Toveren met een appeltje

Gezondheidsvoorlichting in Nederland komt neer op paniekverhalen of op simplistische blijde boodschappen. Zo moeten we van onze overheid al enige tijd letten op vet, terwijl het verband tussen cholesterol en het risico op hart- en vaatziekten bij verder gezonde volwassenen nog altijd niet eenduidig is.

Volgens de meest recente campagne moeten wij ons ‘uitleven’ met groenten en fruit. Als we allemaal 200 gram groenten en 200 gram fruit per dag tot ons nemen - veel meer dan we nu doen - gaan de statistieken jaarlijks zo'n 8100 minder hart- en vaatpatiënten en 12.000 minder kankergevallen tellen.
Wageningse onderzoekers hebben een meta-analyse losgelaten op honderden studies naar het verband tussen het eten van groenten en fruit en het voorkomen van ernstige ziekten. De ene studie spreekt de andere tegen, maar alles bij elkaar opgeteld en afgetrokken menen ze ons te moeten wijsmaken dat we kunnen toveren met een appeltje.
Onzin natuurlijk. Aan het ontstaan van kanker liggen heel wat meer en ingewikkelder factoren ten grondslag dan alleen voeding. Bovendien halen dit soort campagnes nauwelijks iets uit. Nederland eet nog steeds te vet, en paft er lustig op los. Voorlichting moet je vooral geven aan jongeren, maar die denken niet aan kanker. De sigaret, die echte grote kankerveroorzaker, is voor hen een statussymbool. Een appel is voor softies. Te vrezen valt dat van dit epidemiologisch gegoochel met cijfers niemand, zelfs niet de Westlandse tuinder, beter zal worden.