Buitenland

Toekijken

Een veelzeggende scène over de nieuwe wereld waarin we leven voltrok zich afgelopen weekend. Hoge Amerikaanse functionarissen keken toe terwijl andere landen zonder hen overlegden over de grootste oorlog van dit moment (Europese trouwens ook). Op een topontmoeting in Teheran probeerden de presidenten van Rusland, Iran en Turkije, deels live op tv, het oplaaien van de oorlog in Syrië te voorkomen. Vanuit Washington, waar de meeste kijkers hadden afgestemd op de realityshow Crazytown in het Witte Huis, kwam niet eens een officiële reactie op het mislukken van het overleg.

Wel overlegde de Duitse regering over de mogelijkheid, schreven sommige Duitse media onder voorbehoud, om de Syrische regering met een militaire vergeldingsactie te straffen als zij opnieuw chemische wapens zou gebruiken tegen haar bevolking. Dat zou nog eens een primeur zijn voor de nieuwe eeuw.

De top in Teheran was minder spectaculair, maar evengoed opvallend. Een paar jaar geleden zou het onvoorstelbaar zijn geweest dat de VS niet bij zo’n ontmoeting aanwezig waren. Zestig jaar geleden kondigden de VS officieel aan (via de Eisenhower-doctrine) dat zij het Midden-Oosten als hun achtertuin beschouwden. Sindsdien liepen er miljoenen Amerikaanse soldaten door de regio en intervenieerden, bombardeerden en liquideerden de VS erop los. Niet in Syrië, weliswaar. Zowel Trump als Obama hield afstand tot het conflict. Maar hoe achteloos de huidige regering de Amerikaanse machtsrol achter zich laat, gaat weer een stap verder.

Syrië zou wel wat betrokkenheid kunnen gebruiken. De top tussen Rusland, Iran en Turkije was een halfslachtige poging om een veldslag te vermijden om de noordwestelijke provincie Idlib. Daar dreigt ‘de ergste humanitaire catastrofe van de 21ste eeuw’, volgens de VN-chef voor humanitaire zaken. Drie miljoen mensen zijn opgesloten tussen de Turkse grens, die is afgesloten, en het leger van de Syrische regering, dat wordt bijgestaan door Iran en Rusland. Hulporganisaties vrezen dat opnieuw achthonderdduizend vluchtelingen op drift zullen raken – waarheen, dat weet niemand.

Reken helaasmaar op gifgas in Idlib

Naar schatting de helft van de mensen in Idlib komt uit andere delen van Syrië. Tienduizenden kwamen in buskonvooien, door de linies van Assad heen. Zo’n konvooi kwam aan in december 2016, uit Aleppo. Toen die stad viel, onderhandelden sommige strijdgroepen hun transport naar Idlib, in ruil voor hun gebied. Net zo’n deal bracht een jaar geleden strijders en burgers uit Homs. In maart dit jaar uit Oost-Ghouta. Nu heeft het Syrische leger hen opnieuw omsingeld, en hebben zij nergens meer om naartoe te gaan. Veel strijders zijn vastbesloten zich dood te vechten. En dat zal waarschijnlijk ook gebeuren, want het Syrische leger heeft beschikking over meer mannen, meer wapens, over Russische en Iraanse elitetroepen en hun luchtmacht.

De rebellengroepen hebben wel hun geloof. De meeste strijdgroepen in Idlib zijn radicaal-islamistisch, en de sterkste onder hen is al-Qaeda-filiaal Hayat Tahrir al-Sham. Het offensief tegen Idlib is daarom voor de Russische regering een antiterreuroperatie. ‘We hebben terroristen gedood, we doden ze nu en we zullen ze doden’, zei een Kremlin-woordvoerster het afgelopen weekend. Dat lijkt een aankondiging dat Idlib op dezelfde wijze zal worden onderworpen als Aleppo en Oost-Ghouta eerder. En dat betekent: met inzet van zulk bruut, grootschalig en onverschillig geweld dat het onafhankelijke hulporganisaties radeloos en verbijsterd maakt; met het wegwuiven van elk bericht over burgerdoden als ‘nepnieuws’; met het bestoken van internet met zoveel oncontroleerbare beelden en informatie dat niets uit Idlib meer zeker lijkt. Reken helaas maar op gifgas: verschillende betrokken partijen zeggen ‘onweerlegbaar bewijs’ te hebben dat de tegenstander een aanval met chemische wapens voorbereidt.

Toen het Midden-Oosten vijftien jaar geleden in brand werd gezet door Amerikaanse neocons met swagger en maling aan de rest van de wereld, leken de meeste alternatieven opeens een stuk aantrekkelijker. Dit alternatief, waarbij Rusland en Iran het Midden-Oosten regelen, terwijl Washington een nieuwe show met Kim Jong-un optuigt en theater maakt tegen het Internationaal Strafhof, en iedereen een humanitaire ramp ziet aankomen, is in ieder geval geen haar beter.