbrak besloot moeder om in Nederland te blijven. Ze vroeg asiel aan voor haarzelf, haar zoon en haar meegereisde moeder. Dat asiel kregen ze.

Enkele weken later vindt het tweede gehoor plaats. De ind heeft ontdekt dat Tina eerder heeft geprobeerd met een Armeens paspoort een visum aan te vragen. Hoe kan dat? Is ze nou Syrische of Armeense? Tina legt uit dat ze geprobeerd heeft de moeilijke reis over zee te vermijden, maar dat dat niet is gelukt. Ze is geboren en getogen in Syrië, zoals haar hele familie. Ze maken daar deel uit van de Armeens-christelijke gemeenschap. Ze spreken, naast Arabisch, wat de hoofdtaal is, West-Armeens, een taal waarmee je nu in Armenië niet meer terecht kunt. Tina is precies vier dagen in Armenië geweest, in Jerevan, om hun paspoort te regelen.

In augustus 2016 krijgt ze bericht van de ind. Haar asielaanvraag wordt afgewezen! Dat is schrikken. Alle Syriërs krijgen een verblijfsvergunning voor vijf jaar. Nederland stuurt oorlogsvluchtelingen toch niet terug naar de oorlog? Nee. Maar hier stuiten we op de kern van het Nederlandse vluchtelingenbeleid. Nergens is te lezen dat er een afweging wordt gemaakt over de reden van het Armeense paspoort, of over de familieomstandigheden van Tina en Jacob. Nee, het Nederlandse beleid is zo dat áls de ind een mogelijkheid ziet om een verblijfsvergunning te weigeren, ze dat doen. Bij Tina en Jacob schuilt het gevaar in hun Armeense paspoort. Armenië geldt als een veilig land van herkomst. Dus ga daar maar naartoe.

De ontreddering is groot. Kamp Heumensoord is inmiddels opgeheven. Tina en Jacob worden door het Centraal Orgaan Opvang Asielzoekers(coa) eerst in de Blauwe Stad, in Groningen, geplaatst, daarna in Doetinchem en ten slotte in het azc in Grave. Zo gaat dat met vluchtelingen. Gelukkig zitten ze dan wel weer even in de buurt van Nijmegen.

In september dient een beroep van Tina bij de rechtbank in Middelburg en een maand later een hoger beroep voor de Raad van State. De rechters zijn het met de ind eens. Juridisch valt er geen speld tussen te krijgen, Tina en Jacob krijgen nog drie dagen om hun spullen te pakken in Grave en dan staan ze op straat. Vanaf dat moment zijn Tina en Jacob illegaal in Nederland.

Het riekt naar rechtsongelijkheid. De IND heeft maar wat gedaan, zo lijkt het

Bij Argos hebben we jarenlang ervaring met onderzoeksdocumentaires over vluchtelingen en ik heb vaak genoeg gezien dat vreemdelingenadvocaten enorm in kwaliteit verschillen. Deze situatie vraagt om een heel goede advocaat. Wil Eikelboom uit Amsterdam is een heel goede. Hij is voorzitter van de vajn, de Vereniging Asiel-advocaten & -Juristen Nederland. Eikelboom ziet nog een mogelijkheid. Omdat Tina inmiddels haar Armeense paspoort heeft ingeleverd bij de Armeense ambassade en afstand heeft gedaan van de Armeense nationaliteit kan ze een nieuw asielverzoek doen.

Intussen nemen we met een aantal vrienden in Nijmegen die zich hun lot aantrekken de verzorging op ons. Tina en Jacob komen eerst drie maanden bij ons in huis. Daarna is er zicht op een flat van een vriend die ze kunnen gebruiken. Tina krijgt van ons allen een bescheiden maandelijkse toelage. Dan is er ook nog de Voedselbank.

Makkelijk is het niet, maar het lukt. In 2018 accepteert de Armeense ambassade haar verzoek. Tina heeft nu alleen nog haar Syrische paspoort. In mei 2018 dient advocaat Eikelboom haar hernieuwde asielverzoek in. In november, een half jaar later, krijgt Tina weer een gehoor bij de ind. Dezelfde dag volgt het besluit: afgewezen! Tina en Jacob kunnen blijkbaar een Armeens paspoort krijgen. Armenië wil jullie hebben. Dus: ga daar maar naartoe.

Eikelboom dient een beroep tegen die afwijzing in bij de rechtbank in Haarlem. En zie: grote vreugde, de rechter oordeelt dat het niet wenselijk is om Tina en Jacob naar een land te sturen waar ze nooit gewoond hebben. Letterlijk zegt de rechter in het vonnis dat ‘verweerder (= de IND – kvdb) (…) onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat er sprake is van een band met Armenië (…) zodanig dat het redelijk is voor eisers om daar naartoe te gaan’. De rechter vindt het feit dat ze de Armeense nationaliteit hebben gehad niet voldoende, te meer daar ‘eisers (= Tina en Jacob, kvdb) (…) het paspoort alleen hebben aangevraagd omdat zij veilig uit het land van hun verblijf, Syrië, wilden vluchten’. De rechtbank beveelt de ind om een nieuw besluit te nemen. Het is dan ondertussen 19 december 2019.

Eindelijk. Tina en Jacob worden gehoord. De rechter erkent dat Tina de Armeense nationaliteit alleen wilde hebben om weg te komen uit de oorlog in Syrië. De vreugde duurt precies vier weken. Op de laatste dag dat het nog kan krijgen we bericht dat de ind tegen de uitspraak van de Haarlemse rechter in beroep gaat bij de Raad van State.

Op 7 oktober 2020 komt de uitspraak van de Raad van State. Tina en Jacob mogen naar Armenië gestuurd worden. Want ze heeft een Armeens paspoort gehad. En: ‘De staatssecretaris heeft er terecht op gewezen dat de vreemdeling etnisch Armeens en Armeens christen is.’ En: ‘De staatssecretaris heeft (…) terecht geen doorslaggevende betekenis toegekend aan de door de vreemdeling aangevoerde omstandigheden dat ze nooit in Armenië heeft gewoond en daar geen familie heeft.’ Dus het gegeven dat Tina en Jacob afstammen van uit Turkije gevluchte Armeense christenen weegt zwaarder dan het feit dat ze nooit in Armenië geweest zijn en daar niemand kennen. Het is niet eens een zuiver juridisch argument, het is een soort inschatting: je kent het land dan wel niet, maar etnisch hoor je er thuis.

De ind wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen over hun herhaalde asielverzoek. Maar ze mogen hen naar Armenië sturen. Dat hebben ze al twee keer eerder besloten. Het wachten is nu tot dat besluit op de mat valt. Nergens, maar dan ook nergens in deze hele procedure, heeft de ind of een van de rechters meegewogen dat Tina en Jacob niet zomaar naar Nederland zijn gevlucht. Moeder, oma, een broer en twee ooms wonen hier al. Die zijn inmiddels zelfs genaturaliseerd.

Vroeger bestond er nog de discretionaire be-voegdheid van de staatssecretaris. Dan zouden we een beroepsschrift bij de huidige vvd-staatssecretaris, mevrouw Broekers-Knol, kunnen proberen. Maar het kabinet-Rutte III heeft die mogelijkheid afgeschaft. Dat was een voorwaarde voor de vvd om akkoord te gaan met een tijdelijke verruiming van het kinderpardon. Misschien was het niet zo verstandig van de ChristenUnie en D66 om die mogelijkheid weg te geven, maar het is gebeurd.

‘Dat was inderdaad niet verstandig’, zegt ook Jasper van Dijk, Tweede-Kamerlid voor de SP, als ik hem de zaak van Tina en Jacob voorleg. Van Dijk stelde eerder Kamervragen over het lot van de Armeense Syriërs. ‘Juist in dit geval zou de discretionaire bevoegdheid uitkomst kunnen bieden en kan de staatssecretaris anders beslissen dan de strikt legalistische route van de ind.’

Toch is er nog een heel klein sprankje hoop voor Tina en Jacob. Dat is een ingewikkeld verhaal. Tina en Jacob vormen een onderdeel van een groep van ongeveer honderd Armeense Syriërs die naar Nederland gevlucht zijn. De meesten van hen kregen een verblijfsvergunning omdat ze gevlucht waren voor de oorlog in hun land. Totdat de ind op een of andere manier informatie kreeg uit Vision, een informatiesysteem waarin visumaanvragen worden bijgehouden. Een ietwat krakkemikkig systeem – Wil Eikelboom had er nog nooit van gehoord – waar geen pasfoto’s of vingerafdrukken bij zitten. Alleen namen en geboortedata.

In Zwolle huist de dienst Herbeoordelingen van de ind. Die dienst stuurde aan de honderd Armeense Syriërs wier namen in Vision stonden een brief met het voornemen om hun verblijfsvergunning in te trekken. Dat lijkt me nog erger dan wat Tina en Jacob meemaken. Deze mensen hadden een verblijfsvergunning en zijn bezig hun leven hier op te bouwen en krijgen dan ineens bericht dat die weer ingetrokken dreigt te worden. Daar komen advocaten bij, beroepsprocedures, rechtszaken. Bij dertig van die gevallen is Wil Eikelboom de advocaat.

En nu komt het bizarre. In de helft van die dertig zaken van Eikelboom eindigt de rechtsgang in een definitieve intrekking van de verblijfsvergunning. Maar bij vijftien andere niet. Die mensen mogen hun verblijfsvergunning houden. En, hoe Eikelboom ook zijn best doet, hij ziet daar geen logica in. Het riekt naar rechtsongelijkheid. De ind heeft maar wat gedaan, zo lijkt het.

Om die rechtsongelijkheid voor de rechter aan te tonen moet Eikelboom de informatie van de groep van vijftien die wél mogen blijven, voorleggen aan de rechter. Eikelboom stuurt alle vijftien een brief. Geven jullie toestemming om de informatie uit jullie dossiers te gebruiken bij de rechtbank? Maar de schrik zit er goed in bij deze groep. Hun verblijfsvergunning is al eens afgepakt. Ze willen de ind niet kwaad maken. Veertien van hen weigeren toestemming.

Rest nog één mogelijkheid. Eikelboom anonimiseert de dertig dossiers. Laat een collega-advocaat verklaren dat er in de dossiers niks is weggehaald of toegevoegd maar dat alleen de namen zijn weggelakt. Die geanonimiseerde dossiers liggen inmiddels in twee zaken bij de rechtbank. De ind heeft al laten weten dat ze hier niet op kunnen reageren. Ze weten immers niet om wie het gaat. Eikelboom: ‘Als ze in de computer als zoekterm mijn naam intypen en “herbeoordeling”, dan komen die dertig zaken er zo uitrollen. Maar dat wil de ind niet.’

Dan is er goed nieuws. 15 februari oordeelde de rechtbank Haarlem dat er inderdaad sprake lijkt te zijn van rechtsongelijkheid. Hij accepteerde de geanonimiseerde dossiers als bewijs ‘(…) nu de gemachtigde van eisers genoegzaam heeft gemotiveerd waarom er volgens hem sprake is van gelijke gevallen die ongelijk worden behandeld’. En vernietigt daarmee het besluit van de ind om de Syrische asielzoeker geen asielstatus te verlenen. Dit vonnis is definitief. De ind heeft de tijd om in hoger beroep te gaan laten passeren.

Achter de schermen gebeurt er nog van alles. De pastor van de Armeense christenen in Almelo zet zich ook in voor deze groep. Tot nog toe zonder resultaat. Jacob zit inmiddels op de havo, in de eerste klas. Hij is een goede en gemotiveerde leerling. Er is sprake van dat hij misschien wel naar het vwo kan doorstromen. Hij zit op breakdance, heeft vriendjes, kortom, het gaat goed met hem. Behalve dan dat hij soms ’s nachts wakker ligt vanwege de onzekere toekomst. De dreiging dat hij straks weer moet vluchten, naar Armenië.

Tina en Jacob hebben drie mogelijkheden: terug naar Syrië, waar de oorlog nog steeds woedt en waar ze van vader en broer horen hoe het leven in Damascus in de oorlogseconomie steeds moeilijker wordt; of toch maar naar Armenië, waar onlangs een oorlog uitbrak met Azerbeidzjan om de zeggenschap over Nagorno Karabach, óf illegaal in Nederland blijven. Ze kunnen niet uitgezet worden, want ze hebben geen verblijfsvergunning voor Armenië, maar hier leiden ze een tamelijk uitzichtloos bestaan. Leven in een land waar je niet mag zijn en geen rechten hebt.


De naam van Tina is op haar verzoek gefingeerd