Menno Hurenkamp

Tit for tat

We beleven de stevigste ingreep in de verzorgingsstaat ooit. Twee argumenten grijpen in elkaar. Eén: het gaat economisch slecht. Twee: te veel mensen doen een beroep op de collectieve middelen. Dat lijken hooguit dezelfde argumenten. Als de economie nu was gegroeid, had geen politicus zich impopulair gemaakt door over het tweede punt te beginnen. De crisis die Wim Kok veroorzaakte in de PvdA door te snijden in de WAO was veroorzaakt door de recessie van 1992-1993, niet door de overtuiging dat het fout was geweest honderdduizenden industriearbeiders te laten afvloeien in een mooie regeling.

Het argument dat te veel mensen een beroep doen op de collectieve middelen verdient nadere studie. De veronderstelling is dat mensen op dit moment misbruik maken van de verzorgingsstaat. Nederlanders hebben een moraal van likmevestje. Alles tussen arbeidsongeschikten die werken in de klusserij en kinderbijslag-cashende overzeese remigranten is tegenwoordig normaal. De economische schade is niet helemaal te overzien, maar de wetenschap dat mensen vrijelijk misbruik maken van anderen zorgt voor ontevredenheid alom. De gedachte is dat als je de verzorgingsstaat individualiseert het misbruik afneemt. Mensen moeten zelf sparen voor het geval dat ze werkloos of arbeidsongeschikt worden. Dat markt mechanisme voorkomt dat capabele mensen ten onrechte een beroep doen op allerlei mooie voor het grijpen liggende voorzieningen. Het scheelt niet alleen geld: door het bewustzijn te herstellen dat je moet werken voor de kost zullen ook de lang gemiste normen en waarden weer dichterbij komen.

Dit is venijnige flauwekul. Mensen zichzelf laten verzekeren tegen werkloosheid ontneemt de staat de angst getild te worden. Mooi. Maar of ze er moreel juist door gaan handelen? Recent vergelijkend onderzoek in Engeland en Duitsland laat zien dat de middenklasse in die twee landen in grote meerderheid bereid is de staat te tillen. Ook verzekeringsbedrijven en de bakker op de hoek moeten vrezen voor de gewone man. De kans is groot dat hij, zodra je even niet oplet, zijn kans grijpt door een valse claim in te dienen of te veel ontvangen wisselgeld te houden. De gewone man rechtvaardigt dit door te verwijzen naar als zodanig ervaren pogingen van staat en ondernemers hem te tillen — tit for tat. Naar schatting richt de Engelse middenklasse zo jaarlijks voor veertien miljard pond schade aan: vijf keer zo veel als de kosten van inbraak aan de andere kant van het Kanaal.

Kortom, het marktmechanisme is een nuttig organisatieprincipe, maar het lokt niet uit tot net gedrag of tot maatschappelijke betrokkenheid. De kans dat een volledig particulier verzekerde werknemer zich ziek meldt en vervolgens vijf jaar ziek blijft, is vermoedelijk kleiner dan deze nu is. Maar de mogelijkheid dat hij zich op een betere manier tot zijn medemensen verhoudt, neemt net zo makkelijk toe als af. Hij kan over zijn ziekte suggererende buurman niet anders meer dan zijn schouders ophalen, waar hij zich voorheen nog aan hem kon ergeren. Hij voelt zich verantwoordelijk, maar alleen voor zichzelf. Mensen beoordelen elkaar niet meer als iedereen zijn eigen boontjes dopt, ze negeren elkaar. Dat de regering-Balkenende de suggestie wekt dat de huidige bezuiniging twee vliegen in één klap is, is een retorische truc, die afgestraft zal worden door een verdere versplintering van de publieke moraal.