H.J.A. Hofland

Triomf van de denkbeeldige eenvoud

Na door het Hooggerechtshof tot president te zijn bevorderd is George W. Bush – met een negatief mandaat van ongeveer een half miljoen stemmen – 46 maanden geleden aan zijn conservatieve revolutie begonnen. Toen leken de Amerikanen in een eindeloze periode van vrede en stijgende welvaart te leven. Ongeveer de helft nam de moeite zijn stem uit te brengen.

Nu is de natie in oorlog. Tegen het internationaal terrorisme waarvan de regering verzekert dat het ieder ogenblik kan toeslaan als de paraatheid verslapt, en tegen de tastbare vijanden in Irak die op alle mogelijke manieren proberen de strijdkrachten het leven onmogelijk te maken. Er is een heftige campagne gevoerd. De opkomst is veel en veel groter dan vier jaar geleden. Op het moment dat ik dit schrijf staat het nog niet vast of Bush zijn tweede termijn wint. Maar in ieder geval is de popular vote nu met ongeveer viereneenhalf miljoen stemmen in zijn voordeel. Als hij zijn 270 kiesmannen krijgt, begint hij zijn tweede ambtstermijn met een ruim mandaat tot voortzetting van zijn revolutie.

De president heeft zijn populariteit te danken aan de eenvoud van zijn boodschap. Op 11 september 2001 is Amerika door de terroristen aangevallen. Die zullen we voor het gerecht brengen of doden, of beide. De oorlog tegen het terrorisme, daar gaat het om. «Bush is verslaafd aan 11 september», schreef een columnist van The New York Times een paar weken geleden. Hij had en heeft gelijk. In de kritische media kunnen de tegenstanders, de deskundigen, schrijven wat ze willen. Dat Irak een moeras is en een broedplaats van nieuw terrorisme, hoe de Amerikanen zich daaruit met de geringste schade kunnen terugtrekken, dat het voor Washington hoog tijd is om zich wat nader met Israël en Palestina te bemoeien, dat door Abu Ghraib en Guantánamo de goede naam van Amerika zwaar beschadigd wordt. Nog veel meer.

Niets mee te maken. De president zegt er geen woord over. Het gaat om de oorlog tegen de terroristen en die zullen we winnen. Van al-Qaeda is al 75 procent vernietigd en de rest is op de vlucht. En verschijnt Osama bin Laden op een videobandje, dan hoef je niet lang op de tekst te studeren of je weet dat hij uit een positie van zwakte spreekt.

Bij Bush zijn vorm en inhoud één. Zijn manier van bewegen, zijn mimiek, woordkeus en intonatie, alles draagt de signatuur van de directe eenvoud. En alles is op een of andere manier terug te voeren op 11 september.

Voor dit totaal van boodschap en verschijning is een grote meerderheid ontvankelijk, of meer: diep dankbaar. En daarbij heeft de president het geluk gehad dat hij John Kerry als tegenstander heeft getroffen. Die man spreekt in te lange zinnen, zijn argumentaties duren te lang, hij heeft een te lang gezicht dat op een of andere manier nooit echt vrolijk kijkt, geen optimisme uitstraalt. Drie jaar na 11 september blijkt dat de meeste Amerikanen in Bush nog altijd de man zien die ze nodig hebben.

Wij in Europa denken dat Bush en de zijnen, Donald Rumsfeld en Condoleezza Rice, Paul Wolfowitz, Douglas Feith, zich vergissen in de wer kelijkheid, vooral die van het Midden-Oosten. Zij zijn ervan overtuigd dat ze gelijk hadden door Irak aan te vallen, dat ze nu gelijk hebben door «de haarden van het zich steeds wanhopiger verwerend terrorisme» op te ruimen, en dat ze gelijk zullen krijgen door het verwoeste land tot een voorbeel dige democratie om te vormen. De eenvoud van Bush en zijn regering strekken ertoe, zoals ruimschoots bewezen is, dat de absoluutheid van hun gelijk niet voor tegenspraak vatbaar is. Voegt de werkelijkheid zich niet naar hun gelijk, dan is dat des te slechter voor de werkelijkheid, zou Hegel hebben gezegd.

De verkiezingsoverwinning van Bush, ook door de omvang, betekent de voortzetting van het unilateralisme. De resultaten daarvan in zijn eerste ambts termijn zijn de splitsing van het Westen, het zich uitbreidende moeras in Irak en het snel toenemende anti-Amerikanisme in de moslimwereld. Deze pre sident, heb ik geschreven, is meer dan een president. Hij is in de afgelopen drie jaar het logo van Amerika geworden. Daaraan valt nu de komende vier jaar niets te veranderen. Hij is een krachtige, overtuigde persoonlijkheid en dit is zijn karakter.

Voor Europa wordt het tijd om serieus te overwegen hoe het zich van dit Amerika, van de Amerikanen van Bush, kan distantiëren, voordat het verder wordt meegetrokken in het simplisme van deze poging tot wereldbeheer.