MUZIEK

Traploze elasticiteit

Parsifal

Parsifal is de enige Wagner-opera die je nooit zachter hoeft te zetten. Hysterisch luid is Wagner in zijn laatste drama nergens. Met het theaterspektakel van een Walkürenritt of Siegfrieds Tod is hij klaar. De tragiek is gedempt, het tempo traag, de toon op de rand van verslagen. Ernst Bloch sprak van een ‘metafysisch adagio’; Louis Andriessen hoorde 'een eigenaardig soort verhevenheid, het losraken van het direct expressieve’. Goed gezegd. Parsifal is zo indringend omdat het naar ervaringen verwijst die zich tegen elke vorm van weergave verzetten. Als het iets uitdrukt, en bewust, is het de afstand tot een utopie. Wagner vertelt wat hij had willen kunnen uitspreken, bestaansvragen die geen muziek bereikt. Tegen de stroom van defaitisme in hoor je hem hoopvol blijven.
Dit is een semi-seculiere Passie over het gevecht tussen lichaam en geest. Het lichaam is de lust, de geest een droom van reinheid, de mens speelbal van beide, zijn moraal een impotente scheidsrechter. In Parsifal dreigt een gemeenschap van graalridders te bezwijken nadat hun leider Amfortas, hoeder van de graal, zijn kuisheidsgelofte heeft gebroken voor de verleiding des vlezes. De rancuneuze tovenaar Klingsor - door Amfortas ooit als graalridder geweigerd - lokt hem in de val, verwondt hem, steelt zijn speer. Amfortas staat voor de onteerde mens die het op eigen kracht niet goed kan maken. Zijn geloofsgebouw heeft geen brandtrap. Het maakt hem zo meelijwekkend dat alleen het mededogen van een niet door institutionele mores aangetaste buitenstaander hem kan redden. Dat doet Parsifal, de reine dwaas die de mens aanvaardt zoals hij is. Hij brengt de speer terug en geneest Amfortas. Gratis. Zomaar.
Zo zou dit Bühnenweihfestspiel een parabel kunnen zijn over het Hollandse cultuurlandschap. De Nederlandse graalgemeenschap is dan een door de politiek ontheiligde muzieksector die na jaren van beschaafde knievallen wordt afgeslacht door de Klingsors in en rond Rutte I. Alleen ontbreekt een Parsifal. Maar misschien is Jaap van Zweden dat, op zijn manier. Hij redt niet de cultuur, maar wel de eer. De mens Van Zweden is niet rein, de musicus des te meer. Ik denk niet dat hij meters Parsifal-lectuur heeft verslonden. Hij heeft gehoord waar het in de muziek om gaat: melancholie over de condition humaine, hoopvol vergroeid met een verlangen naar verlossing. Kijk, daar is kunst voor.
De cd-opname van zijn Parsifal met het Radio Filharmonisch Orkest, het Groot Omroepkoor, het State Male Choir 'Latvija’ en deels grandioze solisten, in december 2010 de concertante sensatie van het jaar in de ZaterdagMatinee, is een moreel appèl aan een systeem dat banken en staten met miljarden pampert maar de kunstsector voor een lousy tweehonderd miljoen verkwanselt aan de reaguurderskaste. De tegenwerping dat het RFO en het Groot Omroepkoor niet worden opgeheven gaat niet op. Wat hun prestaties op dit niveau mogelijk heeft gemaakt is nu juist een cultureel idealisme dat beide MCO-ensembles uit de wind van de markt hield, zodat een dirigent in Hilversum kon repeteren tot hij klaar was. Het staat symbool voor wat nu ook in omroepland zwaar onder druk staat, een cultuur van parsifaliaanse onbaatzuchtigheid.
Dit is in één klap een van de beste Parsifals op de cd-markt. Wat heeft Van Zweden ongelooflijk intensief gewerkt aan de orkestklank. De voor Parsifal typerende, gedekte mixturen van blazers en strijkers glijden met traploze elasticiteit in elkaar over. De strijkers schrijnen bitterzoet, met hartverscheurende reserve. Hun klank bolt op als een ballon, net genoeg lucht om zwaar te blijven zweven. Van Zwedens ritmische standvastigheid blijkt bovendien voortreffelijk bestand tegen Wagners vertragingsstrategieën - een kunst op zich, met elke stap slow motion. Vergeet de zangers ongeacht hun gaven allemaal, behalve de bas Robert Holl, de Nederlandse Gurnemanz van deze Parsifal. Dit is een van zijn grootste vertolkingen. Geen zanger meer; een cantor. Elk woord en elke toon zijn heilig. Dit zijn de mensen van wie we het moeten hebben. Ze zijn er heus.

Jaap van Zweden, Wagner, Parsifal, label: Challenge Classics