Totale waanzin

Inlichtingen: 00-3225022442
Beeldbeschrijving. Links een serie tafels. Daarop: een stel ouderwetse draaitafels. Rechts achter een soort muur. Stapels kranten. Veel groentestronken (kool?). Er wordt een ouderwetse fauteuil het toneel opgedragen. Het licht is nog gedimd. Een acteur leest in een microfoon van een papier statistieken voor. Kern van de cijfers: er zijn in de voorbije decennia veel Belgen uit Brussel verdwenen, en er zijn veel buitenlandse mensen in Brussel komen wonen. Populistisch? Nee, het is een vaststelling.

Wat volgt is harde muziek. In de fauteuil heeft ondertussen een meneer plaatsgenomen. Hij is keurig in maatkostuum. Hij ratelt teksten. Ik hoor iets als: ‘Kut, kut, kut, kut - nooit meer drie uur vliegen naar Hamburg voor een uur kindertoneel.’ We herkennen Liefhebber, een toneeltekst van Gerardjan Rijnders. Monoloog van een criticus, die zich erover beklaagt dat het toneel geen binding meer heeft met de realiteit. Terwijl hij zijn filippica uitspuugt, speelt zich voor zijn neus een griezelige werkelijkheid af - die van zijn eigen ontwrichte gezin. Zoon: junk. Vrouw: hysterisch. De voorstelling - in de regie van de auteur - was indertijd hyperrealistisch. Kookplaten, junkspuiten, neukscenes, moord & zelfmoord.
Hier is van realisme geen sprake. Alleen die tekst. En een koor, dat vanaf de muur rechtsachter staccato de enige tekst zegt die niet van de criticus komt: de verwijtende kreet ‘Pa!!’ Nu komen er twee gebruinde rappers op. Ze ‘rappen’ een tekst. Ik versta slechts flarden. ‘Ik zou zo graag willen dat de lach op mijn gezicht echt zou zijn/ en niet het masker van een ongeduldig kind.’
Langzaam maar zeker begin ik verknocht te raken aan dit anarchistische antwoord op goede smaak en politieke correctheid. De chaos op het podium is ondertussen verontrustend geworden. De meneer in de fauteuil schreeuwt onvermoeibaar door. Hij heeft het nog steeds over de wereldvreemdheid van het ‘toneel-toneel’. Iedere keer als hij die term uitbraakt, verkrampt zijn lijf in een steeds hoekiger pose. Het mooie is dat hij in zijn eentje zit te demonstreren dat ‘toneel-toneel’ ongelooflijk prachtig kan zijn, zeker als er een vakman als deze ‘toneel-toneel’-speler aan het werk is. Zo een compleet kaalgeslagen versie van die prachtige Liefhebber, nooit durven dromen dat die er ooit nog eens zou komen! Naast de man in de fauteuil staat een jonge vrouw, die wanhopig probeert rust te creeren. Verspilde moeite. Er worden kranten verscheurd, er wordt met groenten gesmeten. Dit is de totale waanzin.
Ziehier een poging tot beeldbeschrijving van een voorstelling waar ik zeldzaam vrolijk van werd. Hij heet Les Fruits de l'arbre maudit - Fruit van rotte bomen. Gespeeld door het Brusselse gezelschap Dito'Dito. Ik geloof dat hij nergens meer te zien is. Of dat iets te maken heeft met het feit dat de kranten (althans de Nederlandse) er gehakt van hebben gemaakt, weet ik niet. Ik hoop van niet, want Fruit van rotte bomen verdient veel gulzige, vraatzuchtige toeschouwers. Het lawaai en de beweging van de straat en de naar binnen gekeerde cultuur van het ‘toneel-toneel’: ze zijn zich in deze voorstelling op een enerverende manier met elkaar gaan bemoeien. De anarchie wordt af en toe stilgezet. Door Nedjami Hadj. Ze stelt ons bijna gerust. Door te vertellen dat het nog veel krankzinniger kan dan hier. In Algiers bijvoorbeeld, haar stad. ‘Ik schaam me omdat ik onbezorgd geweest ben/ terwijl hier alles een strijd is./ Soms lijkt de “andere wereld” mij denkbeeldig, zo banaal is de waanzin hier geworden./ Voedingsbodem voor een bloederige alledaagsheid.’
De collectieve smaak is een vreemd iets. Vorig seizoen liep men massaal storm voor Moeder en kind, het portret van een familie die achter hun shabby voordeur het leven naar eigen hand heeft gezet. Dito'Dito zet in Fruit van rotte bomen alle beschikbare deuren en ramen tegen elkaar open. Het tochtte behoorlijk. Maar het friste ook wel lekker op.