Trappetje

Later in de schoolboeken zal ook worden geschreven over wat eens de Generatie Nix heette. Wellicht zullen de opvoeders proberen die literaire ontwikkeling een plek in de geschiedenis te geven, een omgeving, een context. Dan zal men zelfs de Generatie Nix als tijdverschijnsel kunnen duiden.

Een van de zinnigste artikelen over het fenomeen was van Xandra Schutte: ‘Kijkend naar het eigen achterhoofd’. Daarin schrijft ze over de 'groep’ jonge Nix-auteurs: 'In hun boeken en in interviews schilderen zij nauwgezet de tijdgeest en spreken zij onbekommerd met de stem van “hun” generatie; tegelijkertijd zijn zij huiverig voor al te makkelijke etikettenplakkerij door de journalistiek. (…) Zij zien hun achterhoofd, zij objectiveren. Zij hebben allen de neiging om met een overdosis aan zelfbewustzijn hun personages en zichzelf stevig in deze tijd te verankeren.’
Het eigen achterhoofd als tijdverschijnsel. Schrijvers die niet in staat zijn zichzelf los te zien van de geschiedenis waarvan ze deel uitmaken, of van de culturele context waarin en waarvan ze een element zijn.
Een tijdverschijnsel?
Tentoonstellingen van jonge kunstenaars zitten barstensvol egodocumenten. Kunst over zichzelf als kunstenaar over zichzelf. Kunst van een afstand. Met een trappetje. Om een trede, een niveau hoger te kunnen klimmen dan de werkelijkheid, of de eigen persoon, op zich.
Meta-kunst.
Meta-schrijven.
Meta-literatuur.
Meta-cultuur. Deze onze tijd: de tijd van het keukentrappetje. Steeds een stapje hoger.
Zoals de opening van het nieuwe seizoen bij Perdu, al meer dan tien jaar de enige literaire trendsetter: een avond over kitsch. Over kitsch. Hoe mooi ook aangekleed, hoe sfeervol ook, de zaal ademde afstand. Intellectuele afstand. We doen iets na, en we weten dat we het nadoen want we zijn het niet zelf. En toch was het bloemetjesbehang uitverkocht. In de winkel die Kitsch Kitchen heet of zo en die kitsch verkoopt met een knipoog, aan mensen die met een knipoog van kitsch houden. Die met een knipoog leven, lijkt het.
Echte schrijvers lazen voor op een kitsch-achtige manier over kitsch-achtige personages, in een kitsch-achtige stijl. Omdat ’t serieuze schrijvers waren. Ze zetten een kitsch-hoofd op. Beklommen het trappetje.
Het ik wordt steeds kleiner, raakt bedekt onder een laag en nog een laag van weten. Ironische distantie. Kunst over een idee over kunst over een idee. Probeer daaronder de schrijver maar te vinden. Misschien ontwaar je ergens tussen de intellectuele dubbele bodems nog zijn achterhoofd. Waar hij zelf naar kijkt. Nek in de knoop.